Half geld

Peter ging naar een optreden in de schouwburg. Aan het loket vroeg hij “een halve ticket”.

“Waarom een halve?”, vroeg de Kassière.

“Nou”, zegt Peter “Omdat ik doof ben aan één kant”.

Similar Posts

  • Bezopen

    Een man komt ‘s nachts straalbezopen thuis! Zijn vrouw is daar helemaal niet gelukkig mee en roept: waar heb jij gezeten ???? Ah , antwoord mijnheer, in de gouden kroeg, da’s een nieuw café, helemaal goud! Gouden deuren, gouden vloeren, zelfs gouden pisbakken!!

    Mevrouw gelooft er niets van en telefoneert de dag erna naar het café!

    Hallo, hebben jullie gouden deuren? Jazeker, zegt de man aan de andere kant van de lijn!

    En gouden vloeren?  Jazeker mevrouw! En ook gouden urinoirs?

    Dan blijft het even stil en hoort mevrouw de man aan de telefoon roepen; Hé John, die aan de telefoon weet waarschijnlijk meer over wie er gisteren in jouw saxofoon heeft gepist!

  • Blond!!

    Er is een ploeg van het elektriciteitsbedrijf bezig hoogspanningskabels te spannen in het weiland, als er een blondje langs komt. Zij kijkt omhoog en begint keihard te lachen.

    Nog geen 5 minuten later gebeurt hetzelfde, één van de medewerkers begint zich eraan te ergeren en denkt bij zich zelf als dit nog eens gebeurt ga ik verhaal halen. En ja hoor nog geen kwartier later komt er weer een blondje voorbij en die komt niet meer bij van het lachen. Hij klimt naar beneden en vraagt:
    “Je bent al de derde die niet meer bij komt van het lachen, waar lachen jullie om?”

    Zegt het blondje: “Ach man, de koeien kunnen toch zo onder dat hek doorlopen.”

  • Sam & Moos

    Sam komt Moos tegen. Zegt Sam tegen Moos: ‘Hé Moos, wat zie jij er slecht uit.’ Zegt Moos: ‘Ja vind je het gek. Werk in de haven, sjouwen, om vijf uur beginnen, om drie uur weer thuis…’ Vraagt Sam: ‘Goh Moos, hoe lang doe je dat al?’ Zegt Moos: ‘Ik moet maandag beginnen.

     

  • Een Haas

    Een Nederlander en een Duitser zijn aan het jagen in een groot bos. Ze zien allebei een haas en schieten direct. Als ze bij de haas zijn zegt die Duitser: “Das ist mein haas, habe ich geschossen.” “Nou nee, ik dacht het van niet” zegt de Nederlander, “Jij hebt ‘m in zijn poot geraakt, en dat schot door zijn kop is van mij”. “Nein!” zegt die Duitser.“Echt wel!” zegt de Nederlander weer.

    Ze komen er niet uit op deze manier. Dan zegt de Nederlander: “Ik stel voor dat we dit als mannen onder elkaar oplossen.” “Ok,” zegt de Duitser, “einverstanden. Wie dan?”

     “Nou, kijk dan doen we zo, we gaan allebei een keer met de benen gespreid staan, en geven om de beurt de ander een enorme schop tussen de benen, wie het hardst schopt heeft gewonnen en die krijgt de haas. “Ok” “Ok, machen wir,”

    “Ik begin”, zegt de Hollander. Dus de Duitser gaat wijdbeens staan en krijgt me toch een schop … Huilend en rollend gaat ‘ie door het gras, na een kwartier staat ‘ie weer op, nog een beetje krom maar het ging wel weer.

    “So.” zegt ie “und jetzt ist mein beurt.” “Nou”, zegt de Hollander, “neem jij die haas maar…”

  • Een zatlap

    Een zatlap loopt ‘s nachts over straat en belt om 4 uur ‘s morgens aan bij mensen. De man des huizes staat woedend op en vraagt: “Wat is dat hier, wat scheelt er?” De zatlap: “Kom me duwen! Je moet me komen duwen!” Razend zegt de bewoner: “Ik ken je niet eens, het is 4 uur in de morgen, en jij vraagt me om je te komen duwen. Bol het af jong…” Terug in de slaapkamer, legt hij zich terug in bed, maar zijn vrouw speelt hem de les: “Nu heb je toch overdreven. Het is jou toch ook al overkomen dat je in panne staat met de wagen. Je had die sukkelaar toch wel even kunnen helpen duwen.” Man: “Ja, maar die kerel was strontzat.” Vrouw: “Reden te meer om hem te helpen, het gaat hem nooit alleen lukken. Nee, zo ken ik je helemaal niet, ik ben zeer teleurgesteld in je.” Haar man, helemaal ontdaan, kleedt zich toch maar weer aan en gaat naar beneden. ! Hij opent de deur en roept: “He kerel, ik kom je duwen, waar zit je?”

    Zatlap: “Hier in de tuin, op de schommel”

  • Veertien Kinderen

    Een vrouw komt met haar veertien kinderen bij de pastoor op bezoek. De kleinste van twee jaar oud loopt naar de pastoor.
    De pastoor: En jongen hoe heet jij?” Jongetje: “Jantje.”
    De volgende komt binnen.
    Pastoor: “En jongen hoe heet jij?” Jongetje: “Jantje.”
    Pastoor: “Ah, heet jij ook jantje?”
    De oudste komt binnen (14 jaar). 
    Pastoor: “En hoe heet jij jongen?” Jongen: “Jantje.”
    Pastoor tegen moeder: “Heten al jouw zoontjes misschien Jantje?”
    Moeder: “Ja, dat is heel gemakkelijk, als ik roep: ‘Jantje opstaan’ staan ze allemaal op, 
    als ik roep: ‘Jantje eten,’ komen ze allemaal eten, 
    als ik roep: ‘Jantje slapen,’ dan gaan ze allemaal slapen.”
    Pastoor: “En als je maar één iemand nodig hebt, hoe doe je dat dan?”
    Moeder: “Dan roep ik gewoon hun familienaam.”

Geef een reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *