POLITIE HOUDT EEN WEGMISBRUIKER

De makers van Wegmisbruikers zijn getuige van de aanhouding van een hardrijdende, rood stoplicht negerende, mobiel bellende, niet gegordelde automobilist. De dienstdoende agent klopt op het raampje en spreekt de man aan op zijn rijgedrag. Het blijkt een Rus te zijn, die bovendien ook te fanatiek aan de nationale bezigheid van de Russen heeft gedaan, namelijk vodka zuipen alsof het water is. De agent pakt zijn boekje en vraagt de man naar zijn naam. De Rus geeft het volgende antwoord: Andrejev Vasilly Sergei Piotr Wladimir Poulatovichenkovitj. Hierop zegt de agent: “Nou vooruit, voor deze ene keer een waarschuwing..”

Similar Posts

  • Moppen tappen

    Jantje zit bij opa op schoot in de kantine van het bejaardentehuis. En opeens roept er een bejaarde in de zaal:
    “12!”
    De hele zaal lacht zich kapot. Roept er een andere bejaarde:
    “34!”
    En weer ligt de zaal in een deuk.
    “Waarom lachen jullie?” vraagt Jantje aan opa.
    “Nou,” zegt opa, “We hebben alle moppen genummerd.”
    “O,” zegt Jantje tegen opa, “Dat kan ik ook” en roept:
    “86!”
    De hele zaal blijft doodstil.
    “Waarom lachen jullie niet?” vraagt Jantje verbijsterd aan opa.
    Zegt opa:
    “Die kenden we nog niet”.

  • Veertien Kinderen

    Een vrouw komt met haar veertien kinderen bij de pastoor op bezoek. De kleinste van twee jaar oud loopt naar de pastoor.
    De pastoor: En jongen hoe heet jij?” Jongetje: “Jantje.”
    De volgende komt binnen.
    Pastoor: “En jongen hoe heet jij?” Jongetje: “Jantje.”
    Pastoor: “Ah, heet jij ook jantje?”
    De oudste komt binnen (14 jaar). 
    Pastoor: “En hoe heet jij jongen?” Jongen: “Jantje.”
    Pastoor tegen moeder: “Heten al jouw zoontjes misschien Jantje?”
    Moeder: “Ja, dat is heel gemakkelijk, als ik roep: ‘Jantje opstaan’ staan ze allemaal op, 
    als ik roep: ‘Jantje eten,’ komen ze allemaal eten, 
    als ik roep: ‘Jantje slapen,’ dan gaan ze allemaal slapen.”
    Pastoor: “En als je maar één iemand nodig hebt, hoe doe je dat dan?”
    Moeder: “Dan roep ik gewoon hun familienaam.”

  • Opscheppen

    Op de speelplaats wordt opgeschept.

    ‘Wij zijn met drie kinderen thuis en ieder heeft zijn eigen bed…’

    ‘Wij zijn met vier kinderen, en elk heeft zijn eigen kamer…’

    ‘En wij zijn met vijven, en ieder heeft zijn eigen papa…’

  • Allemaal bezig

    • Belt een verzekeringsman op naar zijn cliënt. Neemt een klein meisje de telefoon op, waarop de man vraagt of hij haar vader mag spreken. Antwoordt het meisje fluisterend: “Dat gaat niet, die is bezig.” Dus de verzekeringsman vraagt haar naar haar moeder. Antwoord het meisje weer fluisterend: “Die is ook bezig.” “Nou, misschien is dan je oudere broer of zus thuis?” Zegt het meisje weer fluisterend door de telefoon: “Die zijn ook allebei bezig.” Nou die verzekeringsman denkt ook bij zichzelf; wat voor een huishouden heb ik nu weer aan de lijn. Dus hij vraagt het meisje maar wat ze eigenlijk aan het doen zijn. Waarop het meisje weer fluisterend antwoord: “Ze zijn mij aan het zoeken.”
  • Vragen

    Een boer en een professor zitten tegenover elkaar in de trein. Zegt de professor: ‘Zullen we vragen aan elkaar stellen?’
    Boer: ‘Nee, dat win jij toch.’ ‘Oké dan’, zegt de professor. ‘als jij een antwoord niet weet, krijg ik 2 euro 50 van jou en als ik het antwoord niet weet, krijg jij 5 euro van mij.’
    ‘Da’s goed’, antwoordt de boer, ‘maar dan begin ik. Het is groen, blauw, grijs, zwart en wit en het vliegt door de lucht.’
    Na lang nadenken zegt de professor: ‘Ik weet het niet, hier heb je je 5 Euro.’
    ‘Dank je wel’, zegt de boer, ‘ik weet het ook niet, hier heb je 2 euro 50!’

Geef een reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *