Hebt u ook….?
Ik sta voor een rood licht. Naast mij staat een andere auto, waarvan de bestuurder zijn raampje opendraait. Ik denk: “Die wil me wat vragen”, dus draai ik ook het raampje open.
Vraagt die man: “Heb jij ook een wind gelaten?”
Ik sta voor een rood licht. Naast mij staat een andere auto, waarvan de bestuurder zijn raampje opendraait. Ik denk: “Die wil me wat vragen”, dus draai ik ook het raampje open.
Vraagt die man: “Heb jij ook een wind gelaten?”
Een mooie blonde dame loopt richting de balie van het hotel en wenkt
de man die erachter staat,
Deze komt onmiddelijk naar haar toe.
Dan wenkt de dame met haar wijsvinger naar de man om iets dichter te
komen, en hierop buigt de man zich voorover naar de vrouw.
Terwijl de vrouw zachtjes haar vingers door de baard van de man laat
gaan, fluistert ze in zijn oor
‘ Bent u de manager hier? ‘
en vervolgens glijden haar vingers langzaam over zijn gezicht.
‘ Ehh .. eigenlijk niet, stamelt hij,
De vrouw tilt haar hand nu iets omhoog en strijkt hem door zijn haren.
Kunt u de manager dan voor mij roepen, vraagt ze met een zwoele stem.
Terwijl de man licht naar adem snakt zegt hij, ‘ ehh . sorry mevrouw
dat zal niet gaan , hij is er momenteel niet, nu steekt de vrouw twee
vingers in de mond van de man en instinctief begint hij erop te
zuigen.
Wilt u dan zo vriendelijk zijn om hem een boodschap door te geven?
vraagt ze.
De man likt inmiddels opgewonden de andere vingers van de vrouw en kan
niets anders doen dan ja knikken.
Dan buigt de vrouw zich naar voren en fluistert zachtjes in het oor
van de man……….
Jezus zei tegen zijn Vader (God), ik zou graag eens terug naar de aarde willen terugkeren. Maar zoon sprak God dat is daar niet meer zoals 2000 jaar geleden. En toch zou ik het willen. “Ok”, zei z’n pa “pak een wereldkaart en een dartpijl en gooi en waar de Pijl zit daar ga je naartoe”. Jezus gooit kijkt en het is Ootmarsum, en weg was hij. Hij loopt op de Denekamperstraat en denkt “ik ga toch eens een wonder doen”. Er komen daar twee mensen in een Tuk Tuk aangereden, Jezus doet ze stoppen en zegt: ”sta op en wandel en herhaalt sta op en wandel!”.
De twee kijken naar mekaar en een antwoord “Ben je gek man, we hebben deze gehuurd en betaald voor 2 uur hé!”.
Een handelsvertegenwoordiger, doodmoe, komt aan in een kleine gemeente waar er maar één hotelletje is. Tot overmaat van ramp, alle kamers zijn bezet. Hij smeekt de baas: “Leg me te slapen, eender waar, maar ik moet absoluut kunnen uitrusten.” “Wel”, zegt de hotelier, “ik heb hier een twee persoonskamer waar er maar één bed beslapen is. Als je met die man op een akkoord komt om de kamer en de prijs ervan te delen is dat voor mij goed. Maar, ik verwittig je, hij snurkt geweldig. Het is zelfs zo erg dat alle gasten ‘s morgens hun beklag erover maken.” “Maakt niks uit”, antwoordt de vertegenwoordiger, “ik ben veel te moe.” …De twee mannen komen tot een akkoord en nemen het avondmaal aan dezelfde tafel. ‘s Morgens komt de handelsvertegenwoordiger als eerste de trap af om naar het ontbijtzaal te gaan. Vrolijk fluitend en welgemutst de hotelbaas groetend. “Nou”, zegt deze, “zo welgezind? Heb je goed geslapen? Heeft hij niet gesnurkt?” “Zeker niet”, zegt de vertegenwoordiger, “geen enkel moment.” “Hoe is dat in Godsnaam mogelijk”, zegt de hotelbaas.
“Heel eenvoudig”, zegt de vertegenwoordiger.
“Ik kwam een beetje later dan hem de kamer binnen. Hij lag al op zijn bed. Ik heb hem een kus gegeven op zijn achterwerk en gezegd: Goedenacht, schoonheid. En die kerel heeft de hele nacht recht gezeten in zijn bed om me in de gaten te houden.”
Twee vleermuizen hangen in een park. aan een boom Zegt de ene tegen de andere: “Ik heb honger, ik ga wat bloed zuigen.” Even later komt hij terug met allemaal bloed om zijn mond. Zegt de andere vleermuis: “Hoe heb je dat voor elkaar gekregen?” “Zie jij die lantaarpaal daar?”
“Ja.”
“Wel, ik zag hem dus niet!”
Een man zit te somberen aan de bar.
“Problemen, meneer?” vraagt de barman.
“Ach, mijn vrouw heeft me laten weten dat ze een maand niet meer met me wilde praten.”
“Tja, dan zal ze wel flink boos op je zijn. Maar”, zegt de barman om zijn klant een beetje op te vrolijken, “aan die maand komt toch ook vanzelf wel weer een einde.”
Antwoordt de klant snikkend:
“Ja dat weet ik en vandaag is het alweer de laatste dag van die maand.”
Op de zesde dag sprak God tot de aartsengel Gabriel: “Vandaag ga ik een land creëren, genaamd Nederland. Het zal een land zijn van buitengewone natuurlijke schoonheid, met grote bossen, vol met herten, zwijnen en eekhoorns. Grote rivieren, gevuld met alle mogelijke soorten levende wezens. Het zal een binnenzee krijgen met enorme hoeveelheden vis en ook aan een buitenzee komen te liggen, die men van prachtige goudgele stranden kan overzien.” God ging verder: “Ik zal het land rijk maken door de landbouw en de inwoners zullen grote welvaart kennen. Sommige van hun vrouwen zullen van verblindende schoonheid zijn. Ze zullen bekend worden als Hollanders. En ze zullen het vriendelijkste volk op aarde zijn. En als slagroom op de taart maak ik van het zuiden van Nederland een lieflijk heuvellandschap waar vriendelijke mensen zullen wonen, die bekend zullen staan als Limburgers.” “Maar Heer,” zegt Gabriel, “denkt U niet dat u een beetje te genereus bent voor deze Hollanders?” “Niet echt,”, antwoordt God, “moet je eens opletten wie ze als oosterburen krijgen!”