Twee Blondjes

Twee Amsterdamse blondjes zitten op een terras aan een gracht. Zegt er een: “ik heb mijn rijexamen gedaan”. “O ja”, zegt de ander “en hoe was het”. “Niet goed” zegt de eerste “weer verkloot”. “Ik kom bij een rotonde en daar staat een bord waar 30 op staat, dus ik rij netjes 30 keer rond”. “Ai” zegt de ander, “en heb je verkeerd geteld of zo?”

Similar Posts

  • Laarzen

    Een boer is met zijn knecht op het land als hij tot aan zijn enkels in de blubber zakt. “Ga mijn laarzen halen,” zegt de boer. Als de knecht bij de boerderij is, komt hij de dochters van de boer tegen.
    “Hé, wat doe jij nou hier?” vragen de meiden.
    “Ik mag van de boer met jullie allebei naar bed!” zegt hij.
    “Daar geloven we niks van.”
    “Oh nee? Wacht maar, dan vraag ik het hem wel even,” en hij roept naar de boer op het land: “Moest ik er nou 1 pakken of 2?!”
    De boer: “Allebei natuurlijk!”

  • Stinken

    Een man komt bij de dokter en zegt last te hebben van ongelooflijk stinkende winden daarop antwoord de dokter ik kan u pilletjes voorschrijven die een geur afgeven u kunt zelfs kiezen parkgeur zeegeur of rozengeur ok zegt de man laat ik ze allemaal uitproberen een paar dagen later zit de man op zijn werk als plots de baas binnenkomt en roept

    … doe dat raam eens open want het riekt hier precies of er iemand in het parkje aan de zee tussen de rozen gekakt heeft

  • Schoonmoeder

    Een pasgetrouwde boer en zijn vrouw werden gebeld door de moeder van de bruid. Deze wilde meteen de boerderij komen bekijken. De boer probeerde oprecht vriendelijk te zijn tegenover zijn schoonmoeder, hopende dat hij een vriendschappelijke relatie met haar zou kunnen krijgen.

    Maar bij elke gelegenheid die zich voordeed zat zijn schoonmoeder zonder doel te zeuren, veranderingen aan te bevelen, ongevraagde adviezen te geven en maakte zo het leven van de boer en zijn bruid ondraaglijk.

    Terwijl ze door de schuur liepen, sprong de ezel van de boer plotseling naar voren en stootte de schoonmoeder voor haar hoofd, waardoor deze ongelukkig viel, en op slag dood was.

    Op de begrafenis, een paar dagen later, stond de boer naast de kist en begroette de mensen die langsliepen. De pastoor zag dat, wanneer er een vrouw langsliep die iets tegen de boer fluisterde, hij ja schudde met zijn hoofd, en iets terugzei. Wanneer er een man langsliep die iets tegen de boer fluisterde, schudde hij nee en mompelde hij iets terug. De pastoor, die dit toch wel een beetje merkwaardig vond, vroeg na afloop van de begrafenis waarom hij toch telkens ja en nee schudde. De boer antwoordde:
    “De vrouwen zeggen, wat een verschrikkelijk drama, en ik knik, ja en zeg, dat was het zeker.
    De mannen vragen, kan ik jouw ezel lenen? en ik schud nee en zeg, dat kan niet, hij is al voor een heel jaar volgeboekt.”

  • Drie directeuren

    De drie directeurs van Grolsch, Heineken en Othmar Bier nemen op een ochtend om 10 over 7 de trein naar een Beurs in Amsterdam. Op een zeker moment is er een vertraging en ze besluiten samen iets te gaan drinken. Ze stappen een café binnen waar ze meer dan 120 verschillende bieren hebben.

    De directeur van Grolsch roept : “Kastelein, drie Grolsch alstublieft.”

    Nadat hun glas leeg is, roept de directeur van Heineken: “Hallo, barman, kan jij ons nog effe drie Heinekens serveren alsjeblief.”

    Nadat deze op zijn, is het de beurt aan de directeur van Othmar Bier: “Kastelein, drie Heineken alstublieft!”

    De directeurs van Grolsch en Heineken schrikken, en kijken elkaar verwonderd aan.

    Plots zegt de directeur van Heineken: “Man, hoe kan dat nu? Je bent directeur van Othmar Bier en je bestelt drie Heineken?”

    “Wel, ja,” zegt de directeur van Othmar Bier, op zijn uurwerk kijkend, “het is nog wat vroeg om bier te drinken!”

  • Duitse les

    DER, DIE, DAS. Jantje zit met zijn klasgenootjes in de Duitse les. De juffrouw heeft een oefening bedacht en legt deze uit: ‘Wie kan een zin bedenken waar de drie Duitse lidwoorden DER, DIE en DAS in voorkomen?’ Jantje denkt even na en steekt zijn vinger op. De juffrouw ziet dit en vraagt aan Jantje zijn zin op te zeggen. Jantje zegt: ‘Nou juf…, MEINE SCHWESTER HAT EIN KINDCHEN BEKOMMEN .’ De juf antwoordt: ‘Maar Jantje, daar zitten toch niet de drie lidwoorden in? ‘ Waarop Jantje zegt: ‘Maar ik was nog niet klaar.’ 

    En hij gaat verder: ‘… ABER DER DIE DAS GEMACHT HAT, IST VERSCHWUNDEN.’

Geef een reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *