Dierenliefde


Een boer is met zijn knecht op het land als hij tot aan zijn enkels in de blubber zakt. “Ga mijn laarzen halen,” zegt de boer. Als de knecht bij de boerderij is, komt hij de dochters van de boer tegen.
“Hé, wat doe jij nou hier?” vragen de meiden.
“Ik mag van de boer met jullie allebei naar bed!” zegt hij.
“Daar geloven we niks van.”
“Oh nee? Wacht maar, dan vraag ik het hem wel even,” en hij roept naar de boer op het land: “Moest ik er nou 1 pakken of 2?!”
De boer: “Allebei natuurlijk!”
Zitten 2 zatlappen aan de bar
zegt de ene tegen de andere: Je krijgt de groeten van Connie
zegt de ander: welke Connie? Ik ken geen Connie.
de ander: Ja die met die groene haren..
de ander: Nee sorry die ken ik echt niet..
de ander: Jawel ken je wel
de ander: Welke dan?
de ander: ja Connie Feer
Een vrachtwagen chauffeur parkeert zijn wagen bij een wegrestaurant, loopt naar binnen en bestelt een maaltijd.
Als hij met zijn bord eten aan een tafeltje gaat zitten, komen er drie Hells Angels binnen. Ze schuiven aan bij de vrachtwagen chauffeur en beginnen hem te treiteren. Een van hen pikt frites van zijn bord, een ander neemt een hap van zijn hamburger en de derde drinkt zijn koffie op. De chauffeur reageert niet. Hij betaalt, staat op en loopt weg.
“Wat een schijterd”, zegt een van de Hells Angels tegen de serveerster.
“Ja”, zegt zij. “En rijden kan hij ook al niet. Hij rijdt net over drie motoren heen.”
Nadat een pas getrouwd bruidspaar de bruidssuite van het hotel
heeft betreden, doet de bruidegom zijn broek uit en geeft het aan zijn
kersverse bruidje met de woorden ‘Trek deze broek van mij eens aan’.
Met een ietwat verbaasd gezicht doet ze wat hij zegt en merkt even later op:
‘Zie je nou wel, die broek past mij toch niet!!!’
De bruidegom ziet dat tafereel geamuseerd aan en zegt dan heel doordringend: ‘Heel goed, onthoud dus dat
IK de broek draag en niet jij.’
Even later geeft het bruidje haar slipje aan haar bruidegom en zegt:
‘Dan wil ik nu graag, dat jij ook even mijn slipje past’.
Hij gaat argeloos op haar verzoek in.
Het komt echter niet verder dan zijn rechter bovenbeen en moet dan wel
opmerken: ‘Ik kom helemaal niet in je slipje.”Juist.’, zegt het bruidje , ‘en als jouw houding niet verandert, dan blijft dat ook zo!’
Een zakenman die op weg is huis wordt onderweg door slaap overvallen en om geen brokken te maken besluit hij zijn bolide langs de kant van de weg te zetten om even een tukje te doen. Hij vindt een rustig landweggetje en valt al na vijf minuten in een diepe slaap. Plotsklaps wordt hij opgeschrikt door getik tegen de autoruit. Hij draait het raampje open en een oud vrouwtje vraagt aan hem hoe laat het is. “Vijf voor twee,” bromt de zakenman. De vrouw bedankt hem en loopt verder. De zakenman draait zich om en gaat verder waar hij gebleven was. Lang kan hij er niet van genieten want tien minuten later wordt hij weer gewekt door getik tegen het raam. Geërgerd draait hij het autoraam open en ditmaal is het een jogger die de tijd wil weten. “Vijf over twee,” buldert de zakenman. De jogger bedankt hem en jogt verder. De zakenman beseft dat hij op zo’n manier nooit aan zijn slaap komt en pakt een stuk papier en schrijft daar met koeienletters op: IK WEET NIET HOE LAAT HET IS! en plakt dit achter zijn ruit. Tevreden over zijn eigen vindingrijkheid valt hij voor de derde maal in diepe slaap. Nauwelijks aangekomen in dromenland word zijn rust weer verstoord door getik tegen de ruit. Met een welgemeende “Godgloeiende…,” draait de zakenman zijn autoraam open en kijkt in het gezicht van een jonge scholier. Deze werpt een blik op zijn horloge en zegt: “Het is tien voor half drie meneer.”