Casino bezoeker

Johan, een frequent bezoeker van het casino, kon geen parkeerplaats voor zijn auto vinden. Hij raakt in paniek, want hij was al te laat voor zijn afspraak met vrienden die hij in het casino zou ontmoeten. Er stond heel wat op het spel. Hij keek naar boven en smeekte: “Heer, heb medelijden met mij. Als U een parkeerplaats voor mij vindt, dan zal ik de rest van van leven elke zondag naar de kerk gaan en stop ik met gokken!” Wonderlijk genoeg was er plotseling een lege parkeerplek. Johan keek weer naar boven en zei: “Laat maar zitten hoor, ik heb er al één gevonden.”

Similar Posts

  • Dronken

    Een dronken man loopt de kerk in, neemt plaats in de biechtstoel en zegt verder niets. De pastoor kucht eens om de aandacht van de man te trekken, maar het blijft verder stil. In een laatste poging de man aan het praten te krijgen, bonkt hij op de wand. Daarop antwoordt de man: “‘t Spijt me jongen, maar ik heb ook geen papier”

  • Hygiene

    Een boer ontdekt dat een van zijn koeien opeens aan beide ogen scheel is een belt de dierenarts. Deze komt direct, bekijkt de koe en vraagt de boer om een PVC buisje van een meter. De boer snort een pijp op en geeft het aan de dierenarts. “Kijk” zegt hij, “de behandeling is simpel, ik zal het voordoen met het rechteroog. Je steekt het buisje voor de helft in de anus van de koe licht naar links toe en je blaast een keer hard”. En warempel, het rechteroog van de koe staat ineens weer recht. “Nu jij met het linkeroog” zegt de dierenarts tegen de boer, “maar nu licht naar rechts”. De boer pakt het buisje, haalt het uit de koe en Arie, draait het om, steekt het er weer in en wil gaan blazen waarop de dierenarts roept: “wat doe jij nou?!” “Wat denk je zelf?” zegt de boer, “aan het andere eind heb jij met je mond gezeten!”

  • Sprookjes

    Een zoontje vraagt aan zijn vader: “Pappie, beginnen alle sprookjes met ’Er was eens…‘?”
    Antwoordt vader: “Nee jongen, er zijn er ook die beginnen met ’Als u op mij stemt…‘”

  • Juiste gereedschap

    Op een morgen komt een man terug van een vistochtje van verschillende uren en besluit om een dutje te doen; ondanks het feit dat ze niet vertrouwd is met het meer, besluit de vrouw toch om de boot van haar man eens te gebruiken. Ze vaart een eindje het meer op, gooit het anker uit, en leest een spannendboek. Plots komt er een man, de terreinbeheerder, langs gevaren met zijn boot. Hij legt naast de boot van de vrouw aan en zegt: ‘Goede morgen mevrouw. Wat bent u aan het doen ?’ ‘Een boek aan het lezen’ antwoordt ze, (meteen denkend: ‘Is dat niet duidelijk ?’) ‘U bent in een Verboden Te Vissen zone’, zo informeert hij haar. ‘Sorry vriend, maar ik ben niet aan het vissen , ik ben aan het lezen’ ‘Ja, maar u hebt al het gereedschap en voor zover ik weet, kunt u er op elk ogenblik mee beginnen; ik moet u een bekeuring geven en uw materiaal in beslag nemen’. ‘Als u dat doet, zal ik u moeten aangeven voor seksuele intimidatie’ zegt de vrouw. ‘Maar ik heb u zelfs nog niet aangeraakt’ zegt de man. ‘Dat is waar, maar u hebt al het gereedschap ervoor bij u en v oor zover ik weet, kunt u er op elk ogenblik mee beginnen ‘, zegt de vrouw. ‘Nog een prettige dag verder mevrouw’, en de terreinbeheerder vertrekt.

  • Waterput

    Twee mannen lopen over een heide en zien een waterput. Ze lopen er naartoe en vragen zich af hoe diep die put eigenlijk is. Ze pakken een steentje, gooien het in de put, maar horen het niet de bodem raken. “Vreemd”, zegt de een. “Zou ‘ie zó diep zijn?” Ze gaan een grotere steen zoeken en gooien die ook in de put. Ze buigen voorover om te horen wanneer de steen de bodem raakt. Wéér geen geluid. Nu zien ze een hele grote zware steen, een grote rots, liggen en pakken die met z’n tweeën op. Ze strompelen naar de put en weten de rots over de rand te kieperen. Ze luisteren vol spanning en horen ineens hoefgetrappel achter zich. Ze draaien zich om en zien een geit keihard aan komen rennen en die duikt zo de put in. Stomverbaasd kijken ze elkaar aan. Na een kwartier komt er een herder aanlopen. “Hebben jullie mijn geit gezien?” “Nou”, zegt de een, “er dook hier net wel een geit met een rotgang deze put in.” “Nou”, zegt de herder, “dat kan niet want die zat aan een rots vast.”

  • Naar de hemel?

    Peterke vind in de tuin een dode mus, hij loopt ermee naar zijn vader en vraagt of hij een lege sigarenkistje heeft, want hij zou het musje graag begraven. Vader zoekt eens tussen zijn spullen en vind er een leeg kistje. Peterke bekleed het kistje met wat wc papier en legt het musje erin. Dan gaat het achteraan in de tuin begraven. Wanneer het vogeltje begraven is, vraagt Peterke aan zin vader: ‘Papa, gaan dode vogeltjes ook naar de hemel?’ ‘Natuurlijk’ zegt papa. Peterke begint ineens te schaterlachen. Vader kijkt verbaasd naar zijn zoon en vraagt: ‘Peterke, vind je dat nu echt om te lachen?’

    ‘Nee’, zegt Peterke, ‘Maar ik zou graag het gezicht van St-Pieter eens willen zien.

    Hij denkt waarschijnlijk  dat hij een kistje sigaren krijgt en word blij gemaakt met een dode mus!

Geef een reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *