Controle

Een vrouw stuurt een sms’je naar haar man:

“Schat zou je een brood willen meebrengen als je klaar bent met werken?

En trouwens, je vriendin Marietje groet jou.”

De man reageert meteen: “wie is Marietje ?”

De vrouw antwoordt: “oh, niemand, maar ik wou er zeker van zijn dat je mijn berichtje had gelezen”.

De man: “oh, maar ik ben nu bij haar, ik dacht dat je ons gezien had”.

De vrouw: “Wat?!! Waar ben je”

Man: “Vlak bij de bakker”.

Vrouw: “Blijf daar wachten, ik kom er meteen aan”.

5 minuten later stuurt de vrouw opnieuw een sms “Ik ben bij de bakker, waar ben jij?”

De man : “op mijn werk, maar nu je toch bij de bakker bent kan je dan ook meteen een brood meebrengen?

Similar Posts

  • Dorstig

    Jan heeft een grote operatie in zijn mond achter de rug. Nu verrekt hij van de dorst en roept “Zuster, zuster mag ik wat drinken?” “Absoluut niet” zegt de zuster “U bent net geopereerd”. “Maar ik heb zo’n dorst zuster” zegt Jan. “Weet je wat” zegt de zuster “Ik dien u anaal wel wat vocht toe met een trechter. Wat wilt u koffie of thee? “Doe maar thee” zegt Jan en hij gaat alvast op zijn buik liggen. Dus de zuster plaatst een trechter tussen zijn billen en giet er een kopje thee in. Precies op dat moment laat Jan een enorme scheet. “Wat krijgen we nou” foetert de zuster. “Ja sorry” zegt Jan “Ik mag toch wel blazen als het heet is?”

  • Minder drinken

    Er komt een man een café binnen en bestelt vier borreltjes tegelijk. Als hij dit een paar dagen achter elkaar heeft gedaan, wordt de barman nieuwsgierig. Op een gegeven moment vraagt hij: ‘Waarom bestelt u toch steeds vier borreltjes?’ De man zegt: ‘Drie broers van mij wonen in Australië. En we hadden afgesproken om elke dag om vijf uur een borreltje te gaan drinken. Gezellig toch?’ De barman moet dit beamen. Op een dag bestelt de man drie borreltjes. De barkeeper vraagt: ‘Is er wat gebeurd met uw broer?’ ‘Nee,’ zegt de man, ‘maar ik mag niet meer drinken van de dokter.’

  • Weer hetzelfde

    Een Belg en een Nederlander gebruiken samen de lunch. De Nederlander kijkt wat er tussen zijn boord zit: “O nee, weer worst. Elke dag worst. Als mijn vrouw nog en keer worst op brood doet spring ik van de flat.”
    De Belg kijkt wat hij op brood heeft: “O nee, weer pindakaas. Altijd pindakaas. Ik spring ook van de flat als ik morgen weer pindakaas op brood heb.”
    De volgende ochtend komt de Nederlander op zijn werk en ziet dat hij jam op brood heeft. Gelukkig denkt hij. De Belg ziet echter weer pindakaas op zijn brood en springt van de dichtsbijzijde flat de dood tegemoed.

    Een week later komt de Nederlander op de begrafenis van de Belg. ZIjn vrouw huilt en roep: “Waarom? Waarom?”
    De Nederlander besluit het uit te leggen: “Hij had elke dag pindakaas op brood. Daar werd hij zo zat van dat hij van de flat sprong…”
    De vrouw gaat nog harder huilen: “Hij maakte elke dag zijn eigen brood klaar…!”

  • Naar de zon

    Grapje van de dag,

    De Belgen gaan hun eerste raket lanceren. “En,” vraagt een verslaggever, “waar gaat de reis naar toe?” “Awel,” zegt de Belg, “wij gaan naar de zon.” “Naar de zon?” vraagt de reporter, “maar daar is het toch veel te heet. Bent u niet bang dat de raket zal smelten?” “Awel,” zegt de Belg, “wij zijn niet gek, hoor. We gaan natuurlijk ‘s nachts!”

  • Snelheid

    Een vrouw staat met haar Smart met autopech langs de snelweg, komt er een
    man in een Porsche voorbij.
    “Zal ik je een sleepje geven naar de dichtsbijzijnde garage?” vraagt de
    Porsche rijder.
    “ja graag!” antwoordt de vrouw.
    Zo gezegd, zo gedaan, de Smart werd met een sleepkabel aan de Porsche vast
    gemaakt.
    “Als ik te hard ga moet je maar toeteren!” glimlacht de man.

    Even later, onderweg, scheurt er een Ferrari met 250 km/u voorbij. De
    Porsche rijder vergeet helemaal de sleep en scheurt achter de Ferrari aan.

    Later die avond komt een agent bij de commissaris en zegt:
    “Je gelooft nooit wat ik heb gezien! Komt er eerst een Ferrari met 250 km/u
    voorbij flitsen. Direct daarachter zat een Porsche die hem bij probeerde te
    houden. En achter de Porsche reed een Smart die toeterde of hij er voor bij
    mocht gaan!”

  • De bootreis

    Er zit een meisje in een café nogal sip te kijken en te zuchten. Een jongen gaat naar haar toe, en vraagt wat er aan de hand is. ‘Nou,’ zegt het meisje, ‘ik zou zo graag mijn zus eens bezoeken in Zuid-Afrika, maar de bootreis is veel te duur.’ ‘O, maar dat komt goed uit,’ zegt de jongen, ‘want ik ben matroos. Ik wil je best in mijn plunjezak het schip op smokkelen.’ ‘Dat zou geweldig zijn,’ zegt het meisje, ‘maar wat moet ik daar voor doen?’ ‘Nou,’ zegt de jongen, ‘ik kom je elke avond eten brengen. En dan zou ik het fijn vinden als ik een half uurtje bij je mag komen liggen.’ ‘Dat is wel goed,’ zegt het meisje. Dus wordt het meisje het schip op gesmokkeld. Elke avond komt de matroos haar eten brengen, en blijft dan een half uurtje bij haar. Na drie weken vindt het meisje de reis wel lang gaan duren. Ze besluit maar eens naar boven te gaan. Boven gekomen ziet ze de kapitein lopen, en aan hem vraagt ze: ‘Kapitein, duurt het nog lang voordat we in Zuid-Afrika zijn?’ ‘Nogal,’ zegt de kapitein, ‘want dit is de veerboot naar Texel.’

Geef een reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *