Paracetamol

Een huisarts belt in het weekend met een loodgieter met de vraag of hij direct kan komen, want hij heeft water in de kelder. De loodgieter probeert de huisarts af te wimpelen en vraagt of het niet kan wachten tot maandag. Maar de huisarts staat erop dat de loodgieter direct komt. Daarop zegt de loodgieter toe dat hij direct gaat komen. Bij de huisarts aangekomen neemt deze hem mee naar de kelder, doet de deur open en de loodgieter ziet inderdaad dat de kelder vol water staat. De loodgieter vraagt de huisarts of die een paracetamol voor hem heeft. De huisarts gaat niet begrijpend een paracetamol halen en geeft deze aan de loodgieter. De loodgieter gooit de paracetamol in het water en zegt tegen de huisarts: “Ik ben weer weg, maar als het maandag niet over is moet je me bellen.

Similar Posts

  • Super

    Een groep politie agenten heeft als taak de hoogte te meten van een vlaggenmast. Zij begeven zich dus naar de mast met ladders en rolmaten. Een voor een vallen ze, of van de ladder, of laten de rolmaat vallen… Een goede oude wijkagent komt toevallig langs en ziet wat er gaande is. Hij trekt de mast uit de grond, legt hem plat, en meet dus de mast. Hij geeft de maten aan de andere politie agenten en gaat weg. Nadat de wijkagent vertrokken is draait een politie agenten zich al lachend om naar de anderen:

    – Dat is nu typisch een van de gemeente!!!

    – Wij vragen de hoogte en hij geeft ons de lengte !!!

  • Achternaam

    Een mevrouw komt met haar 14 kinderen bij de pastoor. De kleinste van 2 jaar oud komt bij de pastoor: de pastoor: “en jongen hoe heet jij?” Jongetje: “Jantje ” De volgende komt binnen. Pastoor: “en jongen hoe heet jij? ” Jongetje: “Jantje ” Pastoor: “Ah heet jij ook jantje? ” De oudste komt binnen(14 jaar). Pastoor: “En hoe heet jij jongen?” Jongen: “Jantje” Pastoor tegen moeder: Pastoor: “Heten al jouw zoontjes misschien Jantje.” Moeder: “Ja, dat is heel gemakkelijk: als ik roep:’Jantje opstaan’ staan ze allemaal op, als ik roep’ Jantje eten’ komen ze allemaal eten, als ik roep:’ Jantje slapen’ dan gaan ze allemaal slapen.” Pastoor: “En als je maar 1 iemand nodig hebt, hoe doe je dat?” Moeder: “Dan roep ik hun achternaam.”

  • Gesprek tussen chirurgen

    De eerste zegt:

    Ik heb het liefste een boekhoudstertje op mijn tafel.
    Als je haar opensnijdt, vind je alle organen genummerd.
    Verdomd makkelijk opereren.

    De tweede zegt:
    Ja, dat zal.
    Ik had een elektricien. Alles in het lichaam was geordend en op kleurcode.

    De derde zegt:
    Nee, nee.
    Mensen die in bibliotheken werken, die zijn het beste om te opereren.
    Alles in hun lichaam ligt op alfabetische volgorde.

    De vierde zegt hierop:
    Ik heb het liefste constructiebouwers.
    Die mannen hebben er begrip voor als je reserveonderdelen over hebt.

    De vijfde zegt uiteindelijk:
    Jullie hebben het allemaal goed mis.
    Politieke leiders zijn het makkelijkst.
    Geen ruggengraat, geen hart, geen ballen, geen hersenen
    en je kunt ongemerkt hun reet met hun kop verwisselen.
    Dat valt niemand op !!

  • De Juf voor de klas

     

    de juf staat voor de klas en vraagt aan de kinderen:
    ‘wie van jullie gaat naar de hemel?’
    iedereen steekt zijn vinger op behalve jantje.
    ‘waarom jij niet?’ vraagt de juf aan jantje.
    ‘nou, ik had beloofd dat ik na school direct naar huis zou gaan’
  • Verbolgen dametje

    Een kantoormedewerker vraagt aan zijn vrouwelijke collega:

    “Goh, leuk truitje. Van kamelenstof gemaakt misschien?

    Zij: “Hoezo?”

    “Nou, ik dacht vanwege die ….. twee bulten…

    “ff stil ……

    Zij: “Mmmm en die leren jas van jou dan,
    die is zeker van varkensleer…

    Hij : “Hoezo ?”

    ”de kop zit d’r nog aan!”

  • Telefoon

    • Om half vier ‘s nachts ging de telefoon bij Frits. Moeizaam kwam hij uit bed en vond op de tast de telefoon. “Spreek ik met meneer Van Rensburg?” vroeg een boze stem aan de andere kant van de lijn. “Ja, inderdaad,” mompelde Frits. “Met Smit van de overkant. Ik bel even om te zeggen dat het geblaf van uw hond me gek maakt. Laat hem alstublieft onmiddelijk ophouden.” De volgende nacht om drie uur ging de telefoon bij Smit. “Hallo?” mompelde hij slaperig. “Meneer Smit, met Van Rensburg van de overkant.” “Om drie uur ‘s nachts? Bent u gek geworden?” “Meneer Smit, ik bel even om te zeggen dat ik geen hond heb.

Geef een reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *