Heat Wave
Het Duo Heat Wave deze week op de voorgrond. We weten alleen dat het Duo uit de buurt van Almelo komt, maar de namen zijn ons niet bekend.

Het Duo Heat Wave deze week op de voorgrond. We weten alleen dat het Duo uit de buurt van Almelo komt, maar de namen zijn ons niet bekend.


Vicky Leandros (pseudoniem van Vasiliki Papathanasiou, 23 augustus 1952) is een Grieks-Duits zangeres. Naast Grieks en Duits heeft ze ook veel nummers in het Frans en Engels gezongen. Ook nam zij verscheidene nummers op in het Japans, Nederlands, Italiaans en Spaans. In totaal heeft ze bijna 80 albums uitgebracht. Daarnaast zijn er vele compilaties en heruitgaves verschenen.
In 1958 namen haar ouders haar mee naar West-Duitsland. Na de echtscheiding van haar ouders groeide Vicky op bij haar vader. Met de steun van haar vader, die zelf succesvol was in Griekenland en Duitsland als Leo Leandros, bouwde zij een carrière op in beide landen, aanvankelijk onder de naam Vicky (veel zangeressen in die tijd gebruikten alleen hun voornaam als artiestennaam). Haar eerste single verscheen in 1965: Messer, Gabel, Schere, Licht en werd direct een hit in Duitsland. In dit land scoorde ze tot 1967 al verschillende hits, en ook in Canada en Griekenland.
Leandros raakte internationaal bekend door haar deelname aan het Eurovisiesongfestival; eerst in 1967 voor Luxemburg; met L’amour est bleu werd ze in dat jaar vierde. In 1972 werd ze (en nu onder haar volledige artiestennaam Vicky Leandros) opnieuw door Luxemburg uitgezonden naar het songfestival. Ditmaal won ze, met Après toi. Tot 25 augustus 2012 was het de grootste Eurovisiesongfestivalhit ooit in de Nederlandse Top 40, maar omdat Euphoria van Loreen toen 452 punten verzamelde, werd Après toi met 437 punten naar de tweede plaats verdrongen. In 2022 bezet zij na Duncan Laurence en S10 de vierde plaats. In de Daverende 30 stond het nummer 3 weken op de eerste plaats. In 1972 had ze een nummer 1-hit in Nederland en Oostenrijk met Ich hab’ die Liebe geseh’n. Het stond eveneens 3 weken op nr. 1 in de publieke hitlijst en bleek aan het eind van het jaar de op een na succesvolste single. Verder zijn de schlagers Theo, wir fahr’n nach Lodz (haar grootste hit in Duitsland) en Die Bouzouki klang durch die Sommernacht twee van haar bekendste nummers. Vicky was zeer succesvol in vele landen, zoals Frankrijk, Griekenland, Verenigd Koninkrijk, Spanje, Italië, Duitsland, Nederland, België, Japan en Canada. Wereldwijd scoorde ze vele hits, in verschillende talen. In de voorgangers van de Mega Top 50 heeft ze 14 hits gehad.
Van het nummer “Verlorenes Paradies” bracht ze in 1982 ook een Nederlandstalige versie uit als “Verloren zijn we niet”, met een enigszins Duits accent gezongen. Het nummer heeft een duidelijke boodschap om zuinig om te springen met het milieu. Het nummer stond 6 weken in de Top 40 met als hoogste plaats nummer 14.
In 2000 bracht ze voor het eerst een album uit met eigen composities, Jetzt. In 2003 volgde een album met liederen van Mikis Theodorakis. 2005 was een jubileumjaar voor Vicky; ze stond 30 jaar op de planken en vierde dit met een dubbel-cd met haar grootste hits en enkele nieuwe tracks. Verder deed ze in 2006 23 grote concerten in Duitse steden. Eigenlijk was het haar 40-jarig artiestenjubileum, maar ze heeft zich vanaf 1979 ongeveer 10 jaar teruggetrokken uit de publiciteit. In die periode verschenen er echter wel nieuwe albums, waaronder Eine Nacht In Griechenland (1985), Ich Bin Ich (1988), Starkes Gefuhl (1990) en Nur einen Augenblick (1991). In haar geboorteland Griekenland lanceerde zij in deze jaren twee zeer succesvolle albums: ‘Pyretos tou Erota’ (1989) en ‘Andres’ (1993).
In 2006 nam Vicky deel aan de voorselecties voor Eurosong in Duitsland, met het lied Don’t Break My Heart. Zo hoopte ze haar land te vertegenwoordigen in Athene. Zij moest echter de overwinning laten aan Texas Lightning. Op 8, 9 en 10 december 2006 trad ze op bij het MAX Promsconcert in de Utrechtse Jaarbeurs. Op vrijdag 6 juli 2007 trad ze op bij het André Rieuconcert op het Vrijthof in Maastricht.
De Duitse technoformatie Scooter heeft in 2011 een zogenoemde mash-up gemaakt van L’amour est bleu van Vicky Leandros. Het nummer ‘C’est bleu’ van Scooter feat. Vicky Leandros staat op het album The Big Mash Up. In 2012 zingt ze tijdens de 50PlusBeurs in Utrecht en in mei 2013 geeft zij een uitverkocht concert in het nieuwe Luxor in Rotterdam.
In mei 2019, na bijna 47 jaar artiest te zijn en 80 albums, trad zij weer op in een vol Nieuwe Luxor Theater in Rotterdam. Gastoptredens met George Dalaras. Ze bleef overal optreden tot oktober 2021 toen kreeg ze last van een infectie en was tijdelijk uit de roulatie. In augustus 2022 – een paar dagen na haar 70ste verjaardag – kondigde zij aan dat zij binnen afzienbare tijd haar muzikale carrière zal beëindigen.
Bron Wikipedia
Deze week aandacht voor “Die Dinkelländer Muzikanten” uit Denekamp. De grootste muzikaal leider was ongetwijfeld Theo Roelofs. De “Dinkelländer Muzikanten” brachten met de verschillende onderdelen van de groep, zoals “Die Wendelsteiner”; “Das Dinkeltrio”; “De Dinkelländer showband” en natuurlijk “Die Holzackerbub’n”, een zeer compleet en avondvullend programma. De Band is gestart in 1976 en is ca 30 jaar later gestopt. Deze foto in informatie is ons beschikbaar gesteld door Marinus Tijink uit Denekamp. Marinus was vanaf het begin bij de “Die Dinkelländer Muzikanten” betrokken als manusje van alles. Alhoewel Marinus zelf geen instrument bespeelde was hij altijd bezig om de geluids- en andere rand-apparatuur te verzorgen. De muziek die hierbij gedraaid wordt is natuurlijk ook van “Die Dinkelländer Muzikanten” zelf. De zang wordt verzorgd door Jos Evers en Josien Veldberg. Jos is nu Kapelmeister bij de Reggestad Muzikanten en Josien vormt een duo met Herrman Lippinkhof. 
Een zoontje vraagt aan zijn vader: “Pappie, beginnen alle sprookjes met ’Er was eens…‘?”
Antwoordt vader: “Nee jongen, er zijn er ook die beginnen met ’Als u op mij stemt…‘”
Peter Beil, geboren als Tom Karrasch (Hamburg, 9 juli 1937 – aldaar, 13 april 2007) was een Duitse schlagerzanger, trompettist, componist en orkestleider.
Carrière
Als 12-jarige nam Peter Beil vioolonderricht. Ook speelde hij in een blaasorkest als trompettist. Na afsluiting van de lagere school volgde hij een commerciële opleiding. Daarna kreeg hij een baan als medewerker op de Hamburgse luchthaven. Ten slotte studeerde hij aan de Staatlichen Musikhochschule klassieke trompet. In de weekends trad hij met een studievriend op feesten op. De groep werd groter (6 leden) en noemde zich Crazy Combo, met als leadzanger Peter Beil. In 1958 kreeg de band de mogelijkheid om in de uitzending Toi, toi, toi van Peter Frankenfeld op te treden, waarna Peter Beil een contract kreeg aangeboden van het platenlabel Fontana Records. De eerste opnamen liepen op niets uit, maar met het nummer Corinna, Corinna (1961) kwam de doorbraak en een wekenlange notering in de Duitse hitparades. Onder het pseudoniem Ricky Boys werd de Duitse versie van Hello Mary Lou uitgebracht.
In het daarop volgende jaar kwalificeerde hij zich met het nummer Ein verliebter Italiener voor de Deutsche Schlager-Festspiele in Baden-Baden en eindigde op de laatste plaats. Het project Ricky Boys kende een vervolg, nu met Franco Duval als zangpartner. Hij speelde ook mee in een schlagerfilm en in de film Tanze mit mir in den Morgen zong hij zijn nummer Carolin-Carolina.
Tot ver in de jaren 1960 nam hij succesvol coverversies op van Amerikaanse liedjes, waaronder Und dein Zug fährt durch die Nacht. In 1965 nam hij deel aan de voorronden voor het Eurovisiesongfestival met het nummer Nur aus Liebe, dat puntloos bleef.
In 1966 ging hij in zee met het platenlabel CBS. Met het nummer Fremde in der Nacht (Strangers in the night) had hij wederom een succes. Een hernieuwde deelname aan de Deutsche Schlager-Festspiele met het nummer Dahin möcht ich gehen mislukte. In 1970 was hij te zien in de ZDF-Hitparade met het nummer Der Blitz schlug ein en met het nummer Blaue Augen, rote Lippen und kastanienbraunes Haar nam hij deel aan de voorronden voor het Eurovisiesongfestival, echter zonder succes. Desondanks had hij nog enkele succesnummers uitgebracht, waaronder Du, ich, wir beide, Frage die Liebe en Ein Mädchen zum Verlieben. Tot aan het eind van de jaren 1970 nam hij ook de muzikale leiding van de hitparadetournee met Dieter Thomas Heck voor zijn rekening. Ook componeerde hij voor andere artiesten. In 1984 speelde hij bij het Hazy-Osterwald-Sextett als trompettist. Ook als koorzanger was hij regelmatig te zien en te horen.
Privéleven en overlijden
Peter Beil leerde zijn echtgenote Barbara Kalweit (Miss Hamburg) kennen in 1964 bij de Miss-Germany-verkiezingen in Berlijn en hij stapte met haar in het huwelijksbootje in 1966. Zij zijn de ouders van presentatrice en actrice Caroline Beil. Peter Beil overleed in 2007 op 69-jarige leeftijd aan longkanker en werd bijgezet op het kerkhof van Hamburg-Altona.
Peter Beil, geboren als Tom Karrasch (Hamburg, 9 juli 1937 – aldaar, 13 april 2007)[ was een Duitse schlagerzanger, trompettist, componist en orkestleider.
Carrière
Als 12-jarige nam Peter Beil vioolonderricht. Ook speelde hij in een blaasorkest als trompettist. Na afsluiting van de lagere school volgde hij een commerciële opleiding. Daarna kreeg hij een baan als medewerker op de Hamburgse luchthaven. Ten slotte studeerde hij aan de Staatlichen Musikhochschule klassieke trompet. In de weekends trad hij met een studievriend op feesten op. De groep werd groter (6 leden) en noemde zich Crazy Combo, met als leadzanger Peter Beil. In 1958 kreeg de band de mogelijkheid om in de uitzending Toi, toi, toi van Peter Frankenfeld op te treden, waarna Peter Beil een contract kreeg aangeboden van het platenlabel Fontana Records. De eerste opnamen liepen op niets uit, maar met het nummer Corinna, Corinna (1961) kwam de doorbraak en een wekenlange notering in de Duitse hitparades. Onder het pseudoniem Ricky Boys werd de Duitse versie van Hello Mary Lou uitgebracht.
In het daarop volgende jaar kwalificeerde hij zich met het nummer Ein verliebter Italiener voor de Deutsche Schlager-Festspiele in Baden-Baden en eindigde op de laatste plaats. Het project Ricky Boys kende een vervolg, nu met Franco Duval als zangpartner. Hij speelde ook mee in een schlagerfilm en in de film Tanze mit mir in den Morgen zong hij zijn nummer Carolin-Carolina.
Tot ver in de jaren 1960 nam hij succesvol coverversies op van Amerikaanse liedjes, waaronder Und dein Zug fährt durch die Nacht. In 1965 nam hij deel aan de voorronden voor het Eurovisiesongfestival met het nummer Nur aus Liebe, dat puntloos bleef.
In 1966 ging hij in zee met het platenlabel CBS. Met het nummer Fremde in der Nacht (Strangers in the night) had hij wederom een succes. Een hernieuwde deelname aan de Deutsche Schlager-Festspiele met het nummer Dahin möcht ich gehen mislukte. In 1970 was hij te zien in de ZDF-Hitparade met het nummer Der Blitz schlug ein en met het nummer Blaue Augen, rote Lippen und kastanienbraunes Haar nam hij deel aan de voorronden voor het Eurovisiesongfestival, echter zonder succes. Desondanks had hij nog enkele succesnummers uitgebracht, waaronder Du, ich, wir beide, Frage die Liebe en Ein Mädchen zum Verlieben. Tot aan het eind van de jaren 1970 nam hij ook de muzikale leiding van de hitparadetournee met Dieter Thomas Heck voor zijn rekening. Ook componeerde hij voor andere artiesten. In 1984 speelde hij bij het Hazy-Osterwald-Sextett als trompettist. Ook als koorzanger was hij regelmatig te zien en te horen.
Privéleven en overlijden
Peter Beil leerde zijn echtgenote Barbara Kalweit (Miss Hamburg) kennen in 1964 bij de Miss-Germany-verkiezingen in Berlijn en hij stapte met haar in het huwelijksbootje in 1966. Zij zijn de ouders van presentatrice en actrice Caroline Beil. Peter Beil overleed in 2007 op 69-jarige leeftijd aan longkanker en werd bijgezet op het kerkhof van Hamburg-Altona.

The Tremeloes is een Britse groep die vooral succes had in de jaren zestig. Ze waren oorspronkelijk de begeleidingsband van Brian Poole.
Als Brian Poole & the Tremeloes hadden zij in Engeland vanaf 1961 een reeks hits, waarvan Do you love me in 1963 aldaar de eerste plaats van de hitparade bereikte. Toen het niet meer boterde tussen de leden van de begeleidingsband en hun voorman, gingen ze in 1965 elk hun eigen weg. Brian Poole verdween al snel in de anonimiteit. De Tremeloes (Alan Blakley, Len ‘Chip’ Hawkes, Rick West en Dave Munden) waren echter regelmatig in de internationale hitparades te vinden.
The Tremeloes begonnen in 1967 aan een half decennium van hits, te beginnen bij het door Cat Stevens geschreven Here comes my baby. Er volgden meer successen, waarvan Silence is Golden (1967) en My little Lady (1968) de grootste waren. De groep kenmerkte zich voornamelijk door pretentieloze uptempo songs, zoals Even the bad times are good (1967), Helule helule (1968) en Once on a Sunday morning (1969).
Het nummer Yellow River werd hen aangeboden door componist Jeff Christie, maar ze brachten het aanvankelijk niet zelf uit. De band Christie – rond Jeff Christie en de broer van gitarist Alan Blakley – werd speciaal gevormd om het nummer uit te brengen, waarbij de zangpartij van Jeff Christie werd toegevoegd aan de reeds ingespeelde begeleiding van The Tremeloes. Het resulteerde in 1970 in een grote hit. The Tremeloes zongen ook You en What Can I Do? van Raymond O’Sullivan (die later bekend zou worden als Gilbert O’Sullivan). Begin jaren zeventig probeerden The Tremeloes een iets ‘ruiger’ image aan te meten met rockachtige singles als Blue Suede Tie. De laatste hit is ook uit die tijd, maar toch meer ‘poppie’: I Like it That way (1972).
Net als veel andere bands uit de jaren zestig en zeventig zijn ook The Tremeloes bij tijd en wijle in ‘revivaloptredens’ terug te vinden. Dave Munden is in al die jaren de enige constante factor geweest, hoewel tegenwoordig ook Rick West (die zich weer Rick Westwood noemt) deel uitmaakt van de groep. Chip Hawkes heeft de groep een paar keer verlaten om vervolgens weer terug te keren, maar hij maakt de laatste jaren deel uit van de groep Class of ’64 met oud-leden van Smokie en The Rubettes.
Band leden:
Bron: Wikipedia
