Gevangenis

Een vrouw wordt ’s nachts wakker en merkt dat haar man niet in bed ligt. Ze trippelt naar de keuken en daar zit hij, met een hete kop koffie voor zich uit te staren. Hij veegt net een dikke traan van zijn gezicht. ‘Wat scheelt er?’ , vraagt ze bezorgd. ‘Ik herinnerde me plots hoe we elkaar twintig jaar geleden leerden kennen. Ik was net achttien en jij zestien, weet je nog?’, vraagt hij stil. De vrouw aait haar man over het hoofd, ontroerd omdat hij in zo’n gevoelige bui is. ‘Ik weet het nog’, fluistert ze. De man slikt even, veegt nog een traan weg en zegt: ‘Weet je nog hoe jouw vader ons betrapte op de achterbank van mijn auto?’ ‘Ja, dat herinner ik me!’, lacht de vrouw. De man gaat verder: ‘Weet je ook nog hoe hij een geweer op mij richtte en riep: “Ofwel trouw je met mijn dochter, ofwel stuur ik je voor twintig jaar naar de gevangenis!” “Ja, dat herinner ik me ook’, zegt de vrouw teder.

‘Wel’, zegt de man, terwijl hij nog een traan van zijn wang veegt. ‘Ik zou vandaag zijn vrijgekomen’

Similar Posts

  • Gesnurk

    Een handelsvertegenwoordiger, doodmoe, komt aan in een kleine gemeente waar er maar één hotelletje is. Tot overmaat van ramp, alle kamers zijn bezet. Hij smeekt de baas: “Leg me te slapen, eender waar, maar ik moet absoluut kunnen uitrusten.” “Wel”, zegt de hotelier, “ik heb hier een twee persoonskamer waar er maar één bed beslapen is. Als je met die man op een akkoord komt om de kamer en de prijs ervan te delen is dat voor mij goed. Maar, ik verwittig je, hij snurkt geweldig. Het is zelfs zo erg dat alle gasten ‘s morgens hun beklag erover maken.” “Maakt niks uit”, antwoordt de vertegenwoordiger, “ik ben veel te moe.” …De twee mannen komen tot een akkoord en nemen het avondmaal aan dezelfde tafel. ‘s Morgens komt de handelsvertegenwoordiger als eerste de trap af om naar het ontbijtzaal te gaan. Vrolijk fluitend en welgemutst de hotelbaas groetend. “Nou”, zegt deze, “zo welgezind? Heb je goed geslapen? Heeft hij niet gesnurkt?” “Zeker niet”, zegt de vertegenwoordiger, “geen enkel moment.” “Hoe is dat in Godsnaam mogelijk”, zegt de hotelbaas.

    “Heel eenvoudig”, zegt de vertegenwoordiger.

    “Ik kwam een beetje later dan hem de kamer binnen. Hij lag al op zijn bed. Ik heb hem een kus gegeven op zijn achterwerk en gezegd: Goedenacht, schoonheid. En die kerel heeft de hele nacht recht gezeten in zijn bed om me in de gaten te houden.”

  • OP DE ZESDE DAG SPRAK GOD

    Op de zesde dag sprak God tot de aartsengel Gabriel: “Vandaag ga ik een land creëren, genaamd Nederland. Het zal een land zijn van buitengewone natuurlijke schoonheid, met grote bossen, vol met herten, zwijnen en eekhoorns. Grote rivieren, gevuld met alle mogelijke soorten levende wezens. Het zal een binnenzee krijgen met enorme hoeveelheden vis en ook aan een buitenzee komen te liggen, die men van prachtige goudgele stranden kan overzien.” God ging verder: “Ik zal het land rijk maken door de landbouw en de inwoners zullen grote welvaart kennen. Sommige van hun vrouwen zullen van verblindende schoonheid zijn. Ze zullen bekend worden als Hollanders. En ze zullen het vriendelijkste volk op aarde zijn. En als slagroom op de taart maak ik van het zuiden van Nederland een lieflijk heuvellandschap waar vriendelijke mensen zullen wonen, die bekend zullen staan als Limburgers.” “Maar Heer,” zegt Gabriel, “denkt U niet dat u een beetje te genereus bent voor deze Hollanders?” “Niet echt,”, antwoordt God, “moet je eens opletten wie ze als oosterburen krijgen!”

  • Lepel

    Een dorpspastoor kreeg bezoek van een jongere collega. Tijdens het eten merkt de jonge pastoor op dat de oude pastoor veel zat te kijken naar zijn huishoudster. De jonge pastoor zei dit en de oude pastoor verzekerde dat er niks tussen hem en zijn huishouder was. Een week later vertelde de huishoudster dat er een lepel ontbrak. De oude pastoor belt naar de jonge collega en zegt: “Ik zeg niet dat je die lepel hebt, maar heb je hem, ja of nee?” Het antwoord van de jonge pastoor was: “Als je in je eigen bed sliep, meneer pastoor,  had je hem allang gevonden!”

  • Weddenschap

    Er lopen 2 blondjes samen over een brug.
    Ze blijven halverwege staan om even te kijken.
    Het ene blondje zegt: ‘Wat is de Maas toch mooi he?”
    Waarop de andere zegt: “Mens, dit is de Maas niet maar de Rijn!”
    Er ontstaat een hele felle discussie over welke rivier het zal zijn. De meiden komen er maar niet uit en de ene zegt: “Weet je wat, ik duik nu naar beneden en haal een maassteen naar boven, dan kan je zien dat het de Maas is!” Dus zo gezegd zo gedaan, de ene springt naar beneden en de ander blijft wachten..
    Na 2 uur komt het ene blondje kreunend en kermend, met alle botten gebroken, naar boven gekropen.
    Vraagt de andere: “En en en, was het de rijn of de maas?”
    Zegt het ene blondje:”Geen van tweeën, het is de A4!!”

  • Schoonmoeder

    Een pasgetrouwde boer en zijn vrouw werden gebeld door de moeder van de bruid. Deze wilde meteen de boerderij komen bekijken. De boer probeerde oprecht vriendelijk te zijn tegenover zijn schoonmoeder, hopende dat hij een vriendschappelijke relatie met haar zou kunnen krijgen.

    Maar bij elke gelegenheid die zich voordeed zat zijn schoonmoeder zonder doel te zeuren, veranderingen aan te bevelen, ongevraagde adviezen te geven en maakte zo het leven van de boer en zijn bruid ondraaglijk.

    Terwijl ze door de schuur liepen, sprong de ezel van de boer plotseling naar voren en stootte de schoonmoeder voor haar hoofd, waardoor deze ongelukkig viel, en op slag dood was.

    Op de begrafenis, een paar dagen later, stond de boer naast de kist en begroette de mensen die langsliepen. De pastoor zag dat, wanneer er een vrouw langsliep die iets tegen de boer fluisterde, hij ja schudde met zijn hoofd, en iets terugzei. Wanneer er een man langsliep die iets tegen de boer fluisterde, schudde hij nee en mompelde hij iets terug. De pastoor, die dit toch wel een beetje merkwaardig vond, vroeg na afloop van de begrafenis waarom hij toch telkens ja en nee schudde. De boer antwoordde:
    “De vrouwen zeggen, wat een verschrikkelijk drama, en ik knik, ja en zeg, dat was het zeker.
    De mannen vragen, kan ik jouw ezel lenen? en ik schud nee en zeg, dat kan niet, hij is al voor een heel jaar volgeboekt.”

  • Bijbel

    De baas van een uitgeverij zoekt iemand die 500 bijbels wilt verkopen. Omdat een stotterende man de enige is die zich aangemeld heeft, krijgt hij het baantje. Tot grote verbazing van de baas verkoopt hij de volgende dag in een keer alle bijbels! Dus hij vraagt aan de stotteraar:”Hoe heb je nou zoveel biijbels in een dag kunnen verkopen?” Zegt de stotteraar:”Nnou, iikkk zzzzzzei ttegen ddde mmmensen: wwwwilt uu ddirect eeen bbijbel kkkopen of zzzal ikk hhhemm eeerst vvvvoorlezen?

Geef een reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *