Half geld
Peter ging naar een optreden in de schouwburg. Aan het loket vroeg hij “een halve ticket”.
“Waarom een halve?”, vroeg de Kassière.
“Nou”, zegt Peter “Omdat ik doof ben aan één kant”.
Peter ging naar een optreden in de schouwburg. Aan het loket vroeg hij “een halve ticket”.
“Waarom een halve?”, vroeg de Kassière.
“Nou”, zegt Peter “Omdat ik doof ben aan één kant”.
Er komt een man op een fiets aangereden, vanuit België, Nederland binnen. Op de bagagedrager een zak met zand. Nederlandse douanebeambte: “Heeft u iets aan te geven?” Zegt de Belg: “Nee.” Douane: “Een Belg die niets smokkelt, asjemenou, wat heeft u dan in die zak?” Zegt de Belg: “Zand.” Tijdens de controle blijkt dat het inderdaad om zand gaat. Een week lang komt de man elke dag met zijn fiets bij de grens met een zak op de bagagedrager. Op de 8e dag wordt de douanebeambte toch wantrouwend. Douane: “Wat vervoert u in die zak?” Zegt de Belg: “Zand.” Douane: “Mmmmm, even kijken.” Deze keer wordt het zand gezeefd. Uitslag: alleen maar zand. Elke dag passeert de man met zijn fiets en een zak de grens. Na twee weken wordt het de douanier toch te bont en hij stuurt het zand naar een laboratorium voor nader onderzoek. Resultaat: het is alleen maar zand! Na twee verdere maanden van zandtransport houdt de douaneman het niet meer uit en hij zweert: “Ik geef u zwart op wit dat ik u niet zal aangeven, maar ik voel aan mijn klompen dat u iets smokkelt. Wat is het?” De man antwoordt: “Zoals u ziet, ik vervoer slechts een kleine hoeveelheid zand.”. De Nederlander is gefrustreerd en woedend en laat zich overplaatsen naar een andere grensovergang, specialiseert zich in zandsoorten en smokkeltrucs en het leven gaat verder. Na vijftien jaar wordt hij gepensioneerd en de dag nadien gaat hij de fietsende Belg bezoeken. “Nou zeg, luister eens. Jij hebt m’n leven grondig vergald, ik ben nu met pensioen, jij hebt gewonnen. Wil je me nou is precies vertellen wat jij eigenlijk smokkelde?!”
De Belg: “Fietsen!”
Kees gaat naar de dokter omdat hij het niet goed heeft in zijn hoofd. De dokter twijfelt of hij hem moet laten opnemen in een psychiatrische instelling, dus hij onderwerpt Kees aan de ultieme test. “Ik vul een bad met water,” zegt de arts tegen Kees. “hier heb je een theelepel en een koffiekopje. Waar zou je het bad mee leegmaken?” “Wat denk je zelf?” zegt Kees. “Met dat kopje natuurlijk!” Daarop klimt de dokter meteen in de telefoon. “Het is zover,” zegt de dokter tegen de centralist van de instelling. “Kom hem maar halen hoor.” “Wat zullen we nou krijgen?” zegt Kees. “Ik ben toch niet gekt!” “O nee?” zegt de dokter. “Ieder weldenkend mens trekt de stop uit het bad!”
Een man gaat naar een dierenspeciaalzaak en vertelt de bediende dat hij een huisdier wil kopen dat alles kan. De bediende stelt een eerlijke hond voor.
De man antwoordt: “Kom nou, een hond?”
De bediende zegt: “Wat denkt u van een kat?”
De man antwoordt: “Absoluut geen kat, een kat kan in elk geval niet alles. Ik wil een huisdier dat alles kan.”
De bediende denkt even na en zegt: “Ik weet het! Een duizendpoot!”
De man zegt: “Een duizendpoot? Ik kan me niet voorstellen dat een duizendpoot alles kan, maar goed…. Ik zal een duizendpoot proberen.”
Hij krijgt de duizendpoot mee naar huis en zegt tegen de duizendpoot: “Maak de keuken schoon.”
Een half uur later loopt hij de keuken in en…. het is er onberispelijk! Alle borden en al het bestek is gewassen, afgedroogd en weggezet, het aanrecht is schoon gemaakt en de vloer is in de was gezet. Hij is hoogst verbaasd.
Hij zegt tegen de duizendpoot: “Ga de woonkamer schoonmaken.”
Twintig minuten later loopt hij naar de woonkamer. Het vloerkleed is netjes schoongemaakt, het meubilair is schoongemaakt en afgestoft, de kussens op de bank zijn opgeschud en de planten hebben water gekregen. De man denkt bij zichzelf: “Zoiets bijzonders heb ik nog nooit gezien. Dit is echt een huisdier dat alles kan!”
Daarna zegt hij tegen de duizendpoot: “Ga naar de kiosk en haal een krant voor mij.”
De duizendpoot gaat naar buiten. 10 minuten later…. geen duizendpoot. 20 minuten later…. geen duizendpoot. 30 minuten later….. geen duizendpoot. Dan begint de man zich af te vragen wat er gaande is. De duizendpoot had toch binnen een paar minuten terug moeten zijn. 45 minuten later…. nog steeds geen duizendpoot! Hij kan zich niet voorstellen wat er nou gebeurd kan zijn. Is de duizendpoot weggelopen? Is hij overreden door een auto? Waar is de duizendpoot? Dus gaat hij naar de voordeur, opent hem… en daar zit de duizendpoot. De man zegt: “He!!!! Ik stuurde je 45 minuten geleden naar de kiosk om een krant voor me te halen. Wat is er aan de hand?!”
De duizendpoot zegt: “Ik ga! Ik ga! Ik moet alleen even mijn schoenen aantrekken!”
De directeur stapt de lawaaierige klas binnen.
Hij wil nu eindelijk die herrieschoppers eens straffen.
‘Geert, wat heb jij uitgespookt?’
‘Ik heb krijt naar het bord gegooid.’
‘Honderd strafregels! En jij Wim?’
‘Ik heb een punaise op de stoel van de meester gelegd.’
‘Wat?! Tweehonderd strafregels. En jij, Peter?’
‘Ik heb snippers door het raam gegooid.’
‘Oh nou…, dat valt wel mee; geen strafregels!’
Op dat ogenblik komt er een jongen binnen, vol blauwe plekken en schrammen.
‘En wat doe jij daar?’, vraagt de directeur boos, ‘Hoe heet jij?’
‘Swen Snippers, meneer.’
Jantje zit bij opa op schoot in de kantine van het bejaardentehuis. En opeens roept er een bejaarde in de zaal:
“12!”
De hele zaal lacht zich kapot. Roept er een andere bejaarde:
“34!”
En weer ligt de zaal in een deuk.
“Waarom lachen jullie?” vraagt Jantje aan opa.
“Nou,” zegt opa, “We hebben alle moppen genummerd.”
“O,” zegt Jantje tegen opa, “Dat kan ik ook” en roept:
“86!”
De hele zaal blijft doodstil.
“Waarom lachen jullie niet?” vraagt Jantje verbijsterd aan opa.
Zegt opa:
“Die kenden we nog niet”.
Een groep politie agenten heeft als taak de hoogte te meten van een vlaggenmast. Zij begeven zich dus naar de mast met ladders en rolmaten. Een voor een vallen ze, of van de ladder, of laten de rolmaat vallen… Een goede oude wijkagent komt toevallig langs en ziet wat er gaande is. Hij trekt de mast uit de grond, legt hem plat, en meet dus de mast. Hij geeft de maten aan de andere politie agenten en gaat weg. Nadat de wijkagent vertrokken is draait een politie agenten zich al lachend om naar de anderen:
– Dat is nu typisch een van de gemeente!!!
– Wij vragen de hoogte en hij geeft ons de lengte !!!