Vorige week had ik alles nog…

Vanmorgen zat ik op de bank in het park naast een arme zwerver: “Vorige week had ik alles nog”, zei hij, “een kok maakte mijn eten klaar, mijn kamer werd schoongemaakt, mijn kleren werden gewassen en ik had een dak boven mijn hoofd. Ik had toegang tot het internet, beschikte over een fitnessruimte en kon af en toe wel eens een stapje in de wereld zetten. Als ik eens een dagje lekker wou niksen, dan deed ik dat gewoon”. “Maar wat is er dan wel gebeurd”? vroeg ik. Drugs? Vrouwen? Gokschulden?

“Neen, antwoordde hij, ik werd ontslagen uit de gevangenis”.

Similar Posts

  • Een Held

    Een Belg komt bij Petrus aan de hemelpoort. Petrus vraagt hem of hij tijdens zijn leven op aarde ooit een goede daad gedaan heeft, waardoor hij zonder twijfel in de hemel thuishoort.
    “Ik kan mij wel zoiets herinneren”, zegt de Belg. “Ik passeerde een parkeerplaats langs de autosnelweg waar een groep Hell’s Angels bezig waren een paar vrouwen lastig te vallen. Ik riep dus dat ze daarmee moesten ophouden, maar dat hielp niet echt. Toen ben ik op de grootste Hell’s Angel toegestapt, heb hem van zijn motor gesleurd, hem op de grond gesmeten, een slag op zijn neus verkocht en zijn neuspiercing uitgetrokken. Ik heb zijn helm afgetrokken, vol geplast, terug op zijn kop gezet en gezegd dat hij een grote zeiker was. Toen heb ik zijn motor omvergeduwd en ben erop beginnen springen tot die helemaal ingedeukt was en naar de andere Hell’s Angels geroepen: ‘En nu oprotten jullie!'”
    Petrus was onder de indruk en vroeg: “Wanneer was dat precies?”
    Antwoordt de Belg: “Een paar minuten geleden, denk ik.”

  • VERBLIJF IN DE HEMEL

    Komen een slechte priester en een slechte buschauffeur bij de hemelpoort en samen worden ze naar hun verblijf gebracht. Eerst wordt de chauffeur meegenomen naar zijn kamer. Over de top luxe: jacuzzi, groot bed, mooi uitzicht en een onuitputbare minibar.De priester kijkt verrukt en denkt: “zo als dat voor de chauffeur is, dat beloofd wat.” Vervolgens komen ze aan bij de kamer van de priester. Een kleine kamer, met een klapbed en een metalen pot in de hoek. De priester kijkt verbaasd en vraagt: “hoezo krijg ik dit en de chauffeur zo een luxe kamer?” En het antwoord dat hij krijgt: “Die chauffeur heeft veel meer mensen aan het bidden gekregen dan jij!”

  • DUITS JONGETJE WIL EEN ORANJE SHIRT

    Een Duitse familie gaat winkelen. Tijdens hun bezoek aan een sportzaak, pakt de zoon een Oranje shirt van het Nederland elftal uit het rek. Dan zegt hij tegen zijn zus: “Ik heb besloten dat ik Oranjefan ga worden en zou graag dit mooie oranje shirt willen hebben.” De grote zus reageert geïrriteerd en geeft hem een draai om z’n oren : “Ben je gek geworden? Ga dit maar eens met je moeder bespreken” Dus, het kleine jongetje met het Oranje T-shirt naar zijn moeder en zegt: “Ik besloten dat ik Oranjefan ga worden en zou graag dit mooie oranje shirt willen hebben.” De moeder reageert woedend en geeft hem twee tikken om z’n oren: “Ben je helemaal van lotje getikt? Scheer je weg en vraag je vader maar eens hoe hij er over denkt.” Dus de jongen gaat naar zijn vader en zegt: “Ik heb besloten Oranjefan te gaan worden en zou graag dit mooie oranje shirt willen hebben.” De vader wordt helemaal gek en slaat zijn zoon ter plekke ontoelaatbaar hard in zijn gezicht: “Geen zoon van mij zal in een dergelijk shirt rondlopen!” Ongeveer een half uur later zit de hele familie in de auto en is op weg naar huis. De vader keert zich tot zijn zoon en zegt: “Zoon, ik hoop dat je er iets van hebt geleerd vandaag” “Ja Vader, dat heb ik.” “Nou zoon, en dat is?” Antwoordt de zoon: “Ik ben nog maar een uur Oranjefan en ik heb nu al een hekel aan de Duitsers!”

  • Super

    Een groep politie agenten heeft als taak de hoogte te meten van een vlaggenmast. Zij begeven zich dus naar de mast met ladders en rolmaten. Een voor een vallen ze, of van de ladder, of laten de rolmaat vallen… Een goede oude wijkagent komt toevallig langs en ziet wat er gaande is. Hij trekt de mast uit de grond, legt hem plat, en meet dus de mast. Hij geeft de maten aan de andere politie agenten en gaat weg. Nadat de wijkagent vertrokken is draait een politie agenten zich al lachend om naar de anderen:

    – Dat is nu typisch een van de gemeente!!!

    – Wij vragen de hoogte en hij geeft ons de lengte !!!

  • Drie directeuren

    De drie directeurs van Grolsch, Heineken en Othmar Bier nemen op een ochtend om 10 over 7 de trein naar een Beurs in Amsterdam. Op een zeker moment is er een vertraging en ze besluiten samen iets te gaan drinken. Ze stappen een café binnen waar ze meer dan 120 verschillende bieren hebben.

    De directeur van Grolsch roept : “Kastelein, drie Grolsch alstublieft.”

    Nadat hun glas leeg is, roept de directeur van Heineken: “Hallo, barman, kan jij ons nog effe drie Heinekens serveren alsjeblief.”

    Nadat deze op zijn, is het de beurt aan de directeur van Othmar Bier: “Kastelein, drie Heineken alstublieft!”

    De directeurs van Grolsch en Heineken schrikken, en kijken elkaar verwonderd aan.

    Plots zegt de directeur van Heineken: “Man, hoe kan dat nu? Je bent directeur van Othmar Bier en je bestelt drie Heineken?”

    “Wel, ja,” zegt de directeur van Othmar Bier, op zijn uurwerk kijkend, “het is nog wat vroeg om bier te drinken!”

  • Hoe laat?

    Een zakenman die op weg is huis wordt onderweg door slaap overvallen en om geen brokken te maken besluit hij zijn bolide langs de kant van de weg te zetten om even een tukje te doen. Hij vindt een rustig landweggetje en valt al na vijf minuten in een diepe slaap. Plotsklaps wordt hij opgeschrikt door getik tegen de autoruit. Hij draait het raampje open en een oud vrouwtje vraagt aan hem hoe laat het is. “Vijf voor twee,” bromt de zakenman. De vrouw bedankt hem en loopt verder. De zakenman draait zich om en gaat verder waar hij gebleven was. Lang kan hij er niet van genieten want tien minuten later wordt hij weer gewekt door getik tegen het raam. Geërgerd draait hij het autoraam open en ditmaal is het een jogger die de tijd wil weten. “Vijf over twee,” buldert de zakenman. De jogger bedankt hem en jogt verder. De zakenman beseft dat hij op zo’n manier nooit aan zijn slaap komt en pakt een stuk papier en schrijft daar met koeienletters op: IK WEET NIET HOE LAAT HET IS! en plakt dit achter zijn ruit. Tevreden over zijn eigen vindingrijkheid valt hij voor de derde maal in diepe slaap. Nauwelijks aangekomen in dromenland word zijn rust weer verstoord door getik tegen de ruit. Met een welgemeende “Godgloeiende…,” draait de zakenman zijn autoraam open en kijkt in het gezicht van een jonge scholier. Deze werpt een blik op zijn horloge en zegt: “Het is tien voor half drie meneer.”

Geef een reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *