Dode kat gevonden

Een kleutertje vertelde de juf dat hij een kat gevonden had.
De juf vroeg of ze kat dood of levend was.

“Dood” antwoordde de kleuter.

“Hoe weet je dat?” vroeg de juf.

“Omdat ik in haar oor heb gepist, en ze bewoog niet.” zei hij.

“WAT heb je gedaan?!” riep de juf.

“Je weet wel,” verduidelijkte de kleuter, “ik leunde voorover en deed ‘pssst!’ in haar oor, en ze bewoog niet.”

Similar Posts

  • Twee Blondjes

    Twee Amsterdamse blondjes zitten op een terras aan een gracht. Zegt er een: “ik heb mijn rijexamen gedaan”. “O ja”, zegt de ander “en hoe was het”. “Niet goed” zegt de eerste “weer verkloot”. “Ik kom bij een rotonde en daar staat een bord waar 30 op staat, dus ik rij netjes 30 keer rond”. “Ai” zegt de ander, “en heb je verkeerd geteld of zo?”

  • Klein duimpje

    Klein Duimpje zegt tegen zijn moeder: “De burgemeester was vandaag op school.” Vraagt moeder: “En, had hij zijn ketting om?” “Nee hoor, hij liep gewoon los.”

  • Japans

    Een japanner en een Hollander zitten in een café te praten over cultuur verschillen. Op een gegeven moment geeft die japanner die Nederlander een keiharde klap in zijn nek. Na een minuutje of vijf staat die weer en vraagt wat dit in godsnaam moet voorstellen. “Dat is karate” zegt de japanner, “dat komt uit Japan”!! Boos gaat de Hollander weer zitten aan de bar. Een tijdje later geeft die Japanner hem een enorme heupzwaai. Kreunend en nu nog bozer staat de man weer op en vraagt wat dit dan wel niet moet voorstellen? “Dat is Judo, komt uit Japan”. De Hollander heeft het nu behoorlijk gehad en loopt naar buiten. Een tijdje later komt hij terug met een ijzeren voorwerp in zijn hand. Hij ziet de Japanner nog aan de bar zitten en geeft hem een enorme ros met het voorwerp. Na een half uurtje komt de Japanner weer een beetje bij en ziet de Nederlander staan.

    “Dat was de krik uit mijn Toyota” zegt hij… “komt ook uit Japan”

  • Gesnurk

    Een handelsvertegenwoordiger, doodmoe, komt aan in een kleine gemeente waar er maar één hotelletje is. Tot overmaat van ramp, alle kamers zijn bezet. Hij smeekt de baas: “Leg me te slapen, eender waar, maar ik moet absoluut kunnen uitrusten.” “Wel”, zegt de hotelier, “ik heb hier een twee persoonskamer waar er maar één bed beslapen is. Als je met die man op een akkoord komt om de kamer en de prijs ervan te delen is dat voor mij goed. Maar, ik verwittig je, hij snurkt geweldig. Het is zelfs zo erg dat alle gasten ‘s morgens hun beklag erover maken.” “Maakt niks uit”, antwoordt de vertegenwoordiger, “ik ben veel te moe.” …De twee mannen komen tot een akkoord en nemen het avondmaal aan dezelfde tafel. ‘s Morgens komt de handelsvertegenwoordiger als eerste de trap af om naar het ontbijtzaal te gaan. Vrolijk fluitend en welgemutst de hotelbaas groetend. “Nou”, zegt deze, “zo welgezind? Heb je goed geslapen? Heeft hij niet gesnurkt?” “Zeker niet”, zegt de vertegenwoordiger, “geen enkel moment.” “Hoe is dat in Godsnaam mogelijk”, zegt de hotelbaas.

    “Heel eenvoudig”, zegt de vertegenwoordiger.

    “Ik kwam een beetje later dan hem de kamer binnen. Hij lag al op zijn bed. Ik heb hem een kus gegeven op zijn achterwerk en gezegd: Goedenacht, schoonheid. En die kerel heeft de hele nacht recht gezeten in zijn bed om me in de gaten te houden.”

  • Brandweer

    Een brandweerman staat buiten bij de brandweerkazerne te sleutelen aan de motor van een pomp. Opeens hoort hij achter zich een lief stemmetje dat zegt:
    “Dag meneer de brandweer.”
    Hij draait zich om en ziet een klein meisje van een jaar of zes, dat in een bolderwagen zit. De bolderwagen is omgebouwd tot een brandweerwagen, compleet met ladder en brandslangen. De wagen wordt getrokken door een hond en een kat. Complimentjes makend over wat hij ziet loopt hij rondom de bolderbrandweerwagen. De hond is met een riem aan zijn halsband voor de kar gespannen. De kat, het blijkt een kater, zit vast aan de kar via een touwtje om zijn testikels. Een beetje verbaasd zegt de brandweerman tegen het lieve wicht:
    “Ik wil me er niet mee bemoeien, maar volgens mij trekt die kater de kar beter als je hem ook aan een halsband vastmaakt.”
    “Dat weet ik”, zegt het meisje, “maar dan heb ik geen sirene!”

  • Hoe kan ik Nederlander worden 

    Achmed ging naar school en vroeg aan de meester: ‘Hoe kan ik Nederlander worden?’ en de meester antwoordt: ‘Als je een 9 hebt voor Nederlands en een 9 hebt voor wiskunde, dan ben jij voor mij een Nederlander.’ Achmed gaat naar huis en begint te leren en te leren. Op ‘t einde van ‘t jaar heeft Achmed een 9  voor Nederlands en een 9 voor wiskunde. Hij gaat naar huis en zegt dolblij tegen zijn moeder, ‘mama, mama, ik 9 voor Nederlands en 9 voor wiskunde, ikke nu Nederlander zijn.’ De moeder wordt vreselijk  kwaad: ‘Jij nooit Nederlander, Jij Turk’ en die slaat keihard op kleine Achmed. Eventjes later komt zijn vader thuis en Achmed dolblij naar zijn vader ‘papa, papa, ikke 9 voor Nederlands en 9 voor wiskunde, ikke nu Nederlander’ die vader wordt heel kwaad en roept: ‘jij nooit Nederlander, jij Turk’ en die slaat  kleine Achmed in elkaar. De volgende dag gaat Achmed weer naar school en de meester vraagt: ‘Maar Achmed, hoe komt jij aan die twee blauwe ogen? Wat is er gebeurt?’ En Achmed zegt:

    ‘Ikke 10 minuten Nederlander en direct heb ik ruzie met twee Turken!!’

Geef een reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *