Appelpitjes

Een Hollander en een Belg zitten tegenover elkaar in de trein. De Hollander haalt een plastic zakje uit zijn jaszak, gevuld met appelpitjes. Hij neemt er een paar uit en eet ze op, en even later doet hij dat nogmaals. De Belg vraagt: ”Waarom eet jij appelpitjes?” De Hollander antwoord: “Daar wordt je slim van.” “Kan ik een paar pitjes van je kopen?” vraagt de Belg. “Natuurlijk” zegt hij “ze kosten € 3,– per stuk”. “Geef mij er dan maar vijf” zegt de Belg en betaald € 15,– . Apetrots eet de Belg er een paar en terwijl het eet zegt hij, “zoveel geld voor een paar pitjes”. Ik vindt dat duur want als ik een kilo appels koop heb ik de pitjes er gratis bij. Zegt de Hollander tegen de Belg:

“Zie je, het begint al te werken”.

Similar Posts

  • KANGEROE OVER DE VLOER

    Een kangoeroe wandelt een café binnen, gaat aan de bar zitten en bestelt een biertje. “Dat is dan vijfentwintig euro,” zegt de barman. De kangoeroe vindt dat wel een beetje duur, maar legt toch vijfentwintig euro op de toog, krijgt een versgetapt biertje voorgezet en begint er op zijn gemak van te drinken. Na een tijdje krijgt hij in de gaten dat het hele café naar hem aan het staren is. “Tjonge,” zegt hij tegen de barman, “de hele zaak is hier naar mij aan het kijken. Wel een beetje onbeleefd, vindt u ook niet?” “Je moet dat begrijpen,” zegt de barman, “wij krijgen hier niet vaak kangoeroes over de vloer.” “Nee, dat snap ik,” zegt de kangoeroe, “als je vijfentwintig euro voor een biertje vraagt…”

  • Laarzen

    Een boer is met zijn knecht op het land als hij tot aan zijn enkels in de blubber zakt. “Ga mijn laarzen halen,” zegt de boer. Als de knecht bij de boerderij is, komt hij de dochters van de boer tegen.
    “Hé, wat doe jij nou hier?” vragen de meiden.
    “Ik mag van de boer met jullie allebei naar bed!” zegt hij.
    “Daar geloven we niks van.”
    “Oh nee? Wacht maar, dan vraag ik het hem wel even,” en hij roept naar de boer op het land: “Moest ik er nou 1 pakken of 2?!”
    De boer: “Allebei natuurlijk!”

  • Waterput

    Twee mannen lopen over een heide en zien een waterput. Ze lopen er naartoe en vragen zich af hoe diep die put eigenlijk is. Ze pakken een steentje, gooien het in de put, maar horen het niet de bodem raken. “Vreemd”, zegt de een. “Zou ‘ie zó diep zijn?” Ze gaan een grotere steen zoeken en gooien die ook in de put. Ze buigen voorover om te horen wanneer de steen de bodem raakt. Wéér geen geluid. Nu zien ze een hele grote zware steen, een grote rots, liggen en pakken die met z’n tweeën op. Ze strompelen naar de put en weten de rots over de rand te kieperen. Ze luisteren vol spanning en horen ineens hoefgetrappel achter zich. Ze draaien zich om en zien een geit keihard aan komen rennen en die duikt zo de put in. Stomverbaasd kijken ze elkaar aan. Na een kwartier komt er een herder aanlopen. “Hebben jullie mijn geit gezien?” “Nou”, zegt de een, “er dook hier net wel een geit met een rotgang deze put in.” “Nou”, zegt de herder, “dat kan niet want die zat aan een rots vast.”

  • Achternaam

    Een mevrouw komt met haar 14 kinderen bij de pastoor. De kleinste van 2 jaar oud komt bij de pastoor: de pastoor: “en jongen hoe heet jij?” Jongetje: “Jantje ” De volgende komt binnen. Pastoor: “en jongen hoe heet jij? ” Jongetje: “Jantje ” Pastoor: “Ah heet jij ook jantje? ” De oudste komt binnen(14 jaar). Pastoor: “En hoe heet jij jongen?” Jongen: “Jantje” Pastoor tegen moeder: Pastoor: “Heten al jouw zoontjes misschien Jantje.” Moeder: “Ja, dat is heel gemakkelijk: als ik roep:’Jantje opstaan’ staan ze allemaal op, als ik roep’ Jantje eten’ komen ze allemaal eten, als ik roep:’ Jantje slapen’ dan gaan ze allemaal slapen.” Pastoor: “En als je maar 1 iemand nodig hebt, hoe doe je dat?” Moeder: “Dan roep ik hun achternaam.”

  • Petrus

    Petrus was ongerust. Er kwamen hoe langer hoe minder mensen naar de hemel.
    Hij had bijna niets meer te doen…
    Dus riep hij één van de engelen bij zich en zond hem naar de aarde.

    ‘Ga eens kijken,’ zei hij, ‘wat daar allemaal gebeurt en waarom wij zo weinig volk binnen krijgen.’ De engel ging naar de aarde en bleef daar een lang week-end alvorens terug te keren en verslag uit te brengen bij Petrus ..
    ‘Kijk,’ zei hij, ‘het is geen wonder.
    De mensen zijn slecht, allemaal valsaards, moordenaars en echtbrekers, dieven en egoïsten en ze sexen er maar op los. De goede mensen zijn op de vingers van één hand te tellen.’
    Petrus was onthutst.
    Hij dacht daar lang over na, maar omdat hij niet wilde afgaan op één opinie, besloot hij nog een andere engel te zenden met dezelfde opdracht.

    Toen die na een week terugkwam zei deze tegen Petrus : ‘Het is waar. De mensen zijn zeer slecht. Allemaal valsaards, leugenaars en dieven, ruziemakers en bedriegers, en ‘t is sex al wat de klok slaat. De goede mensen zijn op de vingers van een hand te tellen.’

    Petrus voelde zich machteloos.
    Na veel nadenken besloot hij een e-mail te sturen ENKEL naar de nog overblijvende goede mensen, om hen moed in te spreken en hen te feliciteren met hun goede levenswandel.

     

    Weet jij wat er in die e-mail stond ?

    Nee?
    Ook geen gekregen zeker ? ? ? ! ! !

Geef een reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *