Vakantie
Er waren eens 2 onderbroeken in de wasmand. Zegt de ene onderbroek: “ik ga binnenkort op vakantie.” Zegt de andere onderbroek: “Ik hoef al niet meer op vakantie, want ik ben al bruin genoeg!”
Er waren eens 2 onderbroeken in de wasmand. Zegt de ene onderbroek: “ik ga binnenkort op vakantie.” Zegt de andere onderbroek: “Ik hoef al niet meer op vakantie, want ik ben al bruin genoeg!”
Hendrik schrikt zich een bult als er midden in de nacht bij hem wordt ingebroken. De dief haalt de slaapkamer ondersteboven en schreeuwt:
“Ik zoek géld! Ik heb geld nodig!”
Hendrik springt uit z’n bed, en zegt: ‘k Heb ook geld nodig,
ik ga helpen zoeken”.
“Mijn man is een hopeloze dronkenlap. Hij verdrinkt al zijn geld.” “Maar zo slecht schijnt het jullie anders niet te gaan. Een mooi eigen huis, een dure auto, een plezierjacht…”
“Dat hebben we betaald van het statiegeld!”
Een man zit te somberen aan de bar.
“Problemen, meneer?” vraagt de barman.
“Ach, mijn vrouw heeft me laten weten dat ze een maand niet meer met me wilde praten.”
“Tja, dan zal ze wel flink boos op je zijn. Maar”, zegt de barman om zijn klant een beetje op te vrolijken, “aan die maand komt toch ook vanzelf wel weer een einde.”
Antwoordt de klant snikkend:
“Ja dat weet ik en vandaag is het alweer de laatste dag van die maand.”
Nederlandse les en de juf vraagt: Wie kan er een zin vormen met de woorden ‘waarschijnlijk’ en ‘want’ ?’ Peter steekt zijn vinger in de lucht en zegt: WAARSCHIJNLIJK gaan wij naar Disneyland, WANT mijn vader heeft kaarten gekocht. Zeer goed ! zegt de juf, ‘Wie kan dat ook?’ Pietje steekt ook zijn vinger in de lucht ! Juffrouw slaat haar ogen ten hemel en denkt al: ‘Wat nu weer ?! Ja Pietje, probeer maar’, zegt ze bemoedigend. En Pietje zegt; ‘Mijn moeder ging met de krant naar ‘t toilet…’ Maar Pietje toch ! Dat heeft er helemaal niets mee te maken !’ Wacht, wacht ik ben nog niet klaar!’ roept Pietje. ……WAARSCHIJNLIJK moest ze poepen, WANT lezen kan ze niet.’
Een man komt een dag vroeger dan voorzien terug van zakenreis. Hij neemt een taxi om naar huis te rijden. Bij zijn huis aangekomen vraagt hij aan de chauffeur van de taxi om getuige te zijn daar hij denkt dat zijn vrouw hem bedriegt. De taxichauffeur neemt het aanbod aan tegen betaling van 150 Euro.
Zij gaan stil het huis binnen en openen voorzichtig de deur van de slaapkamer. De man trekt de deken van het bed en betrapt zijn vrouw met haar minnaar. Rood van woede trekt de man zijn pistool en houdt het tegen het hoofd van de minnaar. Zijn vrouw huilt en roept: “Niet schieten, niet schieten! Ik heb je belogen, ik heb nooit geërfd van mijn tante. Hij heeft de Ferrari betaald en onze boot aan zee. Ook alle tickets voor de voetbalwedstrijden waar jij zo graag naar toe ging! Hij betaalt zelfs al onze belastingen!!”
De man, volledig van de kaart, laat zijn pistool zakken en vraagt aan de taxichauffeur:
“Wat zou jij in mijn plaats doen?”
“Ik?” zegt de taxichauffeur, “ik zou heel vlug die deken weer over hem leggen, zodat hij maar geen kou vat!”
Er liggen twee baby’s naast elkaar in het ziekenhuis. Vraagt de ene baby aan de andere: ‘Ben jij een jongen of een meisje?’ ‘Een jongen!’ antwoordt de andere baby. ‘Hoe weet je dat?’ De jongen kijkt onder de dekens en steekt zijn voeten onder de dekens uit. ‘Kijk, blauwe sokjes!’