Horloge

Er zitten 2 man in een trein en de jongeman vraagt aan de andere man. Kun je mij vertellen hoe laat het is? De man geeft geen antwoord. Weer een poosje later vroeg hij het weer. De man gaf weer geen antwoord. De jongeman zegt tegen de man. Meneer nu heb ik je 2 keer gevraagd hoe laat het is waarom zeg je niks. Dat zal ik je vertellen zei de man. Je vraagt mij hoe laat het is. Dan moet ik mijn mooie horloge pakken. Dan zeg jij dat is een mooie horloge. Dan zeg ik ja dat is ook een mooie horloge. Dan vraag jij aan mij hoe ik zo’n horloge kan betalen. Dan moet ik zeggen dat ik goeie zaken doe. Dan vraag je mij of ik dochters heb. Dan moet ik zeggen ja ik heb mooie dochters. En jij wilt langs komen en komt daarna nog eens lang. En naderhand wil je met een van mijn dochters trouwen. Dus zeg nou zelf. Wat moet ik met een schoonzoon die geen horloge kan betalen

Similar Posts

  • Kleding

    Een man en een vrouw zijn 20 jaar getrouwd, en de man gaat met zijn vrouw mee om kleren te kopen voor een feest. De vrouw zoekt tussen de kleding, en de man staat maar een beetje achteraf te wachten tot z’n vrouw klaar is. Loopt de vrouw naar haar man: “Waarom doe je nou niet eens zoals vroeger? Toen hielp je me altijd met kleren uitzoeken.” Zegt de man: “Ja, wat zoek je dan?” “Gewoon,” zegt de vrouw, “iets dat past bij mijn gezicht.” “Kijk dan schat,” zegt de man, “er hangen toch plooirokken?”

  • Blind en Blond

    Een blinde man gaat een vrouwenbar binnen. Hij loopt naar de bar en bestelt iets te drinken.
    Nadat hij een tijdje heeft gezeten, roept hij naar de persoon aan de tap:
    ‘Hé, wil jij een blondjesmop horen?’
    De hele bar wordt in een klap muisstil. Met een diepe, dreigende stem zegt de vrouw naast hem:
    ‘Voor u die mop vertelt, meneer, moet u vijf dingen weten:

    Eén: De persoon achter de tap is een blonde vrouw.
    Twee: De uitsmijter is een blonde vrouw.
    Drie: Ik ben een 1,90m grote, 100 kilo zware blonde vrouw met een zwarte band in karate.
    Vier: De vrouw die naast me zit, is een blonde vrouw en is een professioneel gewichthefster.
    Vijf: De vrouw aan jouw andere kant is een blonde vrouw en doet aan
    worstelen.

    Ik raad u aan om er eens goed over na te denken, meneer. Wilt u die mop nog steeds vertellen?’

    De blinde man denkt enkele seconden na, schudt zijn hoofd en zegt: ‘Nee, niet als ik ‘m vijf keer moet gaan uitleggen.’

  • Baas boven baas

    Na Werktijd drinken een timmerman, een metselaar en een elektricien een biertje in het café. Ze zitten elkaar de loef af te steken over wie nu eigenlijk het oudste beroep ter wereld heeft. “Jezus van Nazareth, kennen we hem nog?” zegt de timmerman. “Die lag in een stalletje en dat stalletje is gebouwd door een Timmerman!”

    “Prima,” zegt de metselaar cynisch. “Maar de piramiden in Egypte stonden er al toen Jezus nog geboren moest worden. En die piramiden zijn volgens mij toch echt gemetseld!”

    De elektricien mengt zich in de discussie. “Hou maar op, jongens,” zegt hij. “Ik heb het oudste beroep van de wereld.” “Want?” vragen de timmerman en de metselaar in koor. “Logisch,” zegt de elektricien.

    “Op de eerste dag zei God: Er was licht! En toen hadden wij de leidingen allang gelegd!”

  • Mijn schoonzoon de chirurg

    Een oudere man ligt op de operatietafel, net voor de ingreep. Hij had erop aangedrongen geopereerd te worden door zijn schoonzoon, een uitstekend chirurg. Vlak voor hij in slaap zou gedaan worden, zegt hij tot zijn schoonzoon:
    “Wees niet nerveus en doe je best. Denk eraan dat, als er iets misloopt, je schoonmoeder bij je in huis komt inwonen!”

  • Een man bij de dokter

    Er komt een man bij de dokter, en die zegt:Ik heb zo’n pijn, rechts onderin mijn borst. En er zit een hele bult.De man moet zich uitkleden en de dokter onderzoekt hem.

    De dokter roept uit: Tjonge, wat een grote lever! Wat drink jij? Zegt de man: Maakt niet uit. Wat heb je in huis?

  • Lawine

    Moos is met wintersport en raakt bedolven onder een lawine. Meteen gaat een reddingsploeg op pad om hem te redden, maar Moos is moeilijk te vinden. Er wordt een helikopter ingezet, en eindelijk zien ze Moos liggen. De reddingsploeg gaat naar hem toe, maar het laatste stuk is slecht begaanbaar. Vanuit de verte roepen ze Moos toe: ‘Meneer Cohen, meneer Cohen, hier is het Rode Kruis, we komen eraan.’ Roept Moos terug: ‘Ik heb vorige week al gegeven.’

Geef een reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *