Brief aan God

Een arm vrouwtje schreef een brief aan God, adres “Hemel”, waarin ze 2000 euro vraagt om om haar huurschuld af te betalen. De sorteerders van de Post weten geen raad met het adres en maken de brief open.. Ze zijn zo ontroerd door het lot van het arme vrouwtje, dat ze met de pet rondgaan. Zo halen ze 1800 euro op. Dit bedrag doen ze in een envelop met een briefje van “God” erbij en sturen het terug aan het oude dametje. Een week later ontvangt de Post weer een brief gericht aan God, adres : “Hemel”. Ze maken de brief weer open en lezen: “Lieve God, bedankt voor het geld. Als u nog iets kunt missen, stuur het dan niet meer via de Post, want die rotzakken hebben er 200 Euro uit gepikt…”

Similar Posts

  • Brandweer

    Een brandweerman staat buiten bij de brandweerkazerne te sleutelen aan de motor van een pomp. Opeens hoort hij achter zich een lief stemmetje dat zegt:
    “Dag meneer de brandweer.”
    Hij draait zich om en ziet een klein meisje van een jaar of zes, dat in een bolderwagen zit. De bolderwagen is omgebouwd tot een brandweerwagen, compleet met ladder en brandslangen. De wagen wordt getrokken door een hond en een kat. Complimentjes makend over wat hij ziet loopt hij rondom de bolderbrandweerwagen. De hond is met een riem aan zijn halsband voor de kar gespannen. De kat, het blijkt een kater, zit vast aan de kar via een touwtje om zijn testikels. Een beetje verbaasd zegt de brandweerman tegen het lieve wicht:
    “Ik wil me er niet mee bemoeien, maar volgens mij trekt die kater de kar beter als je hem ook aan een halsband vastmaakt.”
    “Dat weet ik”, zegt het meisje, “maar dan heb ik geen sirene!”

  • De waarheid komt uit een kindermond:

    Klein Jefke kijkt gefascineerd toe als zijn moeder hui crème op haar gezicht smeert. “Waarom doe je dat, mammie?”, vraagt hij. “Om mezelf mooi te maken natuurlijk”, zegt moeder en even later begint ze de crème af te vegen met een doekje. Klein Jefke kijkt bezorgd en zegt: ” ‘t helpt niet he mammie ? “

  • Positief

    Een Surinaamse zakenman moet op zakenreis naar het buitenland.
    Hij roept zijn trouwe Javaanse knecht Tjokro en zegt hem dat hij op het huis moet passen en dat hij hem bij elk probleem dat zich voordoet moet bellen.
    Na enkele dagen niets te hebben gehoord wordt de zakenman ongerust en belt zelf Tjokro op.
    “Dag Tjokro, hoe gaat het?”
    “Alles zéér slecht, meneer.”
    “Waarom, wat is er gebeurd?”
    “Ik heb steel van schop gebroken.”
    “Maar Tjokro, potdomme, je hebt mij bijna een infarct bezorgd door te zeggen dat het slecht gaat en het is slechts de steel van de schop die gebroken is??”
    Hij haalt eens diep adem en vraagt dan: “hoe is dat gebeurd?”
    “Het gebeurde bij begraven van hond.”
    “Wat, mijn hond?! Is ie dood? Hoe kan dat nu?”
    “Hij in zwembad gevallen.”
    “Maar Tjokro, hoe kan een terrier verdrinken, hij kon zwemmen als een vis!”
    “Geen water in zwembad, hij erin spring, en is dood gevallen.”
    “Hoe zo geen water in het zwembad, vorige week is het zwembad gereinigd en toen ik vertrok was het nog vol water!”
    “Ja maar, water genomen door de brandweer om brand te blussen.”
    “Welke brand, Tjokro?!”
    “Huis is in brand gevlogen, meneer.”
    “Mijn huis? Maar hoe is dat mogelijk?”
    “Rouwdienst voor uw moeder, kaars te dicht bij gordijn en alles verbrand.”
    “Is mijn moeder dood? Wij hebben vorige week pas haar 70ste verjaardag gevierd en zij was nog kerngezond!”
    “Uw moeder kon andere nacht niet slapen, ging slaapmiddel vragen aan mevrouw, die was met uw beste vriend in bed en toen moeder is dood gevallen van de schrik.”
    “Mijn vrouw heeft mij bedrogen met mijn beste vriend?? Kun je mij dan niets positiefs vertellen, Tjokro?”
    “Jawel, meneer, herinnert u zich dat u 14 dagen geleden aidstest hebt gedaan?”
    “Ja, en?!”
    ” Wel, is positief, meneer!”

  • Vraag aan de chauffeur

    De passagier zit al een tijdje achterin de taxi wil de chauffeur wat vragen, dus tikt hij de man even op z’n schouder om zijn aandacht te trekken. De taxichauffeur geeft een geweldige schreeuw en verliest de macht over het stuur. Het voertuig mist op een haartje na de tram, ramt bijna de voorpui van een monumentaal bordeel, alvorens op het trottoir tussen tientallen driftig fotograferende Japanners tot stilstand te komen. Het is even stil in de taxi. Dan zegt de chauffeur: “Meneer, wilt u dat nóóit meer doen. Ik ben me dood geschrokken.” De passagier zegt dat hij niet had geweten dat de chauffeur zo zou schrikken van een klein tikje op z’n schouder. Waarop de bestuurder zegt: “Het is uw schuld niet hoor. Maar vandaag is mijn eerste dag als taxichauffeur. Hiervoor heb ik 25 jaar lijkwagens gereden.”

  • Lezen

    Lees de zinnen achter elkaar hardop voor.

    ik zo kat
    ik hou kat
    ik je kat
    ik een kat
    ik sukkel kat
    ik ongeveer kat
    ik veertig kat
    ik seconde kat
    ik van kat
    ik zijn kat
    ik werk kat
    ik af kat

    dit slaat nergens op die zinnetjes.

    Lees nu van de zinnen de middelste woorden achter elkaar op.

  • Moppen tappen

    Jantje zit bij opa op schoot in de kantine van het bejaardentehuis. En opeens roept er een bejaarde in de zaal:
    “12!”
    De hele zaal lacht zich kapot. Roept er een andere bejaarde:
    “34!”
    En weer ligt de zaal in een deuk.
    “Waarom lachen jullie?” vraagt Jantje aan opa.
    “Nou,” zegt opa, “We hebben alle moppen genummerd.”
    “O,” zegt Jantje tegen opa, “Dat kan ik ook” en roept:
    “86!”
    De hele zaal blijft doodstil.
    “Waarom lachen jullie niet?” vraagt Jantje verbijsterd aan opa.
    Zegt opa:
    “Die kenden we nog niet”.

Geef een reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *