Vleermuizen

Op een middag zitten twee vleermuizen in een park. Zegt de ene tegen de andere: “Ik heb honger, ik ga wat bloed zuigen.” Even later komt hij terug met allemaal bloed om zijn mond. Vraagt de ander: “Hoe heb je dat voor elkaar gekregen?”

“Nou, zie jij die lantaarnpaal?” “Ja.” “Nou, ik zag hem dus niet!”

Similar Posts

  • Sinterklaas

    In een winkelcentrum in Amsterdam vraagt Sinterklaas aan een meisje hoe ze heet, het meisje kijkt Sinterklaas heel boos aan, Sinterklaas vraagt het nog maar eens, Hoe heet jij? Het meisje zegt heel boos: “Dat heb ik je vanmorgen op school al verteld ben je het alweer vergeten!?”

  • Vooruit denken

    De ene ondernemer tegen de andere: “Waarom zijn jouw medewerkers altijd op zo netjes tijd?”
    Heel eenvoudig: 30 medewerkers, maar slechts 20 parkeerplaatsen!”

     

  • Het is ook nooit goed

    Kom je te laat op je werk, dan geef je een slecht voorbeeld. Kom je te vroeg, dan ben je een rondneuzer, of blij thuis weg te zijn.
    Blijf je overwerken, dan ben je een uitslover. Ga je op tijd weg, dan heb je geen hart voor de zaak.
    Pleeg je overleg, dan durf je zelf niet te beslissen. Doe je het niet, dan ben je eigenwijs.
    Neem je iemand apart, dan schep je onderonsjes. Doe je het niet, dan ben je onpersoonlijk.
    Ben je aardig, dan wil je de getapte man uithangen. Houd je afstand, dan heb je verbeelding.
    Kom je met nieuwe ideeën, dan ben je een nieuwlichter. Maar als je ze niet hebt, dan gaat er niets van je uit.
    Laat je anderen iets voor je doen, ben je een afschuiver. Pak je het zelf aan, dan ben je eigengereid.
    Hou je je stipt aan de voorschriften, dan ben je lastig. Als je het niet doet, ben je een slappeling.
    Heb je succes, dan heb je geluk gehad. Loopt het mis, dan weet iedereen het je te vertellen.
    Als je er niet meer bent, Dan was je een geweldige kerel!

  • Opscheppen

    Op de speelplaats wordt opgeschept.

    ‘Wij zijn met drie kinderen thuis en ieder heeft zijn eigen bed…’

    ‘Wij zijn met vier kinderen, en elk heeft zijn eigen kamer…’

    ‘En wij zijn met vijven, en ieder heeft zijn eigen papa…’

  • GAAT SLECHT MET HET NEDERLANDS ELFTAL

    Ronald Koeman belt naar Gert-Jan Verbeek. Hij klaagt: “Het gaat zo slecht met het Nederlands elftal. Nu dreigen we ook op het EK ten onder te gaan… Weet jij daar nou niets op?” “Tja,” zegt Gert-Jan Verbeek, “als mijn jongens eens slecht spelen, als ze al eens slecht spelen, dan laat ik ze een partijtje voetballen tegen een stel etalagepoppen. Dat is goed voor het zelfvertrouwen.” “Dat vindt Ronald een goed idee” en hij gaat meteen een stel etalagepoppen kopen. Een uurtje later belt Ronald weer op naar Gert-Jan: “Gert-Jan,” zegt hij, “we staan met 3-0 achter, wat moet ik nou doen?”

  • De Sleutel

    Een alleenwonende man verloor zijn huissleutel. Hij belde zijn ouders die in een klein dorpje in het hoge noorden woonden; zij zouden de reservesleutel opsturen.
    De man trok zo lang bij een vriend in. De volgende dag liep hij de postbode tegemoet, maar deze had niets bij zich.
    De man mopperde: Ach ja, de post in dat boerengat werkt natuurlijk niet zo vlug, en ging weer voor een nacht naar zijn vriend. De volgende morgen reed hij weer naar zijn huis om de post op te vangen, maar was net iets te laat.
    De postbode kwam net de tuin uit en zei: Ik heb de brief in de bus gegooid hoor!’

Geef een reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *