Jezus kijkt naar je!

Midden in de nacht drong een inbreker een huis binnen. Hij liet zijn zaklantaarn door de huiskamer schijnen, op zoek naar kostbaarheden. Toen hoorde hij een stem in het donker, die zei: “Jezus weet dat je er bent !” De inbreker kreeg zowat een hart verzakking, knipte zijn zaklantaarn uit en bleef stokstijf staan. Toen hij na een tijdje niets meer hoorde, schudde hij zijn hoofd en ging verder met zijn “werk”. Maar nèt toen hij de dvd-speler naar zich toe trok, zodat hij de bedrading los zou kunnen maken, hoorde hij, luid en duidelijk: “Jezus kijkt naar je !” Helemaal overstuur scheen hij met zijn lantaarn om zich heen, op zoek naar de plek waar de stem vandaan kwam. Uiteindelijk kwam de lichtbundel van zijn zaklamp in een hoek van de kamer tot stilstand, gericht op een papegaai. “Was jij dat, die tegen me praatte ?”, siste de dief tegen de papegaai. “Yes”, bekende de papegaai en krijste verder: “Ik wil je alleen maar waarschuwen dat hij naar je kijkt”. De inbreker ontspande zich weer een beetje: “Me waarschuwen, hè? En wie ben jij dan wel ??” “Mozes”, antwoordde de vogel. “Mozes ?”, lachte de inbreker, “wie noemt een vogel nu Mozes ?” “Hihi”, lachte de papegaai, “mensen die een Rottweiler Jezus noemen!”.

Similar Posts

  • Doen of we getrouwd zijn

    Een man en een vrouw die elkaar niet kennen, staan voor het treinloket. Allebei willen ze met de nachttrein naar Rome. De NMBS-medewerker vertelt dat er nog maar één tweepersoonsbed beschikbaar is en dat ze onder elkaar maar moeten uitvechten wie het krijgt. Zowel de man als de vrouw moeten echt de volgende dag in Rome zijn., dus na enig overleg besluiten ze om het bed te delen. Ze kleden zich om en gaan ieder aan één kant van het bed liggen. Na ongeveer een halfuurtje vraagt de man : “Kan je wel in slaap raken.?”. Waarop de vrouw antwoordt dat ze het toch maar een beetje koud vindt. “Daar kunnen we maar twee dingen aan doen.” zegt de man. “Ofwel ga ik voor jou een dekentje halen, ofwel doen we alsof we gehuwd zijn.” “Goed” zegt de vrouw na enige tijd nadenken, “laten we dan maar doen alsof we gehuwd zijn.” Waarop de man zegt : “Oké, ga dan zelf maar het dekentje halen.”

  • Veertien Kinderen

    Een vrouw komt met haar veertien kinderen bij de pastoor op bezoek. De kleinste van twee jaar oud loopt naar de pastoor.
    De pastoor: En jongen hoe heet jij?” Jongetje: “Jantje.”
    De volgende komt binnen.
    Pastoor: “En jongen hoe heet jij?” Jongetje: “Jantje.”
    Pastoor: “Ah, heet jij ook jantje?”
    De oudste komt binnen (14 jaar). 
    Pastoor: “En hoe heet jij jongen?” Jongen: “Jantje.”
    Pastoor tegen moeder: “Heten al jouw zoontjes misschien Jantje?”
    Moeder: “Ja, dat is heel gemakkelijk, als ik roep: ‘Jantje opstaan’ staan ze allemaal op, 
    als ik roep: ‘Jantje eten,’ komen ze allemaal eten, 
    als ik roep: ‘Jantje slapen,’ dan gaan ze allemaal slapen.”
    Pastoor: “En als je maar één iemand nodig hebt, hoe doe je dat dan?”
    Moeder: “Dan roep ik gewoon hun familienaam.”

  • Bessen

    Kleine Teun, een slim manneke, gaat met zijn vader buitenaf wandelen. Als ze net een grote boerderij zijn gepasseerd komen ze voorbij een enorme braamstruik waar honderden rode bessen de komst van een vruchtbare oogst aankondigen.,. Vraagt de kleine aan zijn pa:

    – Pa, die rode bessen wat zijn dat. ?

    – Dat zijn zwarte braambessen, antwoordt zijn pa.

    – Ja maar pa ze zijn rood !

    – Ha ja, antwoordt pa, die zwarte braambessen zijn nu nog rood omdat ze nog groen zijn.

  • Telefoonkosten

    De telefoonrekening is heel erg hoog. Vader roept het hele gezin bij elkaar. ‘Zo’n telefoonrekening, dat kan niet meer. Waar zijn jullie mee bezig? Ik ben het niet, ik bel altijd op het werk.’ Moeder reageert: ‘Ja maar, ik gebruik ook altijd de telefoon op mijn werk. Ik ben het ook niet.’ Waarop de dochter zegt: ‘Ik zeker niet, ik doe mijn gesprekken met de telefoon op mijn stageplaats.’ Alle blikken wenden zich naar de schoonmaakster, waarop die reageert : ‘ Wat is er plotseling aan de hand? Iedereen belt hier toch vanaf zijn werk !’

  • Alcohol controle

    Een man komt uit een café, stapt zijn auto in en rijdt richting huis.
    Na 200 meter wordt de man aangehouden door een politieagent.
    Agent: “Goedenavond meneer, wij doen een alcoholcontrole. Wilt u even op het pijpje blazen?”
    Man: “Dat gaat niet want ik heb astma. Als ik op zo’n pijpje blaas heb ik voorlopig geen lucht meer.”
    Agent: “Gaat u dan even mee naar het bureau, dan kunnen wij een bloedproef doen.”
    Man: “Dat kan ook niet want ik heb bloedarmoede. Als u me een keer prikt, loop ik leeg.”
    Agent: “Dan vrees ik dat u even uit moet stappen en over die witte lijn moet lopen.”
    Man: “Dat kan ook niet.”
    Agent: “Waarom niet?”
    Man: “Ik ben stom lazarus.”

Geef een reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *