Vakantie
Er waren eens 2 onderbroeken in de wasmand. Zegt de ene onderbroek: “ik ga binnenkort op vakantie.” Zegt de andere onderbroek: “Ik hoef al niet meer op vakantie, want ik ben al bruin genoeg!”
Er waren eens 2 onderbroeken in de wasmand. Zegt de ene onderbroek: “ik ga binnenkort op vakantie.” Zegt de andere onderbroek: “Ik hoef al niet meer op vakantie, want ik ben al bruin genoeg!”
Tijdens een bezoek aan een verpleeghuis, vroeg ik aan de directeur wat het criterium is om een patiënt opgenomen te krijgen.
Wel zei de directeur, we vullen een badkuip met water, dan krijgt de patiënt een theelepel, een theekop en een emmer. Dan vragen we hem/haar om de badkuip leeg te maken.
Oh, ik snap het, zei ik , een normaal persoon gebruikt de emmer, omdat die groter is dan een theelepel of een theekop.
Nee, zei de directeur, een normaal persoon zou de stop uit de badkuip trekken. Wilt u een bed bij het raam of in het midden?
Man bij dokter: “Dokter ik word zo vergeetachtig en doof.”
De dokter kijkt eerst eens in het oor en ziet een wit puntje. Na wat gepruts met een pincet komt er een zetpil tevoorschijn!
Man: “Oh, nu snap ik ook ineens waar mijn gehoorapparaat gebleven is!”
Onderwijzer: “Peter, zeg me eens wie van jullie is gisteren in mijn appelboom geklommen om appels te stelen ?”
Peter: “Ik hoor u niet goed, meester, hier op de achterbank.”
Onderwijzer: “Dat zullen we wel eens zien. Kom eens hier op mijn plaats vooraan. Ik zal eens plaats nemen aan jouw lessenaar, en dan mag jij me eens een vraag stellen.”
Ze wisselen van plaats en Peter doet wat hem opgedragen is.
Peter: “Meester, wie heeft gisteren nacht met mijn zus geslapen?”
Onderwijzer: “Je hebt volkomen gelijk Peter, hier achteraan kun je echt niks verstaan.”
Lees de zinnen achter elkaar hardop voor.
ik zo kat
ik hou kat
ik je kat
ik een kat
ik sukkel kat
ik ongeveer kat
ik veertig kat
ik seconde kat
ik van kat
ik zijn kat
ik werk kat
ik af kat
dit slaat nergens op die zinnetjes.
Lees nu van de zinnen de middelste woorden achter elkaar op.