Leve de belastingen

Nadat hun vliegtuig is neergestort op een vlucht naar het zuiden, kan een koppel zich redden op een onbewoond eiland. Niets wijst erop dat ze nog zullen gevonden worden. De man vraagt zijn vrouw (blijkbaar is zij degene die de financiën beheert): ‘Lieverd, heb je onze inkomstenbelastingen betaald voordat je vertrok?’ En zij antwoordt: “Nee”. Hij vraagt haar ook: “Heb je onze onroerende voorheffing betaald voor vertrek?” En zij antwoordt: “Nee”. Hij vraagt haar ook nog: “En heb je onze verkeersbelasting betaald voordat je wegging?” En zij antwoordt andermaal: “Nee”. Dan springt de man recht, omhelst haar en kust haar uitzinnig. Ze vraagt hem waarom hij zo blij is.

Hij antwoordt: “Dan ze zullen ons zeker vinden!”

Similar Posts

  • Een Belg op de fiets

    Er komt een man op een fiets aangereden, vanuit België, Nederland binnen. Op de bagagedrager een zak met zand. Nederlandse douanebeambte: “Heeft u iets aan te geven?” Zegt de Belg: “Nee.” Douane: “Een Belg die niets smokkelt, asjemenou, wat heeft u dan in die zak?” Zegt de Belg: “Zand.” Tijdens de controle blijkt dat het inderdaad om zand gaat. Een week lang komt de man elke dag met zijn fiets bij de grens met een zak op de bagagedrager. Op de 8e dag wordt de douanebeambte toch wantrouwend. Douane: “Wat vervoert u in die zak?” Zegt de Belg: “Zand.” Douane: “Mmmmm, even kijken.” Deze keer wordt het zand gezeefd. Uitslag: alleen maar zand. Elke dag passeert de man met zijn fiets en een zak de grens. Na twee weken wordt het de douanier toch te bont en hij stuurt het zand naar een laboratorium voor nader onderzoek. Resultaat: het is alleen maar zand! Na twee verdere maanden van zandtransport houdt de douaneman het niet meer uit en hij zweert: “Ik geef u zwart op wit dat ik u niet zal aangeven, maar ik voel aan mijn klompen dat u iets smokkelt. Wat is het?” De man antwoordt: “Zoals u ziet, ik vervoer slechts een kleine hoeveelheid zand.”. De Nederlander is gefrustreerd en woedend en laat zich overplaatsen naar een andere grensovergang, specialiseert zich in zandsoorten en smokkeltrucs en het leven gaat verder. Na vijftien jaar wordt hij gepensioneerd en de dag nadien gaat hij de fietsende Belg bezoeken. “Nou zeg, luister eens. Jij hebt m’n leven grondig vergald, ik ben nu met pensioen, jij hebt gewonnen. Wil je me nou is precies vertellen wat jij eigenlijk smokkelde?!” 

    De Belg: “Fietsen!”

  • Frans

    Pietje vraagt aan Sandra: ken jij Frans??

    Sandra: ja dat is mijn oom.

    Pietje: nee ik bedoel spreek jij Frans??

    Sandra: ja hij komt zondag bij ons.

    Pietje: versta jij Frans ??

    Sandra: ja als hij Nederlands spreekt wel.

  • Sprekende klok

    SPREKENDE KLOK Een dronkenlap was trots op zijn nieuwe appartement en na een avondje uit toonde hij het aan enkele vrienden. Zo kwamen ze op de slaapkamer en daar hing een grote koperen gong. ‘Wat gebeurt er met die gong?’ vroeg een van de vrienden. ‘Het is geen gong. ‘t Is een sprekende klok,’ antwoordde de dronkaard. ‘Een sprekende klok? Eerlijk waar?’ vroeg zijn verbaasde vriend. ‘Jaaa,’ bevestigde de eigenaar. ‘En hoe werkt zoiets dan?’ vroeg de vriend met een achterdochtige blik. ‘Kijk,’ zei de zatlap. Hij nam het bijhorende slaghout, gaf de gong een oorverdovende klap en deed een stap achteruit. De drie gasten stonden verbaasd naar elkaar te kijken, tot plots… Iemand aan de andere kant van de muur schreeuwde, ‘Jij, vervelende zak! Het is verdorie kwart voor vier in de morgen!

  • Hoe noemen we??

    Er komt een professor bij een universiteit kijken of de studenten wel slim genoeg zijn. Hij vraagt of de slimste student even bij hem wil komen voor een paar vraagjes. Nou dus die jongen komt naar de professor toe. En de professor begint met de eerste vraag:
    “Hoe noemen we het ding om naar de sterren te kijken?”
    Waarop de student antwoordt:
    “Een telescoop.”
    “Goed,” zegt professor, “en om naar bacterien te kijken?”
    “Een microscoop.”
    “Goed. En nu een lastige: Hoe noemen we het ding om door muren te kijken?”
    Waarop de student vraagt:
    “Kan dat dan?”
    “Ja,” zegt de professor.
    “Waarmee dan?” vraagt de student.
    “Met een raam, mijn beste jongen, met een raam!”

  • Luie Mensen

    De nieuwe baas wil luie werknemers per direct ontslaan. Hij doet zijn ronde in de fabriek en ziet iemand tegen de muur geleund. Hij vraagt: “He, jij daar, hoeveel verdien je per week?” “400 euro, mijnheer.” “Goed”, zegt de nieuwe baas: “blijf staan waar je staat.” De baas snelt naar zijn bureau en keert ijlings terug met enkele bankbiljetten. Hij zegt: “Neem deze 800 euro en ik wil je hier niet meer zien.” De jongeman neemt het geld aan en maakt zich uit de voeten. Triomfantelijk kijkt de baas naar de werknemers die getuigen waren van het incident en zegt:”Kan iemand me vertellen wat die luie kerel precies deed?” Een klein stemmetje antwoordt:”Hij bracht net een Pizza en wachtte op zijn centen…”

  • Das om!

    Een toerist doolt rond in de woestijn. Hij vergaat van de dorst en kan amper nog lopen. Plots verschijnt er een man op een kameel. Er hangen zo’n 30 dassen over zijn rechterarm.
    – Water roept de toerist.
    – Ik heb geen water, antwoordt de man op de kameel, maar ik kan u wel een prachtige das verkopen voor 15 euro.
    – Ik wil geen das, ik wil water, zegt de man.
    – Voor 25 euro krijgt u twee dassen.
    – Ik wil geen dassen! Zeg me gewoon waar ik water kan krijgen.
    – Oké. Ga de richting uit van waaruit ik kom. Even verder zult u een kleine palmboom en een gebouw zien staan. Daar kunt u water vinden. De man op de kameel galoppeert verder en de toerist volgt de aangewezen weg. Plots staat hij voor een restaurant.
    – Water, zegt hij tegen de man aan de ingang.
    – Ja, veel water hier, antwoordt hij.
    – Goddank, geef me snel een hele fles!
    – Het spijt me, meneer, wij bedienen alleen mensen die een das dragen.

Geef een reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *