Weer hetzelfde

Een Belg en een Nederlander gebruiken samen de lunch. De Nederlander kijkt wat er tussen zijn boord zit: “O nee, weer worst. Elke dag worst. Als mijn vrouw nog en keer worst op brood doet spring ik van de flat.”
De Belg kijkt wat hij op brood heeft: “O nee, weer pindakaas. Altijd pindakaas. Ik spring ook van de flat als ik morgen weer pindakaas op brood heb.”
De volgende ochtend komt de Nederlander op zijn werk en ziet dat hij jam op brood heeft. Gelukkig denkt hij. De Belg ziet echter weer pindakaas op zijn brood en springt van de dichtsbijzijde flat de dood tegemoed.

Een week later komt de Nederlander op de begrafenis van de Belg. ZIjn vrouw huilt en roep: “Waarom? Waarom?”
De Nederlander besluit het uit te leggen: “Hij had elke dag pindakaas op brood. Daar werd hij zo zat van dat hij van de flat sprong…”
De vrouw gaat nog harder huilen: “Hij maakte elke dag zijn eigen brood klaar…!”

Similar Posts

  • De bootreis

    Er zit een meisje in een café nogal sip te kijken en te zuchten. Een jongen gaat naar haar toe, en vraagt wat er aan de hand is. ‘Nou,’ zegt het meisje, ‘ik zou zo graag mijn zus eens bezoeken in Zuid-Afrika, maar de bootreis is veel te duur.’ ‘O, maar dat komt goed uit,’ zegt de jongen, ‘want ik ben matroos. Ik wil je best in mijn plunjezak het schip op smokkelen.’ ‘Dat zou geweldig zijn,’ zegt het meisje, ‘maar wat moet ik daar voor doen?’ ‘Nou,’ zegt de jongen, ‘ik kom je elke avond eten brengen. En dan zou ik het fijn vinden als ik een half uurtje bij je mag komen liggen.’ ‘Dat is wel goed,’ zegt het meisje. Dus wordt het meisje het schip op gesmokkeld. Elke avond komt de matroos haar eten brengen, en blijft dan een half uurtje bij haar. Na drie weken vindt het meisje de reis wel lang gaan duren. Ze besluit maar eens naar boven te gaan. Boven gekomen ziet ze de kapitein lopen, en aan hem vraagt ze: ‘Kapitein, duurt het nog lang voordat we in Zuid-Afrika zijn?’ ‘Nogal,’ zegt de kapitein, ‘want dit is de veerboot naar Texel.’

  • Klusjes niet gedaan

    Klaasje komt naar beneden voor zijn ontbijt, zijn moeder vraagt hem of hij zijn klusjes al heeft gedaan. “Nog niet”, zegt Klaasje. “Dan krijg je nog geen ontbijt”, zegt zijn moeder. Dus Klaasje is helemaal chagrijnig. Hij gaat de kippen voeren en geeft een kip een schop! Dan gaat hij de varkens voeren en geeft een varken een schop! Dan gaat hij de koeien melken en geeft een koe een schop! Dan komt hij weer binnen. Zijn moeder geeft hem een kom droge havermout. “Waarom krijg ik nu geen eieren en spek? En waarom geen melk in mijn havermout?” vraagt Klaasje verontwaardigd. “Wel?, zegt moeder, ik zag je een kip schoppen, dus je krijgt geen eieren voor een week.” “En ik zag je een varken en een koe schoppen, dus krijg je ook geen spek en melk voor een week”, zegt zijn moeder streng. Klaasje baalt nog meer. Dan komt zijn vader binnen, hij schopt de poes opzij en gaat zitten aan het ontbijt. Klaasje kijkt lachend naar zijn moeder en zegt: “Vertel jij het hem of zal ik???”

  • Een Held

    Een Belg komt bij Petrus aan de hemelpoort. Petrus vraagt hem of hij tijdens zijn leven op aarde ooit een goede daad gedaan heeft, waardoor hij zonder twijfel in de hemel thuishoort.
    “Ik kan mij wel zoiets herinneren”, zegt de Belg. “Ik passeerde een parkeerplaats langs de autosnelweg waar een groep Hell’s Angels bezig waren een paar vrouwen lastig te vallen. Ik riep dus dat ze daarmee moesten ophouden, maar dat hielp niet echt. Toen ben ik op de grootste Hell’s Angel toegestapt, heb hem van zijn motor gesleurd, hem op de grond gesmeten, een slag op zijn neus verkocht en zijn neuspiercing uitgetrokken. Ik heb zijn helm afgetrokken, vol geplast, terug op zijn kop gezet en gezegd dat hij een grote zeiker was. Toen heb ik zijn motor omvergeduwd en ben erop beginnen springen tot die helemaal ingedeukt was en naar de andere Hell’s Angels geroepen: ‘En nu oprotten jullie!'”
    Petrus was onder de indruk en vroeg: “Wanneer was dat precies?”
    Antwoordt de Belg: “Een paar minuten geleden, denk ik.”

  • Vader Worden

    Een soldaat komt op vrijdagmorgen bij de sergeant en vraagt verlof.
    “Ik ga vader worden,” zegt de soldaat, en hij krijgt verlof van de sergeant.
    Na het weekend, op maandagmorgen vraagt de sergeant aan de soldaat:
    “En, hoe heet de kleine?”
    Zegt de soldaat: “Over negen maanden bent u de eerste die het weet”

     

  • Jantje

    Jantje loopt langs het huis van de burgemeester en spuugt tegen het raam. De burgemeester komt boos naar buiten en vraagt: “Wat zou jouw moeder ervan vinden als ik bij jullie tegen het raam spuug?” Jantje: “Dat zou ze heel knap vinden, wij wonen op de tiende verdieping!”

Geef een reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *