Prijzen

Tijdens zijn vakantiereis komt Gerard met zijn gids aan de oever van het Meer van Galilea. “Hoeveel kost het mij als ik met de boot het meer over vaart?” “Dertig dollar, meneer.” “Dat is erg duur!” zegt Gerard. “U moet niet vergeten dat dit een heel beroemd meer is, Jezus heeft over dit water gelopen!”

“Ja” zegt Gerard “geen wonder met zulke prijzen !!

Similar Posts

  • Geen vijanden

    Aan het eind van de mis vraagt de priester:
    “Hoeveel van jullie hebben hun vijanden vergiffenis geschonken ?”
    80 % steekt zijn hand op.
    De priester herhaalt zijn vraag met aandrang :
    “Hoeveel van jullie hebben hun vijanden vergiffenis geschonken ?”
    Iedereen steekt zijn hand op behalve 1 oud mannetje op de eerste rij.
    De priester vraagt aan het mannetje waarom hij zijn vijanden niet vergeeft.
    Waarop het kranige kereltje antwoordt : “Ik heb geen vijanden”.
    De priester gelooft zijn oren niet en vraagt hou oud de man eigenlijk is.
    “Ik ben 99 jaar en 11 maand”.
    Alle kerkgangers klappen in hun handen en prevelen “Proficiat”.
    Maar de priester zet door en spreekt de man aan :
    “Dat kan toch niet waar zijn, zo oud en echt GEEN vijanden ?”
    Waarop de grijsaard met een glimlach om de mond antwoordt :
    “Ze zijn allemaal dood !”

  • Slimme Pietje

    Pietje zit al weken verveeld voor zich uit te staren in de klas. De juf krijgt het op haar zenuwen en vraagt: ‘Pietje, wat is jouw probleem ?’ Pietje antwoordt: ‘Ik ben veel te slim voor de 1e klas. Mijn zusje zit in de derde klas maar ik weet veel meer dan zij en dus moet ik óók eigenlijk naar de 3e klas’. De juffrouw vindt dat een moeilijke kwestie en spreekt erover met de directeur. Terwijl Pietje buiten het kantoor van de directeur moet wachten legt de juffrouw het probleem aan hem uit. ‘Laat hem binnenkomen, dan zal ik hem even persoonlijk testen’ zegt de directeur .. ‘Als hij ook maar èèn vraag niet kan beantwoorden dan blijft hij gewoon in de 1e klas’. De juffrouw gaat hiermee akkoord en Pietje mag binnenkomen. De directeur: ‘Hoeveel is 3 x 3’? Pietje: ‘9’ Directeur: ‘Hoeveel is 6 x 6 ?’ Pietje; ’36’ En zo beantwoordt Pietje alle vragen die eigenlijk een derdeklasser pas behoort te weten. De directeur kijkt de juffrouw aan en zegt ‘Ik denk dat Pietje best wel naar de 3 klas kan gaan’ Maar de juffrouw twijfelt nog steeds en vraagt of ze óók nog een paar vragen mag stellen. De directeur gaat hiermee akkoord en de juffrouw stelt haar eerste vraag; ‘Waarvan heeft een koe er vier, terwijl ik er maar twee heb?’ Pietje: ‘benen’ De Juffrouw; ‘Wat heb jij in je broek en ik niet?’ Pietje: ‘Zakken’ De Juffrouw: ‘Wat begint met een K en eindigt met een T, is behaard, ovaal en smakelijk?’ Pietje: ‘een kokosnoot’ Intussen zakte de mond van de directeur ver open van verbazing. De juffrouw vervolgde met: ‘wat gaat er hard en stijf naar binnen en komt er zacht en slap uit?’ Pietje: ‘kauwgum’ De Juffrouw: ‘Wat doet een man rechtopstaand, een vrouw zittend en een hond op drie poten?’ Pietje; ‘Een hand geven’ De Juffrouw: ‘noem een Engels woord dat begint met een F en eindigt met een K’ Pietje; ‘Firetruck’ De directeur zucht heel diep en zegt: ‘Laat hem maar naar de vijfde klas gaan, want die laatste zes vragen had ik al allemaal fout’.

  • Doofstommenavond in de kroeg

    Elke vrijdagavond ontvangt een café-eigenaar het doofstomme vrijgezellenclubje. Als hij op vrijdagochtend ziek blijkt te zijn, belt hij zijn broer op: “Zeg Jan, ik ben ziek. Maar vanavond komt dat doofstomme vrijgezellenclubje, en dat zijn goeie vaste klanten. Dus ik kan het niet maken om het café gesloten te houden. Zou jij vanavond voor mij willen invallen?” Zijn broer vindt het niet erg om in te vallen. Hij gaat van tevoren nog even langs bij Kees om instructies te krijgen. “Het is helemaal niet moeilijk,” zegt Kees, “die jongens drinken de hele avond alleen maar bier en borrels. Als ze een vinger opsteken, dan willen ze bier, en als ze twee vingers opsteken dan willen ze een borrel. Dat is alles.” Die avond gooit Jan het café open, en daar komt de doofstomme club. Jan neemt de bestellingen op: bier, borrel, bier, bier, borrel… Alles gaat goed. Maar plotseling beginnen de doofstommen allemaal met hun hoofden te draaien en hun monden te happen. Jan weet niet goed wat hij moet doen. Hij gooit 50 frikandellen in de frituur, en serveert daarna broodjes frikandel uit. De doofstommen beginnen te eten, drinken nog wat, en even later beginnen ze weer met hun hoofden te draaien en hun monden te happen. Ten einde raad belt Jan zijn broer op: “Zeg Kees, in het begin ging het goed, maar nou beginnen ze steeds met hun hoofden te draaien en hun monden te happen. Ik snap echt niet wat ze willen.” “O sorry,” zegt Kees, “dat ben ik vergeten te zeggen: dan zitten ze het clublied te zingen.”

  • Vragen

    Een boer en een professor zitten tegenover elkaar in de trein. Zegt de professor: ‘Zullen we vragen aan elkaar stellen?’
    Boer: ‘Nee, dat win jij toch.’ ‘Oké dan’, zegt de professor. ‘als jij een antwoord niet weet, krijg ik 2 euro 50 van jou en als ik het antwoord niet weet, krijg jij 5 euro van mij.’
    ‘Da’s goed’, antwoordt de boer, ‘maar dan begin ik. Het is groen, blauw, grijs, zwart en wit en het vliegt door de lucht.’
    Na lang nadenken zegt de professor: ‘Ik weet het niet, hier heb je je 5 Euro.’
    ‘Dank je wel’, zegt de boer, ‘ik weet het ook niet, hier heb je 2 euro 50!’

  • Dronken

    Een dronken man loopt de kerk in, neemt plaats in de biechtstoel en zegt verder niets. De pastoor kucht eens om de aandacht van de man te trekken, maar het blijft verder stil. In een laatste poging de man aan het praten te krijgen, bonkt hij op de wand. Daarop antwoordt de man: “‘t Spijt me jongen, maar ik heb ook geen papier”

  • Automonteur

    Een automonteur komt van de dokter vandaan en denkt:
    “Dat kan ik ook.”
    De monteur begint zijn eigen dokterspraktijk. Hij maakt reclame met: “Als ik je probleem kan oplossen kost het je 500 euro. Als ik geen oplossing voor je heb krijg je van mij 1000 euro.”
    Een advocaat ziet de advertentie en denkt dat hij daar gemakkelijk geld mee kan verdienen. Hij gaat naar de praktijk toe van de monteur.
    “Ik ben mijn smaak kwijt”, zegt de advocaat.
    “Gaat u maar zitten”, zei de monteur, “daar heb ik wel een drankje voor.”
    Hij loopt naar de kast, doet de 3e la van linksboven open en pakt een potje waar benzine in zit. Hij giet het goedje in de mond van de advocaat. Terwijl hij het uitspuugt zegt de advocaat:
    “Gadver, dat is benzine. Wat doe je?!”
    “Ah”, zegt de monteur, “u heeft uw smaak terug. Dat is dan 500 euro.”
    De advocaat betaald en loopt boos weg.
    De volgende dag, nog steeds verontwaardigd over zijn vorige bezoek bedenkt de advocaat een nieuw probleem en gaat opnieuw naar de dokterspraktijk van de monteur. De advocaat zegt:
    “Ik denk dat ik mijn geheugen kwijt ben. Ik kan me niets meer herinneren.”
    “Gaat u maar zitten”, zei de monteur, “daar heb ik wel een drankje voor.”
    Hij loopt weer naar de kast, doet de 3e la van linksboven open en pakt een drankje.
    “Nee, niet die, dat is benzine!” zeg de advocaat.
    “Ah”, zegt de monteur, “u heeft uw geheugen terug. Dat is dan 500 euro.”
    De advocaat betaald en loopt nog bozer weg.
    De derde dag gaat de advocaat een laatste poging doen om die 1000 euro te verdienen. Hij bedenkt een weer een probleem en gaat naar de praktijk toe.
    “Dokter”, zeg de advocaat, “ik kan bijna niets meer zien. Mijn zich gaat enorm achteruit.”
    De monteur denkt eens goed na en na een tijdje zegt hij:
    “Nee sorry, daar heb ik geen oplossing voor.”
    De monteur reikt naar zijn portemonnee. Hij overhandigt het geld en zegt:
    “Hier heeft u uw 1000 euro.”
    Terwijl hij in werkelijkheid een briefje van 200 euro overhandigd.
    “Heee!” zegt de advocaat, “dit is maar 200 euro.”
    De monteur zegt:
    “U heeft uw zicht terug, wat geweldig. Dat wordt dan 500 euro.”

Geef een reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *