Dronkelap
“Mijn man is een hopeloze dronkenlap. Hij verdrinkt al zijn geld.” “Maar zo slecht schijnt het jullie anders niet te gaan. Een mooi eigen huis, een dure auto, een plezierjacht…”
“Dat hebben we betaald van het statiegeld!”
“Mijn man is een hopeloze dronkenlap. Hij verdrinkt al zijn geld.” “Maar zo slecht schijnt het jullie anders niet te gaan. Een mooi eigen huis, een dure auto, een plezierjacht…”
“Dat hebben we betaald van het statiegeld!”
Om half twee ‘s nachts ging eergisteren de telefoon bij ons . Moeizaam kwam ik uit bed en vond op de tast de telefoon. “Spreek ik met meneer Osselaer?” vroeg een boze stem aan de andere kant van de lijn.
“Ja, inderdaad,” mompelde ik .
“Met Van Snick van de overkant. Ik bel even om te zeggen dat het geblaf van uw hond me gek maakt. Laat hem alstublieft onmiddellijk ophouden.”
De volgende nacht om twee uur belde ik naar Van Snick. “Hallo?” mompelde hij slaperig.
“Meneer Van Snick, met Osselaer van de overkant” riep ik door de telefoon!
“Om twee uur ‘s nachts? Bent u gek geworden?”
“Meneer Van Snick, ik bel even om te zeggen dat ik geen hond heb”.
Er komen 3 directeuren de kroeg binnen en de directeur van Dommels besteld een Dommels pilsje. De tweede, de directeur van Heineken, besteld een Heineken pilsje.
De derde man, de directeur van Grolsch, zegt tegen de barman geeft mij maar water want als de anderen geen bier drinken neem ik ook geen bier.
Een man komt uit een café, stapt zijn auto in en rijdt richting huis.
Na 200 meter wordt de man aangehouden door een politieagent.
Agent: “Goedenavond meneer, wij doen een alcoholcontrole. Wilt u even op het pijpje blazen?”
Man: “Dat gaat niet want ik heb astma. Als ik op zo’n pijpje blaas heb ik voorlopig geen lucht meer.”
Agent: “Gaat u dan even mee naar het bureau, dan kunnen wij een bloedproef doen.”
Man: “Dat kan ook niet want ik heb bloedarmoede. Als u me een keer prikt, loop ik leeg.”
Agent: “Dan vrees ik dat u even uit moet stappen en over die witte lijn moet lopen.”
Man: “Dat kan ook niet.”
Agent: “Waarom niet?”
Man: “Ik ben stom lazarus.”
Een ober ligt op de operatietafel. Er komt een chirurg langs die hij herkent als een vaste gast uit zijn restaurant. “Oh, dokter, help me alstublieft”, steunt hij. “Spijt me”, grijnst de chirurg, “Dit is helaas mijn tafel niet. Maar mijn collega komt zo!”
M’n buurman kwam vorige week aan de deur met de vraag of onze huizen qua inhoud identiek waren. Ik zei dat dat inderdaad het geval was. Daarna vroeg hij me hoeveel rollen behang ik had gehaald voor de woonkamer die ik de week ervoor had behangen. Ik antwoorde: 17 rollen. Hij keek met grote ogen: ZEVENTIEN?….ik herhaalde mijn antwoord, inderdaad zeventien….
Vandaag stond ie weer aan de deur, witheet van woede. Ik vroeg m rustig wat er aan de hand was. Hij antwoorde: “Ik heb godverrrregodver 17 rollen behang gekocht en nu heb ik er nondejuu 8 rollen van over die ik niet terug kan brengen!!!”….Ik lachte ‘n keer en antwoordde: ‘Da’s toevallig, dat had ik ook!”.
Er komt een man een café binnen en bestelt vier borreltjes tegelijk. Als hij dit een paar dagen achter elkaar heeft gedaan, wordt de barman nieuwsgierig. Op een gegeven moment vraagt hij: ‘Waarom bestelt u toch steeds vier borreltjes?’ De man zegt: ‘Drie broers van mij wonen in Australië. En we hadden afgesproken om elke dag om vijf uur een borreltje te gaan drinken. Gezellig toch?’ De barman moet dit beamen. Op een dag bestelt de man drie borreltjes. De barkeeper vraagt: ‘Is er wat gebeurd met uw broer?’ ‘Nee,’ zegt de man, ‘maar ik mag niet meer drinken van de dokter.’