Half geld
Peter ging naar een optreden in de schouwburg. Aan het loket vroeg hij “een halve ticket”.
“Waarom een halve?”, vroeg de Kassière.
“Nou”, zegt Peter “Omdat ik doof ben aan één kant”.
Peter ging naar een optreden in de schouwburg. Aan het loket vroeg hij “een halve ticket”.
“Waarom een halve?”, vroeg de Kassière.
“Nou”, zegt Peter “Omdat ik doof ben aan één kant”.
Komen een slechte priester en een slechte buschauffeur bij de hemelpoort en samen worden ze naar hun verblijf gebracht. Eerst wordt de chauffeur meegenomen naar zijn kamer. Over de top luxe: jacuzzi, groot bed, mooi uitzicht en een onuitputbare minibar.De priester kijkt verrukt en denkt: “zo als dat voor de chauffeur is, dat beloofd wat.” Vervolgens komen ze aan bij de kamer van de priester. Een kleine kamer, met een klapbed en een metalen pot in de hoek. De priester kijkt verbaasd en vraagt: “hoezo krijg ik dit en de chauffeur zo een luxe kamer?” En het antwoord dat hij krijgt: “Die chauffeur heeft veel meer mensen aan het bidden gekregen dan jij!”
Een boer werkt op zijn land en opeens ziet hij op de grond wat glinsteren. Hij stapt van zijn tractor, loopt naar het glinsterende object af en pakt het op. Het is een stuk spiegel. De boer had nog nooit eerder zoiets gezien en kijkt in het stuk spiegel. De boer zegt: “Hè, hij lijkt sprekend op mijn vader.” Tijdens het eten kijkt de boer nog een keer naar de spiegel. “Sprekend mijn vader”, zegt hij. Zijn vrouw vraagt: “Wat is dat, schat?” “O, niks hoor”, zegt de boer. Voor het slapen kijkt hij nog een keer in de spiegel. En weer sprekend zijn vader. Hij trekt zijn broek uit en stopt zijn spiegel in zijn zak. Zijn vrouw vertrouwd het niet en midden in de nacht wanneer haar man slaapt, kijkt ze in de zak van de boer. Ze haalt het stuk spiegel er uit en kijkt er goed in. Zegt de Vrouw: “Ik wist het wel, hij heeft een ander. En nog een lelijke ook!…”
Drie Belgen en drie Nederlanders gaan samen met de trein op stap. De drie Belgen kopen elk een ticket aan het loket. De drie Nederlanders kopen samen maar één ticket. De Belgen zijn verwonderd: ‘hoe gaan jullie dàt doen’? ‘Dat zul je wel zien’ zeggen de Nederlanders. Op de trein begint de controleur aan zijn ronde en de drie Nederlanders gaan samen op één toilet. De conducteur controleert de kaartjes van de Belgen, alles ok. Hij komt bij het toilet, klopt op de deur en de Nederlanders schuiven hun ticket onder de deur. De conducteur controleert het ticket, zegt ‘ok.’ en schuift het terug onder de deur. De volgende dag nemen ze allen terug de trein. De drie Belgen kopen samen maar één ticket. De drie Nederlanders kopen er geen. De Belgen zijn nog meer verwonderd: ‘HOE gaan jullie DAT doen’? ‘Dat zul je wel zien’ zeggen de Nederlanders. In de trein begint de controleur aan zijn ronde en de drie Belgen gaan samen op één toilet. De drie Nederlanders gaan ook samen op één toilet; maar de laatste Nederlander klopt eerst op de deur van het toilet van de Belgen. De Belgen schuiven hun ticket onder de deur……………….
Jantje mag met de klas naar het politiebureau voor een praktijk klas. Op een bord ziet hij foto’s van de 10 meest gezochte criminelen. Een van de kinderen stopt bij een bepaalde foto en vraagt of dat werkelijk de afbeelding was van de gezochte persoon. “Ja”, zegt een agent, “we zijn erg hard naar hem aan het zoeken”. Jantje vraagt: “Waarom hield je hem dan niet vast toen je de foto maakte?”
Jans werkte tijdelijk in een apotheek, doch slaagde er nooit in het geschikte drankje mee te geven.
Z’n baas waarschuwde Jans dat hij hem zou moeten ontslaan als hij weer verkeerde medicijn zou verkopen.
Toen een klant een middel tegen een hardnekkige hoest wilde, gaf Jans de man echter een laxeermiddel.
Hij gaf hem zelfs de raad: “Neem maar direct een grote slok!”
Buitengekomen begint het drankje al te werken en de man houdt zich vast aan een lantaarnpaal.
De apotheker zegt kwaad tegen Jans “Ge weet toch wel dat een laxeermiddel de man z’n hoest niet zal stoppen!”
“Toch wel” repliceert Jans “Kijk maar, hij is gewoon erg bang om nog te hoesten!”
Een loodgieter is overleden en komt bij St. Pieter en doet zijn beklag.
“Ik ben nog maar 50 jaar, nog zo jong!”.
St. Pieter kijkt in zijn boek en zegt vervolgens: “volgens de uren die je hebt aangerekend aan je klanten, moet je nu 112 jaar zijn”