Similar Posts
POLITIE HOUDT EEN WEGMISBRUIKER
De makers van Wegmisbruikers zijn getuige van de aanhouding van een hardrijdende, rood stoplicht negerende, mobiel bellende, niet gegordelde automobilist. De dienstdoende agent klopt op het raampje en spreekt de man aan op zijn rijgedrag. Het blijkt een Rus te zijn, die bovendien ook te fanatiek aan de nationale bezigheid van de Russen heeft gedaan, namelijk vodka zuipen alsof het water is. De agent pakt zijn boekje en vraagt de man naar zijn naam. De Rus geeft het volgende antwoord: Andrejev Vasilly Sergei Piotr Wladimir Poulatovichenkovitj. Hierop zegt de agent: “Nou vooruit, voor deze ene keer een waarschuwing..”
OP DE ZESDE DAG SPRAK GOD
Op de zesde dag sprak God tot de aartsengel Gabriel: “Vandaag ga ik een land creëren, genaamd Nederland. Het zal een land zijn van buitengewone natuurlijke schoonheid, met grote bossen, vol met herten, zwijnen en eekhoorns. Grote rivieren, gevuld met alle mogelijke soorten levende wezens. Het zal een binnenzee krijgen met enorme hoeveelheden vis en ook aan een buitenzee komen te liggen, die men van prachtige goudgele stranden kan overzien.” God ging verder: “Ik zal het land rijk maken door de landbouw en de inwoners zullen grote welvaart kennen. Sommige van hun vrouwen zullen van verblindende schoonheid zijn. Ze zullen bekend worden als Hollanders. En ze zullen het vriendelijkste volk op aarde zijn. En als slagroom op de taart maak ik van het zuiden van Nederland een lieflijk heuvellandschap waar vriendelijke mensen zullen wonen, die bekend zullen staan als Limburgers.” “Maar Heer,” zegt Gabriel, “denkt U niet dat u een beetje te genereus bent voor deze Hollanders?” “Niet echt,”, antwoordt God, “moet je eens opletten wie ze als oosterburen krijgen!”
HOE HEET DE VROUW VAN EEN BOSJESMAN
Hoe heet de vrouw van een bosjesman?
het antwoord
Takkenwijf
Slakken
Een man des huizes had net een maaltje slakken op en zeurde: “Ik lust er nog wel een paar vrouw, want zoals jij ze maakt, maakt niemand ze.” “Nou jong, dan zal jij ze zelf moeten gaan halen.” “Geen punt!” Nadat hem de weg was uitgelegd, waar hij ze moest gaan halen, ging hij fluitend de deur uit. Daar aangekomen: “Ik had graag nog wat slakken.” “Ja”, zei die slakkenboer, “ik heb er zoveel verkocht dat ik geen verpakkingen meer heb.” “Dat geeft niet”, zegt de man, terwijl hij zijn trui openhield. En zo ging ook naar huis. Maar onderweg kwam hij enkele vrienden tegen die vroegen om met z’n allen wat te gaan drinken. “Néé jongens!” Na wat zeuren … nou goed ééntje dan. Het werden er enkele meer en de tijd vloog om. “Jongens ik moet naar huis,” zei hij met een dikke tong. Zo schommelde hij even later naar huis. Thuis aangekomen kreeg hij de huissleutel niet meteen in het sleutelgat. Terwijl hij gebukt stond te richten, vielen de nog levende slakken vanuit zijn trui op de grond. Net toen hij de slakken weer terug wilde doen in zijn trui, vloog plots de deur open en daar stond zijn woedende vrouw. Eer dat zij de kans kreeg om hem de les te lezen, zei hij al lallend: “…allee jongens, nóg tien centimeter …. dan zijn we thuis!”
IJsheiligen
De pastoor is in de sacristie gestruikeld over een paar schaatsen.
“Zeg op, van wie zijn ze”? vraagt hij aan de misdienaars.
“Waarschijnlijk van één van de ijsheiligen”, antwoordt Jantje.




