Dom Blondje
Komt een dom blondje bij de apotheek: “Ik probeer jullie al tijden te bellen op 0800-1730 maar krijg niemand aan de lijn”. “Ja mevrouw, dat kan kloppen”, zegt de apotheker “dat zijn onze openingstijden”!
Komt een dom blondje bij de apotheek: “Ik probeer jullie al tijden te bellen op 0800-1730 maar krijg niemand aan de lijn”. “Ja mevrouw, dat kan kloppen”, zegt de apotheker “dat zijn onze openingstijden”!
De zoon van een beroemde profvoetballer komt thuis van school met zijn eindrapport.
“En? is het gelukt?” vraagt de vader nieuwsgierig.
“Ja hoor”, zegt de zoon, “mijn contract voor groep 6 is met een jaar verlengd!”
Er komen 3 directeuren de kroeg binnen en de directeur van Dommels besteld een Dommels pilsje. De tweede, de directeur van Heineken, besteld een Heineken pilsje.
De derde man, de directeur van Grolsch, zegt tegen de barman geeft mij maar water want als de anderen geen bier drinken neem ik ook geen bier.
De kastelein vraag aan de man aan de bar wat hij wenst te drinken. ”Geeft u mij een pilsje”, zegt de man ”en geef die man met die pet op aan het tafeltje er ook een van mij.”
Zo gezegd, zo gedaan. Als de man aan de bar zijn pilsje leeg drinkt zegt hij tegen de kastelein: “geeft u mij nog een pilsje en die man met de pet op geeft u ook nog een van mij”. Dat tafereel speelt zich zo nog vijf keer af, waarop de vriend van de man met de pet zegt: “geef mij jouw pet eens even, dan krijg ik ook eens iets van die kerel te drinken”. ”Oké” zegt de pettenman en geeft zijn vriend zijn pet.
Vervolgens zegt de man aan de bar tegen de kastelein: “mag ik nog een pilsje van u en geef de man tegenover die met de pet op ook eens een van mij, want die ander heeft er al genoeg van mij gehad !”
Twee Schotten verlaten hun stamkroeg na een stevige borrel.
Terwijl ze over straat zwalken, roept de ene: “Wat gek zeg, ik zie alles dubbel!”
Waarop de andere Schot zijn portomenee te voorschijn haalt en zijn vriend een bankbiljet van één pond geeft, met de woorden: “Hier heb je die twee pond terug die ik van je heb geleend”
Een toerist is op vakantie in de woestijn, en hij wil tocht maken op een kameel. Hij gaat naar een kameeldrijver om een kameel te huren. Die zegt: “Als je wilt dat hij gaat lopen moet je ‘poeh’ zeggen. Als je wilt dat de kameel gaat rennen moet je ‘poehpoeh’ zeggen. Als de kameel moet stoppen roep je ‘hola’. De man rijdt een tijdje rond op een kameel. Opeens ziet hij dat het kameel op een ravijn afrent. Snel roept hij ‘Hola!’, en de kameel stopt nét voor de afgrond. De man haalt opgelucht adem, en zegt “poehpoeh”!
Nederlandse les en de juf vraagt: Wie kan er een zin vormen met de woorden ‘waarschijnlijk’ en ‘want’ ?’ Peter steekt zijn vinger in de lucht en zegt: WAARSCHIJNLIJK gaan wij naar Disneyland, WANT mijn vader heeft kaarten gekocht. Zeer goed ! zegt de juf, ‘Wie kan dat ook?’ Pietje steekt ook zijn vinger in de lucht ! Juffrouw slaat haar ogen ten hemel en denkt al: ‘Wat nu weer ?! Ja Pietje, probeer maar’, zegt ze bemoedigend. En Pietje zegt; ‘Mijn moeder ging met de krant naar ‘t toilet…’ Maar Pietje toch ! Dat heeft er helemaal niets mee te maken !’ Wacht, wacht ik ben nog niet klaar!’ roept Pietje. ……WAARSCHIJNLIJK moest ze poepen, WANT lezen kan ze niet.’