Vieze voeten
Klaas komt op een feestje. Hij vraagt netjes of binnen mag komen. “Natuurlijk,”zegt de jarige, “maar ik heb vuile voeten,” zegt Klaas. “Geeft niet,” zegt de jarige. “Je hebt toch schoenen aan?”
Klaas komt op een feestje. Hij vraagt netjes of binnen mag komen. “Natuurlijk,”zegt de jarige, “maar ik heb vuile voeten,” zegt Klaas. “Geeft niet,” zegt de jarige. “Je hebt toch schoenen aan?”
Uit het niets werd er gisteren keihard op de deur geklopt: “politie open maken, anders stampen we de deur in”. Ondanks dat ik nog half van de kaart ben hoor ik wel dat ze het menen. Verstandig dat ik ben, trek ik vlug een broek en shirt aan, en maak ik de deur open. En jaah hoor, hebben ze een huiszoekingsbevel. —“goedemorgen mevrouw, er zijn vermoedens dat er op deze locatie een hennepplantage aanwezig is, nu willen wij graag even rondkijken”.. “Moet dat met zoveel herrie?” Maarre, doe je ding, en maak niet teveel rotzooi aub. Oooow, en als je bij de laatste stal bent, moet je mij even roepen, dat is er eentje met een gebruiksaanwijzing, die maak ik wel voor je open..” Blijkbaar was ie nu op zijn pikkie getrapt want hij trekt meteen een A4 uit zijn binnenzak.. “Zie jij dit huiszoekingsbevel? Hiermee heb ik toegang tot al jouw ruimtes, en heb ik jouw hulp nergens voor nodig. Als het echt nodig is, heb ik hier zelfs binnen no-time 10 man met sloop gereedschap.” Nu moest ik echt mijn best doen om me in te houden. “Snap ik meneer, maar dat gaat niet nodig zijn hoor, als je de staldeur naar beneden drukt moet ie zonder problemen open gaan.” Maar ik zou zeggen: leef je uit, en dan ga ik nu een bakje koffie doen.” Vervolgens zit ik lekker aan mijn keukentafel een bakje koffie te drinken, zie ik die strepenjager rennen alsof zijn leven er van af hangt. “Help help, er zit een stier achter mij aan..
Omdat bij een bakje koffie een peuk hoort, steek ik een peuk op en schreeuw vervolgens:
“IK ZOU HEM DAT HUISZOEKINGSBEVEL LATEN ZIEN”..
Jantje zit bij opa op schoot in de kantine van het bejaardentehuis. En opeens roept er een bejaarde in de zaal:
“12!”
De hele zaal lacht zich kapot. Roept er een andere bejaarde:
“34!”
En weer ligt de zaal in een deuk.
“Waarom lachen jullie?” vraagt Jantje aan opa.
“Nou,” zegt opa, “We hebben alle moppen genummerd.”
“O,” zegt Jantje tegen opa, “Dat kan ik ook” en roept:
“86!”
De hele zaal blijft doodstil.
“Waarom lachen jullie niet?” vraagt Jantje verbijsterd aan opa.
Zegt opa:
“Die kenden we nog niet”.
Een jaar of tien geleden nam ik in de luchthaven van Buenos Aeres een vliegtuig richting Frankrijk. De kapitein nam de micro en zei : “Ik verwelkom iedereen aan boord voor de vlucht naar de luchthaven Charles De Gaulle in Parijs. De vlucht zal verlopen zonder incidenten en ik raad de passagiers aan om na de film even de ogen te sluiten om…..” Plots werd de verbinding enkele seconden verbroken en dan hoorden we een verschrikkelijke gil en de kapitein die riep : “Oei oei oei !!!! Oh mijn God ! ” Daarna was alles stil. Ik en de andere passagiers bekeken elkaar angstig. De hostesses liepen heen en weer. Nochtans bleef het vliegtuig op dezelfde hoogte. Plots hoorden we gekraak in de micro en we hoorden terug de kapitein. “Dames en Heren, mijn oprechte verontschuldigingen. Maar een hostess heeft een tas kokende koffie op mijn schoot laten vallen. Je moest de voorkant van mijn broek eens zien !”
“Dat is niks !”, schreeuwde ik terug , “Je moet die van mij langs achter eens zien !!!”
Er komt een man bij Sint-Petrus aan de hemelpoort. Sint-Petrus vraagt hem of hij tijdens zijn leven op Aarde ooit een goede daad gedaan heeft, waardoor hij zonder twijfel in de hemel thuishoort.
“Ik kan mij wel zoiets herinneren”, zegt de man.
“Ik kwam langs een parkeerplaats op de A2 en daar was een groep motorrijders een paar vrouwen aan ‘t lastigvallen.
Ik riep dus dat ze daar moesten mee ophouden, maar dat hielp niet echt. Toen ben ik op de grootste toe gestapt, heb hem van zijn motor gesleurd, hem op de grond gesmeten, een flinke stomp op zijn neus verkocht en zijn neuspiercing eruit getrokken. Daarna heb ik naar die andere leernichten geroepen: ‘En nu oprotten jullie, of ik leg jullie er allemaal naast!'”
Petrus was onder de indruk en vroeg: “Wanneer was dat precies?”Antwoordt de man: “Een half uur gelden volgens mij.”
Het is een hete zomerdag geweest en net als mama haar kind in bed wil stoppen breekt een hevig onweer uit. De kleine jongen is doodsbang en met een trillende stem vraagt hij: ‘Mama, wil je bij mij slapen vannacht?’ Moeder geeft haar zoontje een flinke knuffel en zegt: ‘Dat kan niet, ik moet bij papa slapen.’ Het jongetje is even stil en zegt dan: ‘Wat een grote bangerik is hij toch, hè?’