Felicitaties

Een zakenman heeft een nieuw kantoor.

Hij opent zijn deur en ziet een krans ter felicitatie van een vriend met ‘Rust in vrede’ erop staan. Er is overduidelijk een fout gemaakt, de zakenman besluit de bloemist op te bellen om zijn klacht te melden. Nadat hij de bloemist heeft verteld over deze fout, biedt de bloemist zijn verontschuldigingen aan: “Het spijt me heel erg, ik snap dat het vervelend is !”

Maar moet u zich het volgende indenken: er vindt vandaag dus ergens een begrafenis plaats waar bloemen worden afgeleverd met de tekst ‘Gefeliciteerd met je nieuwe locatie.’

Similar Posts

  • Bejaarden

    Er zitten twee mannen in een bejaardenhuis.
    Zegt de één tegen de ander:
    Ik voel me weer zo jong;
    ik heb wel 50 rondjes om het huis gelopen.”
    Zegt de ander:
    “Ik voel me ook weer zo jong;
    ik heb weer in m’n broek geplast!

  • Twee tachtigers

    • Twee tachtigers Louis en Simon zitten op een bank in het park.
      Zegt Louis opeens: Ik heb zin in een ijsje!
      Simon: ” Ik zal ze gaan halen, wat wil je van smaak?”
      -“2 bollen chocolade en jij?”
      – “Voor mij twee vanille?”
      Antwoordt Louis: ” Je kunt het beter opschrijven, want je gaat dat zeker vergeten!” 
      -“Maar nee: de ijskar staat hier vlak voor ons”!
      -“Schrijf het op, want je gaat het vergeten, zeg ik u!”
      -“Nee, nee ik ga niks vergeten!”
      Simon staat grommelend recht:
      “Twee chocolat, twee vanille… twee ch?” 
      Na een lang kwartier komt Simon terug met twee braadworsten en twee zakjes frites.
      Zegt Louis “En waar is de mosterd ? ” “Gedoeme, vergeten !” “Zie wel dat je dat moest opschrijven !”
  • Waterput

    Twee mannen lopen over een heide en zien een waterput. Ze lopen er naartoe en vragen zich af hoe diep die put eigenlijk is. Ze pakken een steentje, gooien het in de put, maar horen het niet de bodem raken. “Vreemd”, zegt de een. “Zou ‘ie zó diep zijn?” Ze gaan een grotere steen zoeken en gooien die ook in de put. Ze buigen voorover om te horen wanneer de steen de bodem raakt. Wéér geen geluid. Nu zien ze een hele grote zware steen, een grote rots, liggen en pakken die met z’n tweeën op. Ze strompelen naar de put en weten de rots over de rand te kieperen. Ze luisteren vol spanning en horen ineens hoefgetrappel achter zich. Ze draaien zich om en zien een geit keihard aan komen rennen en die duikt zo de put in. Stomverbaasd kijken ze elkaar aan. Na een kwartier komt er een herder aanlopen. “Hebben jullie mijn geit gezien?” “Nou”, zegt de een, “er dook hier net wel een geit met een rotgang deze put in.” “Nou”, zegt de herder, “dat kan niet want die zat aan een rots vast.”

  • Wat een schijterd

    Een vrachtwagen chauffeur parkeert zijn wagen bij een wegrestaurant, loopt naar binnen en bestelt een maaltijd.

    Als hij met zijn bord eten aan een tafeltje gaat zitten, komen er drie Hells Angels binnen. Ze schuiven aan bij de vrachtwagen chauffeur en beginnen hem te treiteren. Een van hen pikt frites van zijn bord, een ander neemt een hap van zijn hamburger en de derde drinkt zijn koffie op. De chauffeur reageert niet. Hij betaalt, staat op en loopt weg.

    “Wat een schijterd”, zegt een van de Hells Angels tegen de serveerster.

    “Ja”, zegt zij. “En rijden kan hij ook al niet. Hij rijdt net over drie motoren heen.”

  • Duitse les

    DER, DIE, DAS. Jantje zit met zijn klasgenootjes in de Duitse les. De juffrouw heeft een oefening bedacht en legt deze uit: ‘Wie kan een zin bedenken waar de drie Duitse lidwoorden DER, DIE en DAS in voorkomen?’ Jantje denkt even na en steekt zijn vinger op. De juffrouw ziet dit en vraagt aan Jantje zijn zin op te zeggen. Jantje zegt: ‘Nou juf…, MEINE SCHWESTER HAT EIN KINDCHEN BEKOMMEN .’ De juf antwoordt: ‘Maar Jantje, daar zitten toch niet de drie lidwoorden in? ‘ Waarop Jantje zegt: ‘Maar ik was nog niet klaar.’ 

    En hij gaat verder: ‘… ABER DER DIE DAS GEMACHT HAT, IST VERSCHWUNDEN.’

  • Waarheidsmachine

    • Er staat een boer bij een waarheidsmachine op de pier van Scheveningen. Gooi je er een kwartje in, dan mag je een vraag stellen. Die boer zegt:
      “Waar is m’n vader?”
      Waarop de waarheidsmachine antwoordt:
      “Die staat te vissen op de Pier in Vlissingen.”
      Zegt de boer:
      “Hahaha, dat kan niet, mijn vader is allang dood.”
      Zegt de exploitant van die machine:
      “Ik snap het niet. Dat ding is goed, mankeert niks aan. Weet u wat u doet? Formuleer de vraag eens anders.”
      “Ok,” zegt de boer, “Waar is de wettige echtgenoot van mijn moeder?”
      Zegt dat apparaat:
      “Die is dood, maar je vader staat te vissen op de pier in Vlissingen!”

Geef een reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *