Vakantie
Er waren eens 2 onderbroeken in de wasmand. Zegt de ene onderbroek: “ik ga binnenkort op vakantie.” Zegt de andere onderbroek: “Ik hoef al niet meer op vakantie, want ik ben al bruin genoeg!”
Er waren eens 2 onderbroeken in de wasmand. Zegt de ene onderbroek: “ik ga binnenkort op vakantie.” Zegt de andere onderbroek: “Ik hoef al niet meer op vakantie, want ik ben al bruin genoeg!”
Een pastoor had erg veel last van muizen in de kerk.
Die beesten renden zelfs tijdens de mis door de kerk.
De pastoor strooide gif, zette klemmen, liet een paar katten los in de kerk, maar het hielp niets.
Altijd liepen er wel weer muizen.
Op een zondag, voordat hij met de preek zou beginnen, vroeg hij hulp van de beminde gelovigen, wie van hen een oplossing had tegen de muizenplaag.
Een wat oudere vrouw staat op en zegt: “Pastoor u moet die muizen dopen”.
“Dopen? mijn dochter.
Hoe zo helpt dat dan?” vroeg de pastoor.
“Jawel, meneer pastoor. Ik heb 11 kinderen, allemaal gedoopt en er komt er geen een meer in de kerk”.
Kom je te laat op je werk, dan geef je een slecht voorbeeld. Kom je te vroeg, dan ben je een rondneuzer, of blij thuis weg te zijn.
Blijf je overwerken, dan ben je een uitslover. Ga je op tijd weg, dan heb je geen hart voor de zaak.
Pleeg je overleg, dan durf je zelf niet te beslissen. Doe je het niet, dan ben je eigenwijs.
Neem je iemand apart, dan schep je onderonsjes. Doe je het niet, dan ben je onpersoonlijk.
Ben je aardig, dan wil je de getapte man uithangen. Houd je afstand, dan heb je verbeelding.
Kom je met nieuwe ideeën, dan ben je een nieuwlichter. Maar als je ze niet hebt, dan gaat er niets van je uit.
Laat je anderen iets voor je doen, ben je een afschuiver. Pak je het zelf aan, dan ben je eigengereid.
Hou je je stipt aan de voorschriften, dan ben je lastig. Als je het niet doet, ben je een slappeling.
Heb je succes, dan heb je geluk gehad. Loopt het mis, dan weet iedereen het je te vertellen.
Als je er niet meer bent, Dan was je een geweldige kerel!
Een Belg tankt in Eindhoven bij een selfservice station. Hij gaat naar binnen om te betalen, gaat naar buiten en komt direct daarna in paniek weer binnen. ‘Weet ge’, zegt hij, ‘nu heb ik mijn wagen afgesloten en de sleutels erin laten zitten’. ‘Geen paniek’ zegt de bediende, ‘dat gebeurt wel vaker. U krijgt van mij een schroevendraaier, een doekje en een ijzerdraadje mee. Met de schroevendraaier duwt u het raamrubber opzij, u doet het doekje ertussen om niets te beschadigen en met het ijzerdraadje hengelt u het pinnetje van de deur open’. De Belg is helemaal opgelucht en loopt weer naar buiten. Vijf minuten later komt een Eindhovenaar binnen. ‘Dat kan toch niet !!’ zegt hij verbaasd tegen de bediende. ‘Ja wat dan?’ vraagt die. ‘Er staat daarbuiten een Belg, met een ijzerdraadje om de deur van zijn auto te openen!’ ‘En….?’ vraagt de bediende, ‘dat maken wij hier regelmatig mee!’ ‘Ja !!’, zegt hij, ‘maar toch niet dat de vrouw in de auto zit die roept: Beetje naar links! Beetje naar rechts!!!
Twee baby’s (een meisje en een jongetje) liggen in hun bedje. Zegt het jongetje: “Ik ben een jongetje!” Daarop reageert het meisje: “Hoe weet je dat?” “Nou, als onze moeders weg zijn, zal ik het je laten zien.” Als even later de moeders de slaapkamer hebben verlaten vraagt het meisje: “Laat je me nou zien, dat je een jongetje bent?” “Natuurlijk!” Het jongetje doet de dekentjes opzij…….. “Kijk maar, blauwe sokjes!”
Er staan 2 Belgen voor het viaduct met hun truck. De truck is 10 centimeter te hoog. Zegt die ene Belg: “Er komt geen politie aan, rij maar snel door.” De truck komt vast te zitten en de politie komt eraan. De politie kijkt het aan en zegt tegen de Belgen: “Als je de banden nou wat leeg laat lopen, komt die truck misschien los!”. Zegt die Belg: “Maar meneer, de truck zit van boven vast en niet van onderen!”.