Je blijft lachen

Ik zat achter in bus 21 toen er een jonge vrouw instapte, die in verwachting was. Zij ging zitten, wat bij mij een glimlach opwekte. De jonge vrouw voelde dat ik om haar lachte. Ze ging ergens anders zitten, waarop ze me weer hoorde lachen. Zij verwisselde een tweede, derde en zelfs een vierde maal en steeds begon ik harder te lachen. De jonge vrouw was zwaar beledigd, belde de Politie en liet een proces-verbaal opmaken… Toen de zaak voor de rechter kwam, vroeg hij mij om mijn eigenaardig gedrag te verklaren. Ik zei: ‘Edelachtbare, toen de jonge vrouw in de bus stapte, zag ik in wat voor positie zij verkeerde. Ze ging zitten onder de reclame: ‘Verwijder iedere verdikking.’ Ik moest lachen en de vrouw verwisselde van plaats maar ging nu zitten onder de bioscoopreclame: ‘Binnenkort verwacht.’ Ik moest weer lachen en de vrouw verwisselde terug van plaats. Nu onder een reclame van UNOX die als tekst had: ‘Ik weet een worstje te waarderen.’ Toen kon ik niet meer, maar het werd nog erger : want zij wisselde voor de laatste maal van plaats en kwam toen onder de reclame van DUNLOP autobanden te zitten. Hierop stond: ‘DUNLOP’s rubberartikelen hadden dit ongeluk kunnen  voorkomen…

IK WERD VRIJGESPROKEN…

Similar Posts

  • De bootreis

    Er zit een meisje in een café nogal sip te kijken en te zuchten. Een jongen gaat naar haar toe, en vraagt wat er aan de hand is. ‘Nou,’ zegt het meisje, ‘ik zou zo graag mijn zus eens bezoeken in Zuid-Afrika, maar de bootreis is veel te duur.’ ‘O, maar dat komt goed uit,’ zegt de jongen, ‘want ik ben matroos. Ik wil je best in mijn plunjezak het schip op smokkelen.’ ‘Dat zou geweldig zijn,’ zegt het meisje, ‘maar wat moet ik daar voor doen?’ ‘Nou,’ zegt de jongen, ‘ik kom je elke avond eten brengen. En dan zou ik het fijn vinden als ik een half uurtje bij je mag komen liggen.’ ‘Dat is wel goed,’ zegt het meisje. Dus wordt het meisje het schip op gesmokkeld. Elke avond komt de matroos haar eten brengen, en blijft dan een half uurtje bij haar. Na drie weken vindt het meisje de reis wel lang gaan duren. Ze besluit maar eens naar boven te gaan. Boven gekomen ziet ze de kapitein lopen, en aan hem vraagt ze: ‘Kapitein, duurt het nog lang voordat we in Zuid-Afrika zijn?’ ‘Nogal,’ zegt de kapitein, ‘want dit is de veerboot naar Texel.’

  • Vooruit denken

    De ene ondernemer tegen de andere: “Waarom zijn jouw medewerkers altijd op zo netjes tijd?”
    Heel eenvoudig: 30 medewerkers, maar slechts 20 parkeerplaatsen!”

     

  • Alcohol controle

    Een man komt uit een café, stapt zijn auto in en rijdt richting huis.
    Na 200 meter wordt de man aangehouden door een politieagent.
    Agent: “Goedenavond meneer, wij doen een alcoholcontrole. Wilt u even op het pijpje blazen?”
    Man: “Dat gaat niet want ik heb astma. Als ik op zo’n pijpje blaas heb ik voorlopig geen lucht meer.”
    Agent: “Gaat u dan even mee naar het bureau, dan kunnen wij een bloedproef doen.”
    Man: “Dat kan ook niet want ik heb bloedarmoede. Als u me een keer prikt, loop ik leeg.”
    Agent: “Dan vrees ik dat u even uit moet stappen en over die witte lijn moet lopen.”
    Man: “Dat kan ook niet.”
    Agent: “Waarom niet?”
    Man: “Ik ben stom lazarus.”

  • Kleine Bennie

    Kleine Bennie zit in de slaapkamerkast van zijn ouders met zijn pluchen beer te spelen. Zijn moeder komt met een vreemde man de slaapkamer binnen, ook om te spelen. Onverwachts komt Bennie’s vader thuis, de vreemde man wordt halsoverkop in de kast verstopt.
    Bennie fluistert: “Ik heb een pluchen beer en als je hem niet voor tien gulden van me koopt, ga ik huilen.” De man betaalt en een paar minuten later zegt Bennie: “Geef mijn beer terug, of ik ga huilen.”
    De beer verwisselt opnieuw van eigenaar. Even later begint Bennie van voren af aan: “Ik heb een pluche beer en als je hem niet voor tien gulden van me koopt, ga ik huilen.”
    Het spel herhaalt zich. Geruime tijd later is de kust vrij, de vreemde man verlaat de kast, 120 gulden armer en zonder beer. De volgende dag vertelt Bennie zijn moeder wat zich in de kast afgespeeld heeft. Zijn moeder stuurt Bennie onmiddellijk ter biecht. In de biechtstoel steekt Bennie van wal: “Ik heb een pluchen beer… “
    Van achter het gordijn: “Grote God! Begin je nu alweer!!!”

Geef een reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *