Te LAAT VOOR EEN SCHRIFTELIJK EXAMEN

Vier studenten aan de hogeschool arriveerden maar liefst twintig minuten te laat op een belangrijk schriftelijk examen. De betrokken hoogleraar, die zelf surveilleerde, deelde de studenten mee dat ze te laat waren en om die reden niet meer aan het examen konden deelnemen. De studenten probeerden de hoogleraar te vermurwen en voerden als excuus aan, dat ze gevieren met de auto waren gekomen en dat deze een lekke band had gehad. In dat geval, zo vond de hooggeleerde, verdienden de vier heren een extra kans; een schriftelijk examen bij hem thuis, de week daarop, op hetzelfde tijdstip. Vanzelfsprekend was het viertal die dag stipt op tijd. Elke student kreeg een aparte kamer toegewezen met een stoel en tafel, waarop een gesloten omslag lag met de examenvragen. Het gevreesde examen bestond uit slechts één vraag: ”Welke band was lek?”

Similar Posts

  • Materialistisch

    Een rijke snob heeft net een nieuwe Porsche gekocht . Als hij bij de dealer wegrijd wordt hij van de baan gemaaid door een passerende 40 tonner ! De politie komt erbij en hoort de man huilen : mijn porsche , mijn nieuwe porsche , helemaal kapot , oh … mijn porsche …

    De politieman zegt : mijnheer , U bent zodanig gefocust op materiële dingen dat U niet eens hebt gezien dat U uw linkerarm verloren bent in het ongeval !

    Oh nee … mijn Rolex , mijn gouden Rolex ….

  • Begin de dag met een lach:

    De 75-jarige Maurice gaat voor zijn jaarlijks onderzoek naar de dokter. Alle testen leveren normale uitslagen op. Als hij terugkomt voor de uitslag, legt de dokter hem uit dat fysiek gezien alles in orde is. Hij vraagt: ‘Hoe is het mentaal en emotioneel met u gesteld? Bent u tevreden met uw situatie, en hoe is uw verhouding met God?’ Maurice antwoord: ‘Ik heb een heel goeie relatie met God. Hij weet dat ik slechte ogen heb, en bijvoorbeeld vannacht heeft hij ervoor gezorgd, dat wanneer ik naar de WC moet, het licht vanzelf aangaat en wanneer ik klaar ben, gaat het licht vanzelf weer uit.’ Zo zo,’ zegt de dokter: ‘dat is echt ongelooflijk!’ Wat later op de dag belt de dokter met Roza, de vrouw van Maurice. Hij zegt: ‘Met de gezondheid van Maurice is alles in orde, maar ik wou toch nog eens wat vragen over zijn relatie met God. Is het waar dat als hij ‘s nachts gaat plassen, het licht vanzelf aangaat en nadien vanzelf uitgaat?’

    Roept Roza verbolgen: “Wel verdorie”, Hij heeft weer in de koelkast gepist !’

    Voor iedereen een leuke dag verder.

  • Hoe laat?

    Een zakenman die op weg is huis wordt onderweg door slaap overvallen en om geen brokken te maken besluit hij zijn bolide langs de kant van de weg te zetten om even een tukje te doen. Hij vindt een rustig landweggetje en valt al na vijf minuten in een diepe slaap. Plotsklaps wordt hij opgeschrikt door getik tegen de autoruit. Hij draait het raampje open en een oud vrouwtje vraagt aan hem hoe laat het is. “Vijf voor twee,” bromt de zakenman. De vrouw bedankt hem en loopt verder. De zakenman draait zich om en gaat verder waar hij gebleven was. Lang kan hij er niet van genieten want tien minuten later wordt hij weer gewekt door getik tegen het raam. Geërgerd draait hij het autoraam open en ditmaal is het een jogger die de tijd wil weten. “Vijf over twee,” buldert de zakenman. De jogger bedankt hem en jogt verder. De zakenman beseft dat hij op zo’n manier nooit aan zijn slaap komt en pakt een stuk papier en schrijft daar met koeienletters op: IK WEET NIET HOE LAAT HET IS! en plakt dit achter zijn ruit. Tevreden over zijn eigen vindingrijkheid valt hij voor de derde maal in diepe slaap. Nauwelijks aangekomen in dromenland word zijn rust weer verstoord door getik tegen de ruit. Met een welgemeende “Godgloeiende…,” draait de zakenman zijn autoraam open en kijkt in het gezicht van een jonge scholier. Deze werpt een blik op zijn horloge en zegt: “Het is tien voor half drie meneer.”

  • Pas op voor de hond

    Een man moet van zijn vrouw boodschappen doen. Met enige tegenzin gaat van huis en loopt naar de dorpswinkel. Op de deur hangt een bordje met de waarschuwing: “Pas op voor de hond!”. Binnen ziet hij naast de toonbank een stokoude hond liggen die in diepe slaap is.

    “Is dit de hond waar de mensen voor moeten oppassen?”, vraagt hij aan de winkelier. “Het beest ziet er niet erg gevaarlijk uit, waarom die waarschuwing?”. “Omdat de klanten telkens over hem struikelden!”

  • Een vrije dag

    Twee medewerkers van een bedrijf zitten te zuchten en kreunen op het werk. Ze zouden zo graag een dagje verlof nemen, maar de baas heeft alle verlof opgeschort omdat er teveel werk is. Plots springt een van de twee op. “Ik weet een manier om enkele dagen verlof te krijgen!” roept hij. “Hoe dan?” vraagt de ander. De man kijkt snel rond – niets te zien van de baas. Hij klimt op zijn buro, neemt enkele tegels van het valse plafond uit, klimt in het plafond. Dan slaat hij zijn benen over een metalen pijp, laat zich zakken en hangt zo met zijn kop naar beneden. Binnen enkele seconden staat de baas er. “Wat is dat hier allemaal?”. “Ik ben een lamp,” zegt de man. “Ik denk dat jij een beetje overspannen bent. Maakt dat je wegkomt, en dat is een bevel! Ik wil je hier minstens twee dagen niet zien!” “Ja meneer de baas,” antwoordt de man heel gedienstig. Hij springt naar beneden en verdwijnt door de deur. De tweede man staat op en loopt ook snel naar de deur. “Hela, waar ga jij naartoe?” vraagt de baas. “Naar huis. Ik kan niet werken in het donker…”

  • Brandweer

    Een brandweerman staat buiten bij de brandweerkazerne te sleutelen aan de motor van een pomp. Opeens hoort hij achter zich een lief stemmetje dat zegt:
    “Dag meneer de brandweer.”
    Hij draait zich om en ziet een klein meisje van een jaar of zes, dat in een bolderwagen zit. De bolderwagen is omgebouwd tot een brandweerwagen, compleet met ladder en brandslangen. De wagen wordt getrokken door een hond en een kat. Complimentjes makend over wat hij ziet loopt hij rondom de bolderbrandweerwagen. De hond is met een riem aan zijn halsband voor de kar gespannen. De kat, het blijkt een kater, zit vast aan de kar via een touwtje om zijn testikels. Een beetje verbaasd zegt de brandweerman tegen het lieve wicht:
    “Ik wil me er niet mee bemoeien, maar volgens mij trekt die kater de kar beter als je hem ook aan een halsband vastmaakt.”
    “Dat weet ik”, zegt het meisje, “maar dan heb ik geen sirene!”

Geef een reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *