Een Slak
Een slak kruipt in een appelboom. Zegt een vogel “de appels zijn nog lang niet rijp hoor”. “Nee, dat klopt” zegt de slak “maar tegen de tijd dat ik boven ben wel”.
Een slak kruipt in een appelboom. Zegt een vogel “de appels zijn nog lang niet rijp hoor”. “Nee, dat klopt” zegt de slak “maar tegen de tijd dat ik boven ben wel”.
Een ontslagen ambtenaar meldt zich voor zijn eerste werkdag bij de supermarkt. De manager begroet hem joviaal, geeft hem een bezem en zegt: “Jouw eerste taak is om de vloeren aan te vegen.” De ex-ambtenaar kijkt de manager verbaasd aan en stamelt: “Maar, ik was hiervoor een hoge ambtenaar.” Oh sorry, dat wist ik echt niet, zegt de manager, Geef mij die bezem maar, dan doe ik het even voor!
Een man des huizes had net een maaltje slakken op en zeurde: “Ik lust er nog wel een paar vrouw, want zoals jij ze maakt, maakt niemand ze.” “Nou jong, dan zal jij ze zelf moeten gaan halen.” “Geen punt!” Nadat hem de weg was uitgelegd, waar hij ze moest gaan halen, ging hij fluitend de deur uit. Daar aangekomen: “Ik had graag nog wat slakken.” “Ja”, zei die slakkenboer, “ik heb er zoveel verkocht dat ik geen verpakkingen meer heb.” “Dat geeft niet”, zegt de man, terwijl hij zijn trui openhield. En zo ging ook naar huis. Maar onderweg kwam hij enkele vrienden tegen die vroegen om met z’n allen wat te gaan drinken. “Néé jongens!” Na wat zeuren … nou goed ééntje dan. Het werden er enkele meer en de tijd vloog om. “Jongens ik moet naar huis,” zei hij met een dikke tong. Zo schommelde hij even later naar huis. Thuis aangekomen kreeg hij de huissleutel niet meteen in het sleutelgat. Terwijl hij gebukt stond te richten, vielen de nog levende slakken vanuit zijn trui op de grond. Net toen hij de slakken weer terug wilde doen in zijn trui, vloog plots de deur open en daar stond zijn woedende vrouw. Eer dat zij de kans kreeg om hem de les te lezen, zei hij al lallend: “…allee jongens, nóg tien centimeter …. dan zijn we thuis!”
Twee Belgen hebben allebei een koe gekocht. Zegt de ene Belg tegen de ander: “Hey, hoe gaan wij de koeien nou onderscheiden?” Zegt de andere Belg: “Weet je wat, ik snij een oor van mij koe er af.” Wat gebeurt er een week later de andere koe blijft met zijn oor tussen het prikkeldraad en nu missen ze allebei een oor. Zegt de Belg weer: “Hey wat gaan we nu doen?” Zegt de andere Belg: “Oke, dan haal ik de staart van mijn koe er wel af.” Paar weken later bijt de ene koe de staart van de andere af en nu missen ze allebei een staart. Zegt de Belg: “Nu ben ik het echt zat, ik maak een klein krasje boven het oog van mijn koe. Zo weten we dat die van mij is!” Drie dagen later. Ja hoor, de koe valt op zijn oog en er zit een krasje boven zijn oog op de zelfde plek als bij de andere koe. De Belg word laaiend. Hij zegt: “Weet je wat, ik ben het helemaal zat! De zwarte koe is van jou en de witte is van mij!”
In de tijd dat Helmond Sport nog in de eredivisie speelde moest Ajax op een zondagmiddag in Helmond. Ook die zondag gingen alle spelers in de Ajax-bus richting Helmond, behalve Cruijff. Want die ging altijd met zijn eigen auto. Eenmaal in Helmond aangekomen zocht hij naar het voetbalstadion maar kon het niet vinden. Hij stopte midden in Helmond en vroeg aan een voorbijkomende passant, “hoe kom ik bij Helmond Sport?”. De Helmonder, die Cruijff blijkbaar niet herkende zei: “Oh maatje, alleen maar trainen, trainen en nog eens trainen!!!!”.
Aan het eind van de mis vraagt de priester:
“Hoeveel van jullie hebben hun vijanden vergiffenis geschonken ?”
80 % steekt zijn hand op.
De priester herhaalt zijn vraag met aandrang :
“Hoeveel van jullie hebben hun vijanden vergiffenis geschonken ?”
Iedereen steekt zijn hand op behalve 1 oud mannetje op de eerste rij.
De priester vraagt aan het mannetje waarom hij zijn vijanden niet vergeeft.
Waarop het kranige kereltje antwoordt : “Ik heb geen vijanden”.
De priester gelooft zijn oren niet en vraagt hou oud de man eigenlijk is.
“Ik ben 99 jaar en 11 maand”.
Alle kerkgangers klappen in hun handen en prevelen “Proficiat”.
Maar de priester zet door en spreekt de man aan :
“Dat kan toch niet waar zijn, zo oud en echt GEEN vijanden ?”
Waarop de grijsaard met een glimlach om de mond antwoordt :
“Ze zijn allemaal dood !”
Een soldaat komt op vrijdagmorgen bij de sergeant en vraagt verlof.
“Ik ga vader worden,” zegt de soldaat, en hij krijgt verlof van de sergeant.
Na het weekend, op maandagmorgen vraagt de sergeant aan de soldaat:
“En, hoe heet de kleine?”
Zegt de soldaat: “Over negen maanden bent u de eerste die het weet”