Een varkenshouder

  • Er was een boer die veel varkens had. Op een dag ging er iemand naar de boerderij en vroeg aan de boer: “Wat gebruikt u om uw varkens te voeren?” “Nou, ik geef ze mengvoer waar van alles inzit, hoezo?” “Omdat ik van de Dierenbescherming ben en ik het idee heb dat u uw varkens niet op de goede manier voert, u zou ze geen afvalproducten moeten voeren.” Daarna berispte hij de boer.
    Een paar dagen later kwam er iemand anders die dezelfde vraag stelde. De boer antwoordde: “Nou, ik voer ze heel goed. Ik geef ze zalm, kaviaar, garnalen, runderlappen…… hoezo?” “Omdat ik van de Verenigde Naties ben en ik denk dat het oneerlijk is dat u uw varkens op deze manier voert als er mensen zijn die sterven omdat ze niets te eten hebben.” En hij berispte de boer.
    Later kwam er nog iemand die ook weer dezelfde vraag stelde. De arwanende boer antwoordde na een tijdje: “Nou, ik geef elk varken een tientje zodat ze zelf kunnen kopen wat ze willen hebben.”

Similar Posts

  • OP DE ZESDE DAG SPRAK GOD

    Op de zesde dag sprak God tot de aartsengel Gabriel: “Vandaag ga ik een land creëren, genaamd Nederland. Het zal een land zijn van buitengewone natuurlijke schoonheid, met grote bossen, vol met herten, zwijnen en eekhoorns. Grote rivieren, gevuld met alle mogelijke soorten levende wezens. Het zal een binnenzee krijgen met enorme hoeveelheden vis en ook aan een buitenzee komen te liggen, die men van prachtige goudgele stranden kan overzien.” God ging verder: “Ik zal het land rijk maken door de landbouw en de inwoners zullen grote welvaart kennen. Sommige van hun vrouwen zullen van verblindende schoonheid zijn. Ze zullen bekend worden als Hollanders. En ze zullen het vriendelijkste volk op aarde zijn. En als slagroom op de taart maak ik van het zuiden van Nederland een lieflijk heuvellandschap waar vriendelijke mensen zullen wonen, die bekend zullen staan als Limburgers.” “Maar Heer,” zegt Gabriel, “denkt U niet dat u een beetje te genereus bent voor deze Hollanders?” “Niet echt,”, antwoordt God, “moet je eens opletten wie ze als oosterburen krijgen!”

  • Vervelen

    Jantje zit zich te vervelen. de meester komt naar Jantje en zegt: “Jantje waarom maak je geen tekening van een koe?” “ok,” zegt Jantje. Een uur later komt de meester kijken. Jantje zit met een leeg papier voor zich. Zegt de meester: “waarom heb je nog niks gemaakt? waar is het gras?” Zegt jantje: “dat gras heeft de koe opgegeten.” Zegt meester: “waar is de koe dan?” Zegt Jantje: “serieus meester, denk je dat de koe blijft staan als het gras op is?”

  • Een affaire

    Een man had al een paar jaar een affaire met een Italiaanse vrouw.
    Op een avond vertelde de vrouw hem dat ze zwanger was.
    Omdat hij zijn huwelijk en zijn reputatie niet wilde verpesten, betaalde hij haar zodat ze naar Italië kon gaan om heimelijk het kind ter wereld te brengen.
    Als ze in Italië zou blijven om het kind op te voeden, zou hij het kind financieel ondersteunen tot het 18 jaar oud was. Ze stemde ermee in en vroeg hoe ze hem moest laten weten wanneer het kind geboren was.
    Om het discreet te houden, vroeg hij haar om slechts een kaartje te sturen met daarop slechts het woord “spaghetti”.
    Dan zou hij ervoor zorgen dat de betalingen geregeld zouden worden.
    Negen maanden later haalt zijn vrouw de post uit de brievenbus.
    “Schat”, zei ze, “je hebt wel een heel vreemd kaartje uit Italië ontvangen”.
    “Geef maar hier”, antwoordde hij.
    Zijn vrouw gaf hem het kaartje en keek toe terwijl haar man het kaartje las, bleek werd en flauw viel.
    Ze pakte de kaart en las:
    5x “Spaghetti, drie met balletjes en twee zonder. Stuur extra saus”.

  • Muizenplaag

    Een pastoor had erg veel last van muizen in de kerk.

    Die beesten renden zelfs tijdens de mis door de kerk.

    De pastoor strooide gif, zette klemmen, liet een paar katten los in de kerk, maar het hielp niets.

    Altijd liepen er wel weer muizen.

    Op een zondag, voordat hij met de preek zou beginnen, vroeg hij hulp van de beminde gelovigen, wie van hen een oplossing had tegen de muizenplaag.

    Een wat oudere vrouw staat op en zegt: “Pastoor u moet die muizen dopen”.

    “Dopen? mijn dochter.

    Hoe zo helpt dat dan?” vroeg de pastoor.

    “Jawel, meneer pastoor. Ik heb 11 kinderen, allemaal gedoopt en er komt er geen een meer in de kerk”.

  • Gedronken?

    Ik werd laatst met mijn auto aangehouden op de Almelosestraat. Vraagt die agent: “Meneer, heeft u gedronken?” Ik zeg: “Wat zegt u, ober?” Foutje natuurlijk, dus die agent vraagt nogmaals of ik gedronken heb. “Een biertje of dertig, een paar whisky’s en een paar glazen wijn.” Zegt die agent: “Dan moet u toch even blazen.” Ik zeg: “Hoezo? Geloof je me niet?”

  • Echt boerenverstand

    Een landbouwer laat 17 paarden na aan zijn drie zonen. In zijn testament verdeelt hij de erfenis als volgt:
    Mijn oudste zoon de helft van alle paarden.
    Mijn tweede zoon een derde van alle paarden.
    Mijn jongste zoon een negende van alle paarden.
    Daar het onmogelijk is om 17 paarden te delen door 2, door 3 of door 9, beginnen de problemen tussen de drie zonen.
    Op een gegeven ogenblik beslissen ze ten einde raad om hun buur, ook een landbouwer Dirk, wiens intelligentie ze al lang bewonderen, om raad te vragen, in de hoop dat die een oplossing kan vinden.
    De boer neemt het testament en leest het aandachtig, na enkele ogenblikken gaat hij thuis zijn eigen paard halen en voegt het toe aan de zeventien andere. Nu staan er 18 paarden in de wei.
    Vanaf nu wordt het mogelijk voor de erfgenamen om tot de verdeling over te gaan, zoals voorzien in het testament van hun vader.
    De oudste neemt de helft van de 18 paarden = 9 paarden
    De tweede neemt een derde van de 18 paarden = 6 paarden
    De jongste neemt een negende van de 18 paarden = 2 paarden
    Samen hebben ze nu, 9+6+2=17 paarden
    Er blijft 1 paard over, dat van Dirk, die het terug mee naar huis neemt.
    Voila, ‘t is nu aan u!

Geef een reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *