Blonde moeder

Een kleine jongen komt huilend thuis van school.

“Wel”, zegt zijn moeder (van nature blond),” wat scheelt er”?

“Ik heb een nul voor aardrijkskunde gekregen”, zegt hij, ”ik wist niet waar Polen ligt”.

“Verdorie”, zegt zijn moeder, “hoe kan dat nou, geef me even de kaart van Nederland.

Ze zoekt en zoekt maar vindt het niet en zegt: “Deze kaart is niet gedetailleerd genoeg, geef me maar de kaart van Twente.

Na lang zoeken zegt ze: “Dat is toch onmogelijk, ik vind het hier ook niet en toch kan het niet ver weg zijn want, onze werkster komt uit Polen en ze is altijd met de fiets”.

Similar Posts

  • twee toeristen

    Twee toeristen bezoeken het plaatsje Natchitoches in Louisiana (VS). Ze discussiëren over hoe je nou eigenlijk de naam van dit plaatsje uitspreekt. Omdat ze er maar niet uitkomen, besluiten ze ergens in het dorp even een hapje te gaan eten. De ene toerist vraagt aan de blonde serveerster: “Mevrouwtje, kunt u eens, lángzaam en duidelijk uitspreken, voor twee simpele toeristen, hoe de plaats heet waar wij ons op dit moment bevinden?” De serveerster buigt zich over de tafel en zegt: “Buuuuuurrrrrrr-geeerrrrrr-kiiiiiiingggggggg…”

  • In de kroeg

    De kastelein vraag aan de man aan de bar wat hij wenst te drinken. ”Geeft u mij een pilsje”, zegt de man ”en geef die man met die pet op aan het tafeltje er ook een van mij.”

    Zo gezegd, zo gedaan. Als de man aan de bar zijn pilsje leeg drinkt zegt hij tegen de kastelein: “geeft u mij nog een pilsje en die man met de pet op geeft u ook nog een van mij”. Dat tafereel speelt zich zo nog vijf keer af, waarop de vriend van de man met de pet zegt: “geef mij jouw pet eens even, dan krijg ik ook eens iets van die kerel te drinken”. ”Oké” zegt de pettenman en geeft zijn vriend zijn pet.

    Vervolgens zegt de man aan de bar tegen de kastelein: “mag ik nog een pilsje van u en geef de man tegenover die met de pet op ook eens een van mij, want die ander heeft er al genoeg van mij gehad !”

  • Gestolen

    Een tachtigjarige vrouw werd gearresteerd voor winkeldiefstal. Toen ze voor de rechter stond, vroeg deze haar: “Wat heeft u gestolen?” De vrouw antwoordde: “Een blik perziken”. Toen de rechter haar vroeg waarom ze dat had gestolen, zei ze dat de honger had. Toen vroeg de rechter hoeveel perziken er in het blik zaten en de vrouw antwoordde: “6”. “Dan geef ik u 6 dagen gevangenisstraf”, zei de rechter.

    Plotseling stond de man van de vrouw op en verzocht te mogen spreken.

    De rechter stemde toe en de man zei: “Ze heeft ook een blik doperwten gestolen”.

  • Slakken

    Een man des huizes had net een maaltje slakken op en zeurde: “Ik lust er nog wel een paar vrouw, want zoals jij ze maakt, maakt niemand ze.” “Nou jong, dan zal jij ze zelf moeten gaan halen.” “Geen punt!” Nadat hem de weg was uitgelegd, waar hij ze moest gaan halen, ging hij fluitend de deur uit. Daar aangekomen: “Ik had graag nog wat slakken.” “Ja”, zei die slakkenboer, “ik heb er zoveel verkocht dat ik geen verpakkingen meer heb.” “Dat geeft niet”, zegt de man, terwijl hij zijn trui openhield. En zo ging ook naar huis. Maar onderweg kwam hij enkele vrienden tegen die vroegen om met z’n allen wat te gaan drinken. “Néé jongens!” Na wat zeuren … nou goed ééntje dan. Het werden er enkele meer en de tijd vloog om. “Jongens ik moet naar huis,” zei hij met een dikke tong. Zo schommelde hij even later naar huis. Thuis aangekomen kreeg hij de huissleutel niet meteen in het sleutelgat. Terwijl hij gebukt stond te richten, vielen de nog levende slakken vanuit zijn trui op de grond. Net toen hij de slakken weer terug wilde doen in zijn trui, vloog plots de deur open en daar stond zijn woedende vrouw. Eer dat zij de kans kreeg om hem de les te lezen, zei hij al lallend: “…allee jongens, nóg tien centimeter …. dan zijn we thuis!”

  • Een Priester

    Een jongetje stapte in de bus en ging naast een man zitten die een boek aan het lezen was.
    Hij zag dat de man z’n kraag achterstevoren droeg.
    Het jongetje vroeg waarom zijn kraag zo vreemd zat.
    De man, die priester was vertelde hem, “Ik ben een Vader”.
    Het jongetje antwoordde, “Mijn vader draagt zijn kraag niet zo”.
    De priester keek op van zijn boek en antwoordde,
    “Ik ben de vader van velen”.
    Het jongetje zei, ” Mijn vader heeft 4 zoons, 4 dochters en 2 kleinkinderen en hij draagt zijn kraag niet zo”.
    De priester, die nu ongeduldig werd zei, “Ik ben de vader van honderden”, en las verder in zijn boek.

    Het jongetje peinsde over dat laatste antwoord, leunde toen naar de priester en zei, “Misschien toch beter om in het vervolg een condoom te gaan gebruiken en je broek achterstevoren dragen in plaats van je kraag”.

Geef een reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *