Drie directeuren

De drie directeurs van Grolsch, Heineken en Othmar Bier nemen op een ochtend om 10 over 7 de trein naar een Beurs in Amsterdam. Op een zeker moment is er een vertraging en ze besluiten samen iets te gaan drinken. Ze stappen een café binnen waar ze meer dan 120 verschillende bieren hebben.

De directeur van Grolsch roept : “Kastelein, drie Grolsch alstublieft.”

Nadat hun glas leeg is, roept de directeur van Heineken: “Hallo, barman, kan jij ons nog effe drie Heinekens serveren alsjeblief.”

Nadat deze op zijn, is het de beurt aan de directeur van Othmar Bier: “Kastelein, drie Heineken alstublieft!”

De directeurs van Grolsch en Heineken schrikken, en kijken elkaar verwonderd aan.

Plots zegt de directeur van Heineken: “Man, hoe kan dat nu? Je bent directeur van Othmar Bier en je bestelt drie Heineken?”

“Wel, ja,” zegt de directeur van Othmar Bier, op zijn uurwerk kijkend, “het is nog wat vroeg om bier te drinken!”

Similar Posts

  • De bootreis

    Er zit een meisje in een café nogal sip te kijken en te zuchten. Een jongen gaat naar haar toe, en vraagt wat er aan de hand is. ‘Nou,’ zegt het meisje, ‘ik zou zo graag mijn zus eens bezoeken in Zuid-Afrika, maar de bootreis is veel te duur.’ ‘O, maar dat komt goed uit,’ zegt de jongen, ‘want ik ben matroos. Ik wil je best in mijn plunjezak het schip op smokkelen.’ ‘Dat zou geweldig zijn,’ zegt het meisje, ‘maar wat moet ik daar voor doen?’ ‘Nou,’ zegt de jongen, ‘ik kom je elke avond eten brengen. En dan zou ik het fijn vinden als ik een half uurtje bij je mag komen liggen.’ ‘Dat is wel goed,’ zegt het meisje. Dus wordt het meisje het schip op gesmokkeld. Elke avond komt de matroos haar eten brengen, en blijft dan een half uurtje bij haar. Na drie weken vindt het meisje de reis wel lang gaan duren. Ze besluit maar eens naar boven te gaan. Boven gekomen ziet ze de kapitein lopen, en aan hem vraagt ze: ‘Kapitein, duurt het nog lang voordat we in Zuid-Afrika zijn?’ ‘Nogal,’ zegt de kapitein, ‘want dit is de veerboot naar Texel.’

  • Hond

    Om half twee ‘s nachts ging eergisteren de telefoon bij ons . Moeizaam kwam ik uit bed en vond op de tast de telefoon. “Spreek ik met meneer Osselaer?” vroeg een boze stem aan de andere kant van de lijn.

    “Ja, inderdaad,” mompelde ik .

    “Met Van Snick van de overkant. Ik bel even om te zeggen dat het geblaf van uw hond me gek maakt. Laat hem alstublieft onmiddellijk ophouden.”

    De volgende nacht om twee uur belde ik naar Van Snick. “Hallo?” mompelde hij slaperig.

    “Meneer Van Snick, met Osselaer van de overkant” riep ik door de telefoon!

    “Om twee uur ‘s nachts? Bent u gek geworden?”

    “Meneer Van Snick, ik bel even om te zeggen dat ik geen hond heb”.

     

  • Sneeuw

    Stefan en zijn blonde vrouw Anette luisteren tijdens het ontbijt naar de radio en horen de regionale nieuwslezer zeggen :
    “Er wordt 8 tot 10 cm sneeuw verwacht vandaag.
    Wilt u uw auto aan de kant van de straat parkeren met de oneven nummers, dan kan de sneeuwploeg er ongestoord langs rijden.”
    Anette gaat naar buiten en zet haar auto op de aangegeven plaats.
    Een week later, weer tijdens het ontbijt, meldt de nieuwslezer op de radio
    “We verwachten vandaag 10 tot 12 cm sneeuw.
    Wilt u uw auto aan de kant van de straat parkeren met de even nummers zodat de sneeuwploeg er ongestoord door kan?”
    Anette gaat naar buiten en plaatst haar auto weer op de aangegeven plaats.
     Weer een week later, weer tijdens het ontbijt zegt de nieuwslezer
    “Wij verwachten 12 tot 14 centimeter sneeuw.
    Wilt u uw auto . . .
    Op dat moment valt de stroom uit……………..
     Anette is in alle staten en met een bezorgd gezicht vraagt ze aan haar man Stefan:
    “Schat, nu weet ik niet wat ik moet doen.
    Aan welke kant van de straat moet ik nu de auto parkeren zodat de sneeuwploeg er ongestoord door kan???”
     Waarop Stefan met de liefde en begrip in zijn stem, zoals alle mannen hebben die met een blonde vrouw getrouwd zijn, antwoordt :
    “Schat, waarom laat je hem deze keer niet gewoon in de garage staan ???”
  • Een pastoor

    Een pastoor, die een wandeling maakt in de vrije natuur, komt in het drijfzand terecht.

    Wanneer hij ongeveer tot over zijn enkels is weggezakt, passeert er een brandweerwagen.

    “Heeft u hulp nodig?” vragen de brandweerlieden.

    “Nee dank u, niet nodig, “de Heer zal me bijstaan!”, antwoord de pastoor.

    Wanneer hij tot zijn middel is weggezakt, passeert de brandweerwagen hem opnieuw en de brandweerlieden vragen: “Heeft u hulp nodig?”

    “Nee, nee, dank u, niet nodig, de Heer zal me bijstaan!”, antwoordt de pastoor weer.

    Wanneer alleen het hoofd van de pastoor nog boven het zand uitsteekt, passeert de brandweerwagen voor de derde maal.

    “Heeft u nog steeds geen hulp nodig?”, vragen ze.

    “Nee, nee, nee, niet nodig, de Heer zal me redden!”, antwoordt de pastoor.

    Uiteindelijk verdwijnt de Pastoor helemaal in het zand!!!!

    Aangekomen in het paradijs zegt hij tot God: “Ik ben echt wel naïef. Ik dacht werkelijk dat U me te hulp zou komen!”

    Waarop de Heer antwoordt: “Ik heb je 3x de brandweer gestuurd. Ik zie niet in wat ik nog meer kon doen……!”

  • Houden

    Hoe langer je bij dezelfde vrouw bent, des te meer ze van je gaat houden:
    Als je verkering krijgt zegt ze: “Ik hou van je.”
    Tijdens de verloving zegt ze: “Ik hou heel veel van je.”
    Op je trouwdag zegt ze: “Ik hou steeds meer van je.”
    Met de scheiding zegt ze: “Ik hou alles van je.”

  • NIET BANG

    Gait heeft het over een dief die bij hem thuis ingebroken had.

    • Ja  mijn vrouw lag al in bed, toen ze de voordeur hoorde opengaan.

    Ze haalde haar deegrol tevoorschijn en begon hem links en rechts zodanig te slaan dat hij onmiddellijk weer de straat op vluchtte.

    • Nou, dat is moedig. Jouw vrouw is voor geen kleintje vervaard, zeg!

    Wat deed jij ondertussen?

    • Ik? Niks, ik was nog niet thuis.

    Ze dacht dat ik het was.

Geef een reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *