op School

Op school zegt de juf; “Wie zichzelf dom vindt mag gaan rechtstaan.”  Iedereen blijft zitten. Plots gaat Peter staan. “Zo”, zegt de juf “Jij vindt jezelf dom, Petertje”. “Neen juffrouw, ik vond het zo zielig dat jij daar als enige stond”, antwoordt Peter .

Similar Posts

  • Liefde op het eerste gezicht

    Een man en een vrouw zitten rechtover tegen elkaar in de trein, de vrouw zegt tegen de man telkens als je me aankijkt en naar mij glimlacht heb ik de neiging om je bij mij thuis uit te nodigen, wauwww zegt de man is het liefde op het eerste gezicht, nee zegt de vrouw ik ben tandarts.

  • Een scout van voetbalclub Ajax vertelt de trainer dat hij een fantastische jonge Irakese spits aan het werk heeft gezien in Bagdad. De trainer stapt onmiddellijk op het vliegtuig om een wedstrijd te gaan bekijken. De trainer is behoorlijk onder de indruk, de spits maakt drie mooie doelpunten. Hij laat de speler een contract ondertekenen en neemt hem mee naar Amsterdam. Vijf weken later: Ajax staat 4-0 achter tegen Feijenoord. Er zijn nog maar twintig minuten te spelen. De trainer brengt de Irakees op het veld. Die scoort vier sensationele doelpunten en kopt in de allerlaatste minuut het winnende doelpunt binnen. Onmiddellijk na de wedstrijd belt de kerel naar zijn moeder: “Ik heb vandaag twintig minuten meegespeeld en heb al meteen vijf doelpunten gescoord!”, zegt hij enthousiast. “De spelers en supporters dragen mij hier allemaal op handen”. “Tof”, zegt zijn moeder, “maar ik zal je eens vertellen hoe mijn dag was. Je vader is op straat beschoten! Je zus en ik zijn aangevallen en geslagen en je broer is lid geworden van een bende criminelen. En dat allemaal terwijl jij de tijd van je leven hebt!”

    De Irakees is onder de indruk: “Ja, wat kan ik zeggen mama? Het spijt me” “Het spijt je?!” zegt de moeder, “het is wel voor jou dat we naar Amsterdam verhuisd zijn, hé

  • Een zatlap

    Een zatlap loopt ‘s nachts over straat en belt om 4 uur ‘s morgens aan bij mensen. De man des huizes staat woedend op en vraagt: “Wat is dat hier, wat scheelt er?” De zatlap: “Kom me duwen! Je moet me komen duwen!” Razend zegt de bewoner: “Ik ken je niet eens, het is 4 uur in de morgen, en jij vraagt me om je te komen duwen. Bol het af jong…” Terug in de slaapkamer, legt hij zich terug in bed, maar zijn vrouw speelt hem de les: “Nu heb je toch overdreven. Het is jou toch ook al overkomen dat je in panne staat met de wagen. Je had die sukkelaar toch wel even kunnen helpen duwen.” Man: “Ja, maar die kerel was strontzat.” Vrouw: “Reden te meer om hem te helpen, het gaat hem nooit alleen lukken. Nee, zo ken ik je helemaal niet, ik ben zeer teleurgesteld in je.” Haar man, helemaal ontdaan, kleedt zich toch maar weer aan en gaat naar beneden. ! Hij opent de deur en roept: “He kerel, ik kom je duwen, waar zit je?”

    Zatlap: “Hier in de tuin, op de schommel”

  • Slakken

    Een man des huizes had net een maaltje slakken op en zeurde: “Ik lust er nog wel een paar vrouw, want zoals jij ze maakt, maakt niemand ze.” “Nou jong, dan zal jij ze zelf moeten gaan halen.” “Geen punt!” Nadat hem de weg was uitgelegd, waar hij ze moest gaan halen, ging hij fluitend de deur uit. Daar aangekomen: “Ik had graag nog wat slakken.” “Ja”, zei die slakkenboer, “ik heb er zoveel verkocht dat ik geen verpakkingen meer heb.” “Dat geeft niet”, zegt de man, terwijl hij zijn trui openhield. En zo ging ook naar huis. Maar onderweg kwam hij enkele vrienden tegen die vroegen om met z’n allen wat te gaan drinken. “Néé jongens!” Na wat zeuren … nou goed ééntje dan. Het werden er enkele meer en de tijd vloog om. “Jongens ik moet naar huis,” zei hij met een dikke tong. Zo schommelde hij even later naar huis. Thuis aangekomen kreeg hij de huissleutel niet meteen in het sleutelgat. Terwijl hij gebukt stond te richten, vielen de nog levende slakken vanuit zijn trui op de grond. Net toen hij de slakken weer terug wilde doen in zijn trui, vloog plots de deur open en daar stond zijn woedende vrouw. Eer dat zij de kans kreeg om hem de les te lezen, zei hij al lallend: “…allee jongens, nóg tien centimeter …. dan zijn we thuis!”

  • Lepel

    Een dorpspastoor kreeg bezoek van een jongere collega. Tijdens het eten merkt de jonge pastoor op dat de oude pastoor veel zat te kijken naar zijn huishoudster. De jonge pastoor zei dit en de oude pastoor verzekerde dat er niks tussen hem en zijn huishouder was. Een week later vertelde de huishoudster dat er een lepel ontbrak. De oude pastoor belt naar de jonge collega en zegt: “Ik zeg niet dat je die lepel hebt, maar heb je hem, ja of nee?” Het antwoord van de jonge pastoor was: “Als je in je eigen bed sliep, meneer pastoor,  had je hem allang gevonden!”

Geef een reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *