Weegschaal
Eefje gaat op de weegschaal staan.
_ Je bent een paar kilo te zwaar, zegt haar man.
_ Welnee, zegt zij, met mijn gewicht is er niets aan de hand, maar volgens die tabel hier had ik tien centimeter groter moeten zijn
Eefje gaat op de weegschaal staan.
_ Je bent een paar kilo te zwaar, zegt haar man.
_ Welnee, zegt zij, met mijn gewicht is er niets aan de hand, maar volgens die tabel hier had ik tien centimeter groter moeten zijn
Op een dag stond er bij het asielzoekerscentrum een Noord Afrikaanse gelukszoeker. Plotseling verscheen er een fee die zei:
Ik ben door de PvdA naar jou toegestuurd om drie wensen voor jou te vervullen omdat jij nu net in ons land bent aangekomen met je vrouw en je acht kinderen.”
De man kijkt verbaasd op en zegt ” Waar ikke vandaan kom hebben we heel vaak een slechte tanden dus ikke wil goed gebit.”
De fee keek naar de rotte tanden van de man knipte met haar vingers en…. Poef ! De man had plots een prodent stralend gebit.
“Ik heb nog twee wensen voor je in de aanbieding. Waar kan ik je verder mee verblijden ?”
De afrikaan kreeg nu plots wat meer lef en zei “Ikke wil grote villa midden in Utrecht met acht slaapkamers en dat de rest van mijn familie hier ook naartoe kan komen !”
De fee knipte weer met haar vingers en.Poef ! Zat hij plotseling in een mooie, dure Utrechtse villa voor de open haard omringd door zijn familie.
“Nou heb ik er nog eentje voor je” zegt de fee.
“Goed.. ikke wil nu een echte Nederlander worden.. Met Nederlandse kleren, een Nederlands gezicht en een Nederlandse naam. ”
De fee knipte weer met haar vingers en.Poef ! Daar stond Achmed mar nu met de naam Piet Jansen in zijn jasje van de Wibra en geen cent op zak en ook de dure villa was foetsie.
Ook hij had weer een mooie bek vol rotte tanden omdat hij de ziektekostenverzekering niet meer kon opbrengen.
“Oh waar zijn mijn mooie gebit ? Waar zijn mijn mooie huis ?” Ook familie foetsie.
Jammerde hij.
De fee grijnsde heel gemeen en zei: “Ja knul,nou ben je een echte Nederlander.
Nou moet je het maar zelf uitzoeken.
Een handelsvertegenwoordiger, doodmoe, komt aan in een kleine gemeente waar er maar één hotelletje is. Tot overmaat van ramp, alle kamers zijn bezet. Hij smeekt de baas: “Leg me te slapen, eender waar, maar ik moet absoluut kunnen uitrusten.” “Wel”, zegt de hotelier, “ik heb hier een twee persoonskamer waar er maar één bed beslapen is. Als je met die man op een akkoord komt om de kamer en de prijs ervan te delen is dat voor mij goed. Maar, ik verwittig je, hij snurkt geweldig. Het is zelfs zo erg dat alle gasten ‘s morgens hun beklag erover maken.” “Maakt niks uit”, antwoordt de vertegenwoordiger, “ik ben veel te moe.” …De twee mannen komen tot een akkoord en nemen het avondmaal aan dezelfde tafel. ‘s Morgens komt de handelsvertegenwoordiger als eerste de trap af om naar het ontbijtzaal te gaan. Vrolijk fluitend en welgemutst de hotelbaas groetend. “Nou”, zegt deze, “zo welgezind? Heb je goed geslapen? Heeft hij niet gesnurkt?” “Zeker niet”, zegt de vertegenwoordiger, “geen enkel moment.” “Hoe is dat in Godsnaam mogelijk”, zegt de hotelbaas.
“Heel eenvoudig”, zegt de vertegenwoordiger.
“Ik kwam een beetje later dan hem de kamer binnen. Hij lag al op zijn bed. Ik heb hem een kus gegeven op zijn achterwerk en gezegd: Goedenacht, schoonheid. En die kerel heeft de hele nacht recht gezeten in zijn bed om me in de gaten te houden.”
Een vrouw wordt ’s nachts wakker en merkt dat haar man niet in bed ligt. Ze trippelt naar de keuken en daar zit hij, met een hete kop koffie voor zich uit te staren. Hij veegt net een dikke traan van zijn gezicht. ‘Wat scheelt er?’ , vraagt ze bezorgd. ‘Ik herinnerde me plots hoe we elkaar twintig jaar geleden leerden kennen. Ik was net achttien en jij zestien, weet je nog?’, vraagt hij stil. De vrouw aait haar man over het hoofd, ontroerd omdat hij in zo’n gevoelige bui is. ‘Ik weet het nog’, fluistert ze. De man slikt even, veegt nog een traan weg en zegt: ‘Weet je nog hoe jouw vader ons betrapte op de achterbank van mijn auto?’ ‘Ja, dat herinner ik me!’, lacht de vrouw. De man gaat verder: ‘Weet je ook nog hoe hij een geweer op mij richtte en riep: “Ofwel trouw je met mijn dochter, ofwel stuur ik je voor twintig jaar naar de gevangenis!” “Ja, dat herinner ik me ook’, zegt de vrouw teder.
‘Wel’, zegt de man, terwijl hij nog een traan van zijn wang veegt. ‘Ik zou vandaag zijn vrijgekomen’
Een vrouw heeft een lekkage en belt de loodgieter. Daarna moet ze weg om haar kind op te halen. Voordat ze weggaat zegt ze tegen de loodgieter: “De hond doet niks (de hond is heel groot en gevaarlijk en eng), maar wat je ook doet praat niet tegen de papegaai. ” De loodgieter zegt dat het goed is en de vrouw vertrekt. Hij begint aan zijn werk en de papegaai begint te praten “Hallo! Hallo! Hallo!” Hij vindt het best irritant maar zegt niks. Dan zegt de papegaai “Lorre! Lorre! Je bent een grote idioot!!!” Hij moet zich beheersen maar zegt niks. Dan begint de vogel hem verschrikkelijk uit te schelden en de loodgieter roept “Hou je kop dicht!!! Stomme rot vogel!!” Dan is het stil… Dan zegt de papegaai: “Pak hem, Spike…” “
Een ambtenaar is achter z’n bureau te suffen in het middagzonnetje. Opeens ziet hij een spin en denkt: ‘Die ga ik dood trappen.’ Net op het moment dat hij z’n voet wil neerzetten hoort hij de spin met een zacht stemmetje spreken: ‘Nee, niet doen, als je me in leven laat mag je 3 wensen doen!’ ‘Hmm,’ denkt de man, “al goed, ik laat je heel, maar dan wens ik op een onbewoond tropisch eiland te wonen.” PLOEP. De man zit op een prachtig exotisch eiland. De spin vraagt: ‘Je hebt nog 2 wensen over, dus zeg het maar!’ “Oké,” zegt de man, “ik wil 3 bloedmooie jonge dames om me heen.” PLOEP. Drie welgevormde dames om de man. ‘Je hebt nog een wens over, dus denk goed na!’ “Nee, dat hoeft niet,” zegt de man, “ik weet het al, ik wil de rest van m’n leven een lekker lui leventje lijden.” PLOEP. En hij zit weer achter zijn bureau!
Een japanner en een Belg zitten in een café te praten over cultuurverschillen Op een gegeven moment geeft die japanner die Belg een onwijze klap in zijn nek.
Na een minuutje of vijf staat die weer en vraagt wat dit in godsnaam moet voorstellen. “Dat is karate” zegt de japanner, “dat komt uit Japan”. Boos gaat de Belg weer zitten aan de bar. Een tijdje later geeft die japanner hem een enorme heupzwaai. Kreunend en nu nog bozer staat de man weer op en vraagt wat dit dan wel niet moet voorstellen “Dat is Judo, komt uit Japan”. De Belg heeft het nu behoorlijk gehad en loopt naar buiten. Een tijdje later komt hij terug met een ijzeren voorwerp in zijn hand. Hij ziet de japanner nog aan de bar zitten en geeft hem een enorme klap met het voorwerp. Na een half uurtje komt de Japanner weer een beetje bij en vraagt wat was dat?
“Dat was de krik uit mijn Toyota” zegt de Belg
“komt ook uit Japan”