Moos

Moos gaat voor het eerst in zijn leven skiën. Les nemen vindt hij zonde van het geld, dus suist hij bij zijn eerste afdaling, niet geremd door enige kennis of vaardigheid, met een noodgang over de zwarte piste.
Waardoor hij een bordje ‘Lawine gevaar’ niet ziet. Als Moos, na een adembenemende afdaling, dankzij een bovenmenselijke inspanning nog net voor een vreselijk diep ravijn tot stilstand weet te komen, slaakt hij een diepe zucht van verlichting.
Dat had hij beter niet kunnen doen.
Tien tellen later ligt hij onder drie meter sneeuw. Onmiddellijk rukken de reddingswerkers uit. Zodra Moos gelokaliseerd is, steken ze een lange pijp in de sneeuw om Moos wat lucht te verschaffen. Moos ziet de pijp vlak boven zijn hoofd door de sneeuw verschijnen. “Wie is daar?” roept hij.
“Het Rode Kruis,” roept men van boven.
Waarop Moos zegt: “Maar, daar heb in Amsterdam al voor  gegeven.”

Similar Posts

  • Dokter

    Een dokter moet dringend weg…Hij vraagt aan zijn stagiaire om hem te vervangen, voor een paar uurtjes… Na een paar uur, komt meneer dokter terug, en vraagt hoe het geweest is.. Stagiaire : “…Ach vrij goed, dokter…Mijne eerste patiënt kwam binnen…met verschrikkelijke koppijn…” Dokter : “..En.. wat heb je gedaan ? ” Stagiaire : “…Ik heb Aspirine voorgeschreven….. ” Dokter : “..Aha.. goed zo.. En verder ?…” Stagiaire : “…Mijn tweede patiënt kwam binnen en had verschrikkelijke last van maagzuur…” Dokter : “..En..? ” Stagiaire : “… ‘k Heb Rennies voorgeschreven…” Dokter : “…Goed zo…” Stagiaire : “…Maar de derde patiënt.. Da was een hele mooie vrouw. Die kwam hier binnengelopen, en ging direct op de onderzoek tafel liggen en begon te roepen…’ Dokter, dokter…help mij, help mij… Het is al vijf maanden geleden  dat ik een vent gezien heb! Dokter : “…En wat heb je gedaan ?…”

    Stagiaire : ”  ‘k heb haar oogdruppels voorgeschreven…”

  • Veertien Kinderen

    Een vrouw komt met haar veertien kinderen bij de pastoor op bezoek. De kleinste van twee jaar oud loopt naar de pastoor.
    De pastoor: En jongen hoe heet jij?” Jongetje: “Jantje.”
    De volgende komt binnen.
    Pastoor: “En jongen hoe heet jij?” Jongetje: “Jantje.”
    Pastoor: “Ah, heet jij ook jantje?”
    De oudste komt binnen (14 jaar). 
    Pastoor: “En hoe heet jij jongen?” Jongen: “Jantje.”
    Pastoor tegen moeder: “Heten al jouw zoontjes misschien Jantje?”
    Moeder: “Ja, dat is heel gemakkelijk, als ik roep: ‘Jantje opstaan’ staan ze allemaal op, 
    als ik roep: ‘Jantje eten,’ komen ze allemaal eten, 
    als ik roep: ‘Jantje slapen,’ dan gaan ze allemaal slapen.”
    Pastoor: “En als je maar één iemand nodig hebt, hoe doe je dat dan?”
    Moeder: “Dan roep ik gewoon hun familienaam.”

  • De Optimistische zoon

    Een man probeerde zijn jonge zoon het kwaad van alcohol te leren. Hij deed een worm in een glas water en een andere worm in een glas whisky. De worm in het water leefde, terwijl die in de whisky zich oprolde en stierf.

    “Oké, zoon,” vroeg de vader, “wat laat dat zien?” ‘Nou, papa, het laat zien dat als je alcohol drinkt, je geen wormen krijgt.’

  • Super

    Een groep politie agenten heeft als taak de hoogte te meten van een vlaggenmast. Zij begeven zich dus naar de mast met ladders en rolmaten. Een voor een vallen ze, of van de ladder, of laten de rolmaat vallen… Een goede oude wijkagent komt toevallig langs en ziet wat er gaande is. Hij trekt de mast uit de grond, legt hem plat, en meet dus de mast. Hij geeft de maten aan de andere politie agenten en gaat weg. Nadat de wijkagent vertrokken is draait een politie agenten zich al lachend om naar de anderen:

    – Dat is nu typisch een van de gemeente!!!

    – Wij vragen de hoogte en hij geeft ons de lengte !!!

  • Kanibalen

    De meester vertelt dat er menseneters hebben bestaan. Vraagt hij: “In welke streken kwamen die voor?” “In Volendam.” beweert Marieke.

    “Hoe kom je daar nu bij?” vraagt de meester hoogst verbaasd.

    “Dat staat in het aardrijkskundeboek.” antwoordt Marieke.

    “Daar staat dat de bewoners daar leven van de toeristen!”

  • Een maand kan lang duren

    Er komt een man bij de dokter en zegt: “Dokter ik voel me niet lekker.” De dokter onderzoekt hem en vraagt hem de volgende week terug te komen. Na een week komt de man terug en vraagt: “Nou dokter wat is de uitslag? ”, “Ik heb slecht nieuws voor u, u heeft nog maar één maand te leven” zegt de arts “Weet u al wat u in die tijd gaat doen?” “Dan ga ik bij m‘n schoonouders wonen” zegt de man. “Hoe komt u daar zo bij?” vraagt de arts verbaasd. De man: “Nou, dan kan een maand lang duren”

Geef een reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *