Vraag?
Heb je het gehoord? Onze chef is gestorven.”
Ja en ik vraag me de hele tijd al af wie er samen met hem gestorven is.”
“Hoezo samen met hem?”
“Nou in de advertentie stond toch: “Met hem stierf een van onze bekwaamste medewerkers…”
Heb je het gehoord? Onze chef is gestorven.”
Ja en ik vraag me de hele tijd al af wie er samen met hem gestorven is.”
“Hoezo samen met hem?”
“Nou in de advertentie stond toch: “Met hem stierf een van onze bekwaamste medewerkers…”
Een bankbediende is voor de derde keer vader geworden. Als hij aangifte gaat doen van de geboorte, vraagt de bediende:
-Hoe gaat u het het kindje noemen?
-We noemen hem Euro.
-Maar, meneer, Euro, daar gaat uw kind later last mee krijgen.
– Dat denk ik niet. Onze Frank en onze Mark hebben ook nooit problemen gehad.
DER, DIE, DAS. Jantje zit met zijn klasgenootjes in de Duitse les. De juffrouw heeft een oefening bedacht en legt deze uit: ‘Wie kan een zin bedenken waar de drie Duitse lidwoorden DER, DIE en DAS in voorkomen?’ Jantje denkt even na en steekt zijn vinger op. De juffrouw ziet dit en vraagt aan Jantje zijn zin op te zeggen. Jantje zegt: ‘Nou juf…, MEINE SCHWESTER HAT EIN KINDCHEN BEKOMMEN .’ De juf antwoordt: ‘Maar Jantje, daar zitten toch niet de drie lidwoorden in? ‘ Waarop Jantje zegt: ‘Maar ik was nog niet klaar.’
En hij gaat verder: ‘… ABER DER DIE DAS GEMACHT HAT, IST VERSCHWUNDEN.’
Een zoon vraagt aan zijn vader: ‘Pap, wat is eigenlijk politiek?’
Vader zegt: ‘Jongen, dat is heel eenvoudig. Kijk, Ik breng het geld thuis, dus ben ik het KAPITALISME.’
‘Je moeder beheert het geld, dus is zij de REGERING.’
‘Opa ziet er op toe dat alles her ordentelijk verloopt. Hij is de OVERHEID.’
‘Het dienstmeisje is de ARBEIDERSKLASSE.’
‘Wij hebben allen maar een doel voor ogen namelijk jouw welzijn. Daarom ben jij het VOLK.’
‘Je kleine broertje die nog in de luiers loopt is de TOEKOMST.’
Snap je het?
De zoon denkt na en vraag of hij er een nachtje over mag slapen.
‘s Nachts wordt hij wakker omdat zijn kleine broertje in zijn luier heeft gepoept en vreselijk schreeuwt. Omdat hij niet weet wat hij moet doen gaat hij naar de slaapkamer van zijn ouders. Daar ligt alleen zijn moeder en die slaapt zo vast dat hij haar niet wakker krijgt. Daarom gaat hij naar de kamer van het dienstmeisje waar hij ziet dat zijn vader bij haar in bed ligt en ze zijn met hele vreemde dingen bezig. Hij ziet dat Opa onopvallend door het raam toekijkt. Ze zijn allemaal zo druk dat niemand merkt dat hij voor het bed staat. Daarom besluit de jongen onverrichterzaken weer te gaan slapen…
De volgende ochtend vraagt vader aan zijn zoon of hij met zijn eigen woorden kan uitleggen wat politiek is.
Ja zegt de zoon: ‘Het KAPITALISME misbruikt de ARBEIDERSKLASSE terwijl de OVERHEID toekijkt en de REGERING slaapt. Het VOLK wordt volkomen genegeerd en de TOEKOMST ligt in de STRONT!’
Een man komt een wegrestaurant binnen en gaat zitten. Hij ziet dat de dagschotel macaroni is waar hij erg veel zin in heeft. Als de serveerster aan zijn tafel komt zegt hij: “Ik heb zin in macaroni, dus doe mij maar een groot bord.” “Sorry,” zegt de serveerster, “de man naast u heeft zojuist het laatste bord besteld.” “Doe mij dan maar een koffie,” zegt de man. Na een tijdje ziet hij dat de man naast hem die het laatste bord macaroni had gekregen een grote biefstuk zit te eten en dat het bord met macaroni onaangeroerd naast hem staat. Hij vraagt: “Gaat u die macaroni nog opeten?” “Nee,” is het antwoord. “Kan ik het dan van u kopen,” is de vraag. “Ik zal je wat anders vertellen, je mag het zo hebben.” Dus de man pakt het bord macaroni en begint te eten. Als hij halverwege is ziet hij plotseling een dode muis in de macaroni zitten en spuugt de macaroni terug in het bord. Zegt die andere man sympathiek: “Zover was ik ook al gekomen!”
Een kleine jongen komt huilend thuis van school.
“Wel”, zegt zijn moeder (van nature blond),” wat scheelt er”?
“Ik heb een nul voor aardrijkskunde gekregen”, zegt hij, ”ik wist niet waar Polen ligt”.
“Verdorie”, zegt zijn moeder, “hoe kan dat nou, geef me even de kaart van Nederland.
Ze zoekt en zoekt maar vindt het niet en zegt: “Deze kaart is niet gedetailleerd genoeg, geef me maar de kaart van Twente.
Na lang zoeken zegt ze: “Dat is toch onmogelijk, ik vind het hier ook niet en toch kan het niet ver weg zijn want, onze werkster komt uit Polen en ze is altijd met de fiets”.