Slim

Rijdt een Arabier op zijn kameel, met zijn vrouw tien meter voor hem.Drie oude, wijze Arabieren zien het hoofdschuddend aan. Een van de oude mannen vraagt aan de man: “Waarom laat je jouw vrouw voor je, want in de Koran staat dat ze tien meter achter je moet rijden!”

“Dat is wel zo”, zegt de Arabier, “maar toen Mohammed de Koran schreef waren er nog geen bermbommen”

Similar Posts

  • Supermarkt

    Er komt een man een supermarkt binnen, loopt naar de afdeling dierenvoeding, pakt twee blikken hondenvoer en loopt vervolgens naar de kassa. Vraagt de kassière: “Meneer heeft u een hond?” Hierop antwoordt de man: “Ja, natuurlijk heb ik een hond, anders had ik die twee blikken toch ook niet nodig?” Zegt de kassière: “Het spijt me meneer, maar vanaf deze week mag ik niemand meer dierenvoeding meegeven tenzij ik zelf kan zien dat de persoon een huisdier heeft… U zult de hond dus moeten meenemen…”

    De man vloekt een paar keer vanwege deze absurde nieuwe regeling, smijt de twee blikken op de grond en loopt kwaad weg.

    De volgende dag is hij weer terug, loopt naar de afdeling dierenvoeding, pakt twee blikken kattenvoer en gaat naar de kassa.

    Vraagt die kassière: “Meneer, heeft u een kat?” Waarop de man, zichtbaar geïrriteerd, antwoordt: “Ja natuurlijk heb ik een kat, ik kom deze blikken toch niet voor mezelf halen?”

    De kassière: “Meneer, dit vind ik nou niet slim van u.

    U was hier gisteren ook, dus had u kunnen weten dat ik u geen dierenvoed….”

    De kassière is nog niet uitgesproken of de man is de winkel al luid vloekend en tierend uitgelopen… De blikken bij de kassière achterlatend.

    De dag daarop komt de man met een bruine papieren zak in z’n hand de winkel binnen, loopt direct door naar de kassa en zegt tegen de kassière:

    “Mevrouw, steekt u hier uw hand eens in.” De kassière doet dit en roept vervolgens: “He, het is zacht en warm…” “Ja”, zegt de man, “Ik had graag drie rollen WC papier!”

     

  • Oude Advocaat

    Een advocaat was overleden en kwam aan de hemelpoort bij.
    Tot zijn ongenoegen, stonden er duizenden mensen voor hem in de rij aan te schuiven.

    Plotseling verliet Petrus zijn plaats aan de hemelpoort en liep de lange rij af, tot bij de advocaat.

    Petrus begroette de advocaat en met de hulp van twee assistenten werd de advocaat tot aan de hemelpoort gebracht, waar hij mocht plaatsnemen in een comfortabele zetel.

    De advocaat zei: “Ik heb geen probleem met deze voorkeursbehandeling, maar wat maakt mij zo speciaal?”

    “Wel,” zei Petrus, “Ik heb alle uren die je aan je klanten hebt gefactureerd even opgeteld, en volgens mijn berekeningen ben jij 207 jaar oud!”

  • Vraag aan de chauffeur

    De passagier zit al een tijdje achterin de taxi wil de chauffeur wat vragen, dus tikt hij de man even op z’n schouder om zijn aandacht te trekken. De taxichauffeur geeft een geweldige schreeuw en verliest de macht over het stuur. Het voertuig mist op een haartje na de tram, ramt bijna de voorpui van een monumentaal bordeel, alvorens op het trottoir tussen tientallen driftig fotograferende Japanners tot stilstand te komen. Het is even stil in de taxi. Dan zegt de chauffeur: “Meneer, wilt u dat nóóit meer doen. Ik ben me dood geschrokken.” De passagier zegt dat hij niet had geweten dat de chauffeur zo zou schrikken van een klein tikje op z’n schouder. Waarop de bestuurder zegt: “Het is uw schuld niet hoor. Maar vandaag is mijn eerste dag als taxichauffeur. Hiervoor heb ik 25 jaar lijkwagens gereden.”

  • Een goede daad

    Er komt een man bij Sint-Petrus aan de hemelpoort. Sint-Petrus  vraagt hem of hij tijdens zijn leven op Aarde ooit een goede daad gedaan heeft, waardoor hij zonder twijfel in de hemel thuishoort.

    “Ik kan mij wel zoiets herinneren”, zegt de man.
    “Ik kwam langs een parkeerplaats op de A2 en daar was een groep motorrijders een paar vrouwen aan ‘t lastigvallen.

    Ik riep dus dat ze daar moesten mee ophouden, maar dat hielp niet echt. Toen ben ik op de grootste toe gestapt, heb hem van zijn motor gesleurd, hem op de grond gesmeten, een flinke stomp op zijn neus verkocht en zijn neuspiercing eruit getrokken. Daarna heb ik naar die andere leernichten geroepen: ‘En nu oprotten jullie, of ik leg jullie er allemaal naast!'”

    Petrus  was onder de indruk en vroeg: “Wanneer was dat precies?”Antwoordt de man: “Een half uur gelden volgens mij.”            

  • Echtpaar

    Een echtpaar was boodschappen aan het doen en de hele stad was vol met winkelende mensen. Lopend door het winkelcentrum en kijkend naar de etalages blikte de vrouw ineens verwonderd opzij om te ontdekken dat ze haar man nergens meer zag. Ze wist dat ze nog veel te doen hadden en werd erg kwaad. Ze rommelde in haar handtas om haar mobieltje te zoeken, toen ze het gevonden had belde ze haar man en vroeg hem waar hij toch gebleven was. Haar man antwoordde kalm: “Liefste, herinner jij je die juwelierszaak nog waar we 5 jaar geleden waren en waar je helemaal verliefd werd op die diamanten halsketting die we toen helaas niet konden betalen, ik vertelde je toen ook dat ik hem eens op een dag voor je zou kopen”. De ogen van de vrouw vulden zich met tranen, ze begon zacht te huilen en terwijl ze een snik probeerde te onderdrukken fluisterde ze: “Ja, die juwelierszaak herinner ik me zeker nog”.

    “Wel”, zei hij, “ik zit in ‘t café er naast !”

Geef een reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *