Dom Blondje
Komt een dom blondje bij de apotheek: “Ik probeer jullie al tijden te bellen op 0800-1730 maar krijg niemand aan de lijn”. “Ja mevrouw, dat kan kloppen”, zegt de apotheker “dat zijn onze openingstijden”!
Komt een dom blondje bij de apotheek: “Ik probeer jullie al tijden te bellen op 0800-1730 maar krijg niemand aan de lijn”. “Ja mevrouw, dat kan kloppen”, zegt de apotheker “dat zijn onze openingstijden”!
Een kangoeroe wandelt een café binnen, gaat aan de bar zitten en bestelt een biertje. “Dat is dan vijfentwintig euro,” zegt de barman. De kangoeroe vindt dat wel een beetje duur, maar legt toch vijfentwintig euro op de toog, krijgt een versgetapt biertje voorgezet en begint er op zijn gemak van te drinken. Na een tijdje krijgt hij in de gaten dat het hele café naar hem aan het staren is. “Tjonge,” zegt hij tegen de barman, “de hele zaak is hier naar mij aan het kijken. Wel een beetje onbeleefd, vindt u ook niet?” “Je moet dat begrijpen,” zegt de barman, “wij krijgen hier niet vaak kangoeroes over de vloer.” “Nee, dat snap ik,” zegt de kangoeroe, “als je vijfentwintig euro voor een biertje vraagt…”
Een Nederlands-Canadese zakenman gaat een bank in Toronto binnen en vraagt om een gesprek met iemand van de kredietenafdeling. De zakenman vertelt dat hij twee weken naar Nederland gaat voor zaken en dat hij een lening nodig heeft van $5,000. De bankmedewerker zegt dat dat zeker kan, maar dat de bank voor een dergelijke lening aan een nieuwe klant wel een onderpand nodig heeft. “Dat is begrijpelijk,” zegt de zakenman en hij overhandigt de sleutels van zijn gloednieuwe Lamborghini sportwagen die voor het bankgebouw geparkeerd staat. Hij geeft de bankmedewerker ook de autopapieren en na controle blijkt alles in orde te zijn. De bankmedewerker accepteert de auto als onderpand voor de lening en rijdt hem voorzichtig de beveiligde ondergrondse parkeergarage van de bank in. De zakenman krijgt zijn lening en vertrekt naar Nederland. De medewerker vertelt de bankdirecteur van het gebeurde en samen lachen ze nog even hartelijk om de stupiditeit van de zakenman, om een auto die zeker $250.000 waard is te gebruiken als onderpand voor een lening van $5.000. Twee weken later komt de zakenman terug. Hij betaalt de lening van $5,000 af plus $15,41 aan rente. De bankmedewerker zegt: “wij danken u heel hartelijk voor uw klandizie, maar zijn wel een beetje verbaasd. We hebben een en ander nagetrokken en zijn er inmiddels achter dat u de eigenaar bent van een aantal grote bedrijven, dat u multi-miljonair bent en dat u toch nauwelijks een leninkje van $5.000 nodig heeft voor een tripje naar Nederland. Of wel soms?”
De zakenman grinnikt en zegt: “Natuurlijk niet, maar waar anders kan ik in Toronto voor $15,41 mijn auto twee weken parkeren en ook nog verwachten dat hij er heelhuids staat als ik terugkom!”
Jantje zit op school vraagt de lerares aan hem. Jantje er zitten vier vogels op een hekje. Komt er een jager aan en die schiet er één vogel af. Hoeveel vogels zitten er daarna nog op het hekje? Geen één zegt jantje. Hoezo dat dan vraagt de lerares. Nou zegt jantje; Als je er een af schiet vliegen de andere drie weg. “Nee”, zegt de lerares het antwoord is drie maar de manier waarop je denkt vind ik leuk. Nou zegt jantje dan heb ik ook nog een vraag. Er zitten drie vrouwen op een bankje. De eerste likt aan een ijsje, de tweede bijt in een ijsje, en de derde zuigt aan een ijsje. Wie van de drie is getrouwd? De lerares denkt diep na… ik denk dat het degene is die aan het ijsje zuigt. Nee, zegt jantje degene met de trouwring om haar vinger. Maar de manier waarop je denkt vind ik leuk
Een handelsvertegenwoordiger, doodmoe, komt aan in een kleine gemeente waar er maar één hotelletje is. Tot overmaat van ramp, alle kamers zijn bezet. Hij smeekt de baas: “Leg me te slapen, eender waar, maar ik moet absoluut kunnen uitrusten.” “Wel”, zegt de hotelier, “ik heb hier een twee persoonskamer waar er maar één bed beslapen is. Als je met die man op een akkoord komt om de kamer en de prijs ervan te delen is dat voor mij goed. Maar, ik verwittig je, hij snurkt geweldig. Het is zelfs zo erg dat alle gasten ‘s morgens hun beklag erover maken.” “Maakt niks uit”, antwoordt de vertegenwoordiger, “ik ben veel te moe.” …De twee mannen komen tot een akkoord en nemen het avondmaal aan dezelfde tafel. ‘s Morgens komt de handelsvertegenwoordiger als eerste de trap af om naar het ontbijtzaal te gaan. Vrolijk fluitend en welgemutst de hotelbaas groetend. “Nou”, zegt deze, “zo welgezind? Heb je goed geslapen? Heeft hij niet gesnurkt?” “Zeker niet”, zegt de vertegenwoordiger, “geen enkel moment.” “Hoe is dat in Godsnaam mogelijk”, zegt de hotelbaas.
“Heel eenvoudig”, zegt de vertegenwoordiger.
“Ik kwam een beetje later dan hem de kamer binnen. Hij lag al op zijn bed. Ik heb hem een kus gegeven op zijn achterwerk en gezegd: Goedenacht, schoonheid. En die kerel heeft de hele nacht recht gezeten in zijn bed om me in de gaten te houden.”