Vlaamse Vissen

Een Vlaming ging op een dag vissen in Wallonië en ving drie karpers.
Toen hij naar huis reed werd hij tegengehouden door een Waalse opzichter die het niet zo op Vlamingen begrepen had. Hij moest zijn visvergunning tonen en de visser haalde een geldige Waalse vergunning boven. De wachter pakte dan een van de karpers, rook aan het achterste en zei: “Dit is geen Waalse vis, dit is een Noorse vis? Heb jij hiervoor een vergunning?” De Vlaming haalde een Noorse vergunning boven. De wachter keurde ze en greep een andere vis en rook weer aan het achterste. “Dit is geen Waalse vis, dit is een Nederlandse vis. Heb jij een Nederlandse vergunning?” De Vlaming ging in zijn zakken en toonde een Nederlands papier. De wachter nam de derde vis en rook aan het achterste. “Dit is een Duitse vis, heb jij hiervoor een vergunning?” En weer ging de jager in zijn zakken en toonde een Duitse vergunning. De wildwachter raakte nu enorm gefrustreerd en schreeuwde naar de Vlaming: “Waar ben jij, verdorie, toch wel van afkomstig?” De Vlaming draait zich om, laat zijn broek zakken, bukt voorover en zegt: “Ruik jij het maar, jij bent de expert.”

Similar Posts

  • Sneeuw

    Stefan en zijn blonde vrouw Anette luisteren tijdens het ontbijt naar de radio en horen de regionale nieuwslezer zeggen :
    “Er wordt 8 tot 10 cm sneeuw verwacht vandaag.
    Wilt u uw auto aan de kant van de straat parkeren met de oneven nummers, dan kan de sneeuwploeg er ongestoord langs rijden.”
    Anette gaat naar buiten en zet haar auto op de aangegeven plaats.
    Een week later, weer tijdens het ontbijt, meldt de nieuwslezer op de radio
    “We verwachten vandaag 10 tot 12 cm sneeuw.
    Wilt u uw auto aan de kant van de straat parkeren met de even nummers zodat de sneeuwploeg er ongestoord door kan?”
    Anette gaat naar buiten en plaatst haar auto weer op de aangegeven plaats.
     Weer een week later, weer tijdens het ontbijt zegt de nieuwslezer
    “Wij verwachten 12 tot 14 centimeter sneeuw.
    Wilt u uw auto . . .
    Op dat moment valt de stroom uit……………..
     Anette is in alle staten en met een bezorgd gezicht vraagt ze aan haar man Stefan:
    “Schat, nu weet ik niet wat ik moet doen.
    Aan welke kant van de straat moet ik nu de auto parkeren zodat de sneeuwploeg er ongestoord door kan???”
     Waarop Stefan met de liefde en begrip in zijn stem, zoals alle mannen hebben die met een blonde vrouw getrouwd zijn, antwoordt :
    “Schat, waarom laat je hem deze keer niet gewoon in de garage staan ???”
  • Zuinig

    Een Marokkaan heeft een auto van twintig jaar oud.
    Die wil hij inruilen in de garage.
    ‘OK, zegt de garagehouder, ik wil de auto wel even bekijken!’
    Ze lopen samen naar buiten naar de auto.
    ‘Hoe oud is die auto?”
    “Twintig jare.”
    Ze gaan in de auto zitten, de garagehouder achter het stuur.
    ‘t plastiekhoesje van twintig jaar terug ligt nog steeds op de zetels.
    De garagehouder kijkt naar de kilometerteller en stelt verbaasd
    vast dat er in die twintig jaar maar 500 kilometer op de teller is gekomen.
    ‘Meneer, je hebt zeker gesjoemeld met de kilometerteller?’
    ‘Nee, meneer, is allemaal origineel zo.’
    Waarop de garagehouder: ‘Waar heb je die auto dan voor gebruikt?’
    Zegt die Marokkaan, “Had hem gekocht om mee te gaan werke”

  • Oudste Beroep

    Een timmerman, metselaar en een elektricien zitten tegen elkaar op te snijden over wie het oudste beroep heeft. De timmerman: “Weet je nog: Jezus. Die lag in een stalletje, en dat stalletje is gebouwd door, jawel, een timmerman.” Zegt de metselaar: “Nou en, de piramiden stonden er toen al eeuwen en die zijn toch gemetseld.” Zegt die elektricien: “Jullie moeten niet zo ruziën want wij hebben toch het oudste beroep.” “Op de eerste dag zei god: ‘er was licht!’ en toen hadden wij de leidingen al liggen.”

  • Straf

    De directeur stapt de lawaaierige klas binnen.
    Hij wil nu eindelijk die herrieschoppers eens straffen.
    ‘Geert, wat heb jij uitgespookt?’
    ‘Ik heb krijt naar het bord gegooid.’
    ‘Honderd strafregels! En jij Wim?’
    ‘Ik heb een punaise op de stoel van de meester gelegd.’
    ‘Wat?! Tweehonderd strafregels. En jij, Peter?’
    ‘Ik heb snippers door het raam gegooid.’
    ‘Oh nou…, dat valt wel mee; geen strafregels!’
    Op dat ogenblik komt er een jongen binnen, vol blauwe plekken en schrammen.
    ‘En wat doe jij daar?’, vraagt de directeur boos, ‘Hoe heet jij?’
    ‘Swen Snippers, meneer.’

Geef een reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *