Moppen tappen

Jantje zit bij opa op schoot in de kantine van het bejaardentehuis. En opeens roept er een bejaarde in de zaal:
“12!”
De hele zaal lacht zich kapot. Roept er een andere bejaarde:
“34!”
En weer ligt de zaal in een deuk.
“Waarom lachen jullie?” vraagt Jantje aan opa.
“Nou,” zegt opa, “We hebben alle moppen genummerd.”
“O,” zegt Jantje tegen opa, “Dat kan ik ook” en roept:
“86!”
De hele zaal blijft doodstil.
“Waarom lachen jullie niet?” vraagt Jantje verbijsterd aan opa.
Zegt opa:
“Die kenden we nog niet”.

Similar Posts

  • Brief aan God

    Een arm vrouwtje schreef een brief aan God, adres “Hemel”, waarin ze 2000 euro vraagt om om haar huurschuld af te betalen. De sorteerders van de Post weten geen raad met het adres en maken de brief open.. Ze zijn zo ontroerd door het lot van het arme vrouwtje, dat ze met de pet rondgaan. Zo halen ze 1800 euro op. Dit bedrag doen ze in een envelop met een briefje van “God” erbij en sturen het terug aan het oude dametje. Een week later ontvangt de Post weer een brief gericht aan God, adres : “Hemel”. Ze maken de brief weer open en lezen: “Lieve God, bedankt voor het geld. Als u nog iets kunt missen, stuur het dan niet meer via de Post, want die rotzakken hebben er 200 Euro uit gepikt…”

  • Juiste gereedschap

    Op een morgen komt een man terug van een vistochtje van verschillende uren en besluit om een dutje te doen; ondanks het feit dat ze niet vertrouwd is met het meer, besluit de vrouw toch om de boot van haar man eens te gebruiken. Ze vaart een eindje het meer op, gooit het anker uit, en leest een spannendboek. Plots komt er een man, de terreinbeheerder, langs gevaren met zijn boot. Hij legt naast de boot van de vrouw aan en zegt: ‘Goede morgen mevrouw. Wat bent u aan het doen ?’ ‘Een boek aan het lezen’ antwoordt ze, (meteen denkend: ‘Is dat niet duidelijk ?’) ‘U bent in een Verboden Te Vissen zone’, zo informeert hij haar. ‘Sorry vriend, maar ik ben niet aan het vissen , ik ben aan het lezen’ ‘Ja, maar u hebt al het gereedschap en voor zover ik weet, kunt u er op elk ogenblik mee beginnen; ik moet u een bekeuring geven en uw materiaal in beslag nemen’. ‘Als u dat doet, zal ik u moeten aangeven voor seksuele intimidatie’ zegt de vrouw. ‘Maar ik heb u zelfs nog niet aangeraakt’ zegt de man. ‘Dat is waar, maar u hebt al het gereedschap ervoor bij u en v oor zover ik weet, kunt u er op elk ogenblik mee beginnen ‘, zegt de vrouw. ‘Nog een prettige dag verder mevrouw’, en de terreinbeheerder vertrekt.

  • twee toeristen

    Twee toeristen bezoeken het plaatsje Natchitoches in Louisiana (VS). Ze discussiëren over hoe je nou eigenlijk de naam van dit plaatsje uitspreekt. Omdat ze er maar niet uitkomen, besluiten ze ergens in het dorp even een hapje te gaan eten. De ene toerist vraagt aan de blonde serveerster: “Mevrouwtje, kunt u eens, lángzaam en duidelijk uitspreken, voor twee simpele toeristen, hoe de plaats heet waar wij ons op dit moment bevinden?” De serveerster buigt zich over de tafel en zegt: “Buuuuuurrrrrrr-geeerrrrrr-kiiiiiiingggggggg…”

  • Moos

    Moos gaat voor het eerst in zijn leven skiën. Les nemen vindt hij zonde van het geld, dus suist hij bij zijn eerste afdaling, niet geremd door enige kennis of vaardigheid, met een noodgang over de zwarte piste.
    Waardoor hij een bordje ‘Lawine gevaar’ niet ziet. Als Moos, na een adembenemende afdaling, dankzij een bovenmenselijke inspanning nog net voor een vreselijk diep ravijn tot stilstand weet te komen, slaakt hij een diepe zucht van verlichting.
    Dat had hij beter niet kunnen doen.
    Tien tellen later ligt hij onder drie meter sneeuw. Onmiddellijk rukken de reddingswerkers uit. Zodra Moos gelokaliseerd is, steken ze een lange pijp in de sneeuw om Moos wat lucht te verschaffen. Moos ziet de pijp vlak boven zijn hoofd door de sneeuw verschijnen. “Wie is daar?” roept hij.
    “Het Rode Kruis,” roept men van boven.
    Waarop Moos zegt: “Maar, daar heb in Amsterdam al voor  gegeven.”

  • Konijnen en Egels

    Een egel zegt tegen de andere egel: vind jij het ook zo gek dat wij meer worden over gereden dan de konijnen. Die ander zegt: “Ja, kom we gaan vragen hoe ze dat doen. Dus ze vragen het. De konijntjes zeggen: “Al zie je nou 2 lichtjes aankomen dan ga je daar precies tussen in zitten en dan word je niet geraakt.” Dus die egels zien ineens 2 lichtjes aankomen en gaan daar tussen in zitten.” Maar ze worden toch overgereden. Dus die konijntjes achter de boom zeggen: “Zie je ook niet vaak meer die driewielers.”

Geef een reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *