Ik ben een lamp

Een gek is ontslagen uit het gekkenhuis en gaat bij zijn broer op bezoek. De broer is ook niet helemaal honderd procent. De gek is nog geen kwartier bij zijn broer of hij staat al op de tafel te roepen “Ik ben een lamp, ik ben een lamp!”. Zijn broer belt naar het gekkenhuis en klaagt “Mooie boel is dat, mijn broer is nog geen kwartier binnen en hij staat al op de tafel te roepen dat hij een lamp is”. – “Stuur hem maar weer terug” zegt de telefoniste van het gekkenhuis. De broer reageert “Ja daag, dan heb ik geen licht meer!”

Similar Posts

  • Johan Cruiff

    In de tijd dat Helmond Sport nog in de eredivisie speelde moest Ajax op een zondagmiddag in Helmond. Ook die zondag gingen alle spelers in de Ajax-bus richting Helmond, behalve Cruijff. Want die ging altijd met zijn eigen auto. Eenmaal in Helmond aangekomen zocht hij naar het voetbalstadion maar kon het niet vinden. Hij stopte midden in Helmond en vroeg aan een voorbijkomende passant, “hoe kom ik bij Helmond Sport?”. De Helmonder, die Cruijff blijkbaar niet herkende zei: “Oh maatje, alleen maar trainen, trainen en nog eens trainen!!!!”.

  • Een Rondje

    Een islamiet komt een café binnen en bekijkt een man met een keppeltje op zijn hoofd aan het eind van de toog.

    Hij roept heel luid: “Rondje voor iedereen, behalve voor die Jood daar! ”

    Als iedereen zijn drank gekregen heeft bekijkt de Jood hem met een grote glimlach en zegt “dank u wel.”

    Die reactie irriteert de Arabier en nog luider dan de eerste keer roept hij: “Geef iedereen wat te drinken, maar die Jood daar krijgt niks! ”

    Iedereen wordt bediend en de Jood bedankt hem nog vriendelijker dan eerst.

    De Arabier leunt naar voren en vraagt de vrouw achter de bar: “Is die Jood soms achterlijk dat hij mij bedankt?”

    “Nee”, zegt ze, “‘t is de baas van ’t café.”

  • Vlaamse Vissen

    Een Vlaming ging op een dag vissen in Wallonië en ving drie karpers.
    Toen hij naar huis reed werd hij tegengehouden door een Waalse opzichter die het niet zo op Vlamingen begrepen had. Hij moest zijn visvergunning tonen en de visser haalde een geldige Waalse vergunning boven. De wachter pakte dan een van de karpers, rook aan het achterste en zei: “Dit is geen Waalse vis, dit is een Noorse vis? Heb jij hiervoor een vergunning?” De Vlaming haalde een Noorse vergunning boven. De wachter keurde ze en greep een andere vis en rook weer aan het achterste. “Dit is geen Waalse vis, dit is een Nederlandse vis. Heb jij een Nederlandse vergunning?” De Vlaming ging in zijn zakken en toonde een Nederlands papier. De wachter nam de derde vis en rook aan het achterste. “Dit is een Duitse vis, heb jij hiervoor een vergunning?” En weer ging de jager in zijn zakken en toonde een Duitse vergunning. De wildwachter raakte nu enorm gefrustreerd en schreeuwde naar de Vlaming: “Waar ben jij, verdorie, toch wel van afkomstig?” De Vlaming draait zich om, laat zijn broek zakken, bukt voorover en zegt: “Ruik jij het maar, jij bent de expert.”

  • Inspecteur

    Ne belastinginspecteur kwam an de duure bie ne boer. Hij wol ’t spulke taxeern, “Ie doat mar wat nit loatn kunt”, zeg den boer. Toen den keal kloar was met ziene inspectie wolle nog efkes ’t gröslaand taxeren. “Ik zöl doar neet an begin’n a’k oe was” zeg den boer. Doar mös den taxateur toch efkes um lachen. “Kiek”, zeg den inspecteur en hij haaln ’n pasje oet zien tuk. “Met disse vergunnige mag ik bie iedereene alns controleern, dus met dit pasje mut elk eene mien gezag opvolgen”! “Ie doat mar waj neet loatn kunt” zeg den boer aandermoal en ’n taxateur gung gestrits oaver ‘n weiredroad hen woer jammer genog toevallig gén stroom opstun. Met ziene krek gepoetste skoone stunne al gauw miln in drek. Hij dee ’n paar trad veerder de weire in en toen kwam Herman d’r anloopn. Dat was ’n boer ziene bolle. Ziene fokstier za’k mar zegn. Herman begun rondjes te loopn um ’n taxateur hen. ‘n Taxateur prebeern vöt te komn op ziene duure skoone. “Wat mu’k toch doon” skreewn ’t inspecteurtje, “Ik kan naans hén, ik zitte vaste in ’n drek”! “Och”, zeg ’n boer, dewiel hij ’n sjekkie an ’t dreajn was, “dan loat ie ‘m toch  gewoon efkes oen pasje zeen…..”?

  • Laatste wens

    Een priester, die zijn dood voelt naderen, in een ziekenhuis … vraagt ​​de dokter om een ​​bankier en een politicus te bellen. ​Binnen enkele minuten verschenen de twee. ​De priester vroeg hen aan weerszijden van het bed te gaan zitten, hij hield hun handen vast en zweeg. ​De bankier en de politicus waren zo ontroerd en voelden zich tegelijkertijd heel belangrijk om vlak voor zijn dood door een priester te worden ontboden. ​Uit angst vroeg de politicus: ‘Maar mijn vader, waarom heb je ons gevraagd hier aan jouw zijde te komen?’ ​De priester verzamelde al zijn krachten en zei: ​”Jezus stierf tussen twee dieven …… ik zou op dezelfde manier willen sterven !!”

Geef een reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *