Similar Posts
In de kroeg
De kastelein vraag aan de man aan de bar wat hij wenst te drinken. ”Geeft u mij een pilsje”, zegt de man ”en geef die man met die pet op aan het tafeltje er ook een van mij.”
Zo gezegd, zo gedaan. Als de man aan de bar zijn pilsje leeg drinkt zegt hij tegen de kastelein: “geeft u mij nog een pilsje en die man met de pet op geeft u ook nog een van mij”. Dat tafereel speelt zich zo nog vijf keer af, waarop de vriend van de man met de pet zegt: “geef mij jouw pet eens even, dan krijg ik ook eens iets van die kerel te drinken”. ”Oké” zegt de pettenman en geeft zijn vriend zijn pet.
Vervolgens zegt de man aan de bar tegen de kastelein: “mag ik nog een pilsje van u en geef de man tegenover die met de pet op ook eens een van mij, want die ander heeft er al genoeg van mij gehad !”
Goudvis
Kleine Nancy is in de tuin een gat aan het vullen, als de buurvrouw over de
heg kijkt.
Ze is zeer nieuwsgierig wat Nancy aan het doen is, en ze vraagt: “Wat ben je
aan het doen, Nancy”?
“Mijn goudvis is dood gegaan”,vertelt Nancy in tranen, zonder te kijken. “En
ik heb hem net begraven”.
De buurvrouw is verwondert.
“Dat is een enorm groot gat voor jou goudvis, vindt je niet”? Nancy klopt het
laatste beetje grond stevig aan, en antwoord: “Dat komt omdat hij nog in de
maag van jou rot-kat zit”.
Baas boven baas
Na Werktijd drinken een timmerman, een metselaar en een elektricien een biertje in het café. Ze zitten elkaar de loef af te steken over wie nu eigenlijk het oudste beroep ter wereld heeft. “Jezus van Nazareth, kennen we hem nog?” zegt de timmerman. “Die lag in een stalletje en dat stalletje is gebouwd door een Timmerman!”
“Prima,” zegt de metselaar cynisch. “Maar de piramiden in Egypte stonden er al toen Jezus nog geboren moest worden. En die piramiden zijn volgens mij toch echt gemetseld!”
De elektricien mengt zich in de discussie. “Hou maar op, jongens,” zegt hij. “Ik heb het oudste beroep van de wereld.” “Want?” vragen de timmerman en de metselaar in koor. “Logisch,” zegt de elektricien.
“Op de eerste dag zei God: Er was licht! En toen hadden wij de leidingen allang gelegd!”
IK VERONDERSTEL DAT
Juffrouw Rosa geeft les Nederlands. Ze geeft de kinderen volgende opdracht: Morgen moeten jullie een verhaal vertellen dat eindigt met deze 3 woorden: IK VERONDERSTEL DAT. Toen ging de bel en iedereen weg naar huis.
De volgende morgen bij juf Rosa: Zo, zei ze, “Sjefke, begin maar”.
Wel, sprak Sjefke, gisteren zag ik mijn pa de riek uit de stal nemen, ging er mee naar de wei, stak hem in de grond en schudde ermee, en hij raapte al de pieren samen in een doosje, dan nam hij zijn vis stok en…ik veronderstel dat hij ging vissen.
Toen Suske: Gisteren nam mijn vader een flesje bier uit de ijskast, nam een glas uit de kast en: Ik veronderstel dat hij het ging inschenken en opdrinken.
Zo ging het nog een tijdje verder en toen was het de beurt aan Sloebertje. Wel zei hij, gisteren avond om zes uur vertrok mijn vader om met zijn vrienden te kaarten. Een half uur later vertrok ook mijn moeder om naar de wekelijkse vergadering te gaan van de vrouwenbond. En een kwartier later kwam Alberto de pianoleraar van mijn grote zus binnen en samen gingen ze naar de pianokamer, ze deden de deur dicht, maar ik keek stiekem door het sleutelgat, en zag dat ze mekaar kusten. Toen deed mijn zus haar bloes en haar rok uit, en haar ondergoed. De pianoleraar had zijn broek en hemd ook al uit en toen deed hij zijn onderbroek uit, maar hij hing ze aan de klink, voor het sleutelgat en.. IK VERONDERSTEL DAT… ik de rest niet mocht zien.
De Heer zal me bijstaan
Een priester, die een wandeling maakt in de vrije natuur, sukkelt in het drijfzand. Wanneer hij ongeveer is weggezakt tot over zijn enkels, passeert er een brandweerwagen. – ‘Heeft u hulp nodig ?’, vragen de brandweerlieden. – ‘Nee, dank U, niet nodig, de Heer zal me bijstaan !’, antwoordt de priester. Wanneer hij tot zijn middel is weggezakt, passeert de brandweerwagen opnieuw en de brandweerlieden vragen : – ‘Heeft u hulp nodig ?’, – ‘Nee, nee, dank U, niet nodig, de Heer zal me bijstaan !’, antwoordt de priester weer. Wanneer enkel nog het hoofd van de priester boven het zand uitsteekt, passeert de brandweer een derde maal. – ‘Heeft U nog steeds geen hulp nodig ?’, vragen ze. – ‘Nee, nee, nee, niet nodig, de Heer zal me redden !’, antwoordt de priester. Uiteindelijk verdwijnt de priester helemaal onder het zand… Aangekomen in het paradijs zegt hij tot God : – ‘Ik ben echt wel naïef. Ik dacht werkelijk dat U me ter hulp zou zijn gekomen !’ En de Heer antwoordt : – ‘Ik heb je 3x de brandweer gestuurd. Ik zie niet in wat Ik nog meer kon doen…!




