Similar Posts

  • Blond

    In een vliegtuig richting Montreal staat ineens een mooie blonde vrouw op en loopt van het economy-class gedeelte naar het business-class gedeelte en laat zich in zo’n comfortabele zetel vlijen. Een steward ziet dat en gaat er achteraan. Hij tikt de blondine op haar schouder en vraagt haar ticket. Na deze bestudeerd te hebben, zegt hij tegen de dame: “Sorry mevrouw, maar dit is de business-class en u heeft een ticket voor economy-class.” De blondine roept: “Ik ben blond, ik ben mooi, ik ga naar Montreal en ik blijf hier zitten!” De steward meldt dit voorval in de cockpit en de co-piloot gaat even polshoogte nemen. “Mevrouw,” zegt hij, “waarschijnlijk heeft u de steward niet begrepen, maar uw ticket is niet geldig voor dit gedeelte van het toestel. U dient zich naar het economygedeelte te begeven.” De vrouw roept: “Ik ben blond, ik ben mooi, ik ga naar Montreal en ik blijf hier zitten!” De co-piloot meldt dit aan de piloot en die zegt: “Wacht maar even. Ik ben getrouwd met een blonde vrouw. Ik spreek “blonds”. De piloot gaat naar de blonde dame en fluistert haar iets in het oor. Zonder slag of stoot staat de vrouw op en begeeft zich onmiddellijk naar het economygedeelte. De steward en de co-piloot vragen de piloot hoe hij dat in godsnaam geflikt heeft.

    “Simpel,” zegt de piloot, “ik heb tegen haar gezegd dat de business-class niet naar Montreal gaat…”

  • Waterput

    Twee mannen lopen over een heide en zien een waterput. Ze lopen er naartoe en vragen zich af hoe diep die put eigenlijk is. Ze pakken een steentje, gooien het in de put, maar horen het niet de bodem raken. “Vreemd”, zegt de een. “Zou ‘ie zó diep zijn?” Ze gaan een grotere steen zoeken en gooien die ook in de put. Ze buigen voorover om te horen wanneer de steen de bodem raakt. Wéér geen geluid. Nu zien ze een hele grote zware steen, een grote rots, liggen en pakken die met z’n tweeën op. Ze strompelen naar de put en weten de rots over de rand te kieperen. Ze luisteren vol spanning en horen ineens hoefgetrappel achter zich. Ze draaien zich om en zien een geit keihard aan komen rennen en die duikt zo de put in. Stomverbaasd kijken ze elkaar aan. Na een kwartier komt er een herder aanlopen. “Hebben jullie mijn geit gezien?” “Nou”, zegt de een, “er dook hier net wel een geit met een rotgang deze put in.” “Nou”, zegt de herder, “dat kan niet want die zat aan een rots vast.”

  • Dode kat gevonden

    Een kleutertje vertelde de juf dat hij een kat gevonden had.
    De juf vroeg of ze kat dood of levend was.

    “Dood” antwoordde de kleuter.

    “Hoe weet je dat?” vroeg de juf.

    “Omdat ik in haar oor heb gepist, en ze bewoog niet.” zei hij.

    “WAT heb je gedaan?!” riep de juf.

    “Je weet wel,” verduidelijkte de kleuter, “ik leunde voorover en deed ‘pssst!’ in haar oor, en ze bewoog niet.”

  • In de kroeg

    De kastelein vraag aan de man aan de bar wat hij wenst te drinken. ”Geeft u mij een pilsje”, zegt de man ”en geef die man met die pet op aan het tafeltje er ook een van mij.”

    Zo gezegd, zo gedaan. Als de man aan de bar zijn pilsje leeg drinkt zegt hij tegen de kastelein: “geeft u mij nog een pilsje en die man met de pet op geeft u ook nog een van mij”. Dat tafereel speelt zich zo nog vijf keer af, waarop de vriend van de man met de pet zegt: “geef mij jouw pet eens even, dan krijg ik ook eens iets van die kerel te drinken”. ”Oké” zegt de pettenman en geeft zijn vriend zijn pet.

    Vervolgens zegt de man aan de bar tegen de kastelein: “mag ik nog een pilsje van u en geef de man tegenover die met de pet op ook eens een van mij, want die ander heeft er al genoeg van mij gehad !”

  • Baas boven baas

    Na Werktijd drinken een timmerman, een metselaar en een elektricien een biertje in het café. Ze zitten elkaar de loef af te steken over wie nu eigenlijk het oudste beroep ter wereld heeft. “Jezus van Nazareth, kennen we hem nog?” zegt de timmerman. “Die lag in een stalletje en dat stalletje is gebouwd door een Timmerman!”

    “Prima,” zegt de metselaar cynisch. “Maar de piramiden in Egypte stonden er al toen Jezus nog geboren moest worden. En die piramiden zijn volgens mij toch echt gemetseld!”

    De elektricien mengt zich in de discussie. “Hou maar op, jongens,” zegt hij. “Ik heb het oudste beroep van de wereld.” “Want?” vragen de timmerman en de metselaar in koor. “Logisch,” zegt de elektricien.

    “Op de eerste dag zei God: Er was licht! En toen hadden wij de leidingen allang gelegd!”

  • Niet gegooid

    Een Belg en een Hollander lopen door een bos.

    Plots komen ze een leeuw tegen, de Belg neemt een stok en gooit deze naar de leeuw. Deze komt woedend op hen afgelopen.

    De Belg kruipt vlug in een boom en roept tegen de Hollander dat hij zich uit de voeten moet maken. Waarop de Hollander doodserieus antwoord: “Nou, ik heb niet gegooid!”

Geef een reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *