Gesprek tussen chirurgen

De eerste zegt:

Ik heb het liefste een boekhoudstertje op mijn tafel.
Als je haar opensnijdt, vind je alle organen genummerd.
Verdomd makkelijk opereren.

De tweede zegt:
Ja, dat zal.
Ik had een elektricien. Alles in het lichaam was geordend en op kleurcode.

De derde zegt:
Nee, nee.
Mensen die in bibliotheken werken, die zijn het beste om te opereren.
Alles in hun lichaam ligt op alfabetische volgorde.

De vierde zegt hierop:
Ik heb het liefste constructiebouwers.
Die mannen hebben er begrip voor als je reserveonderdelen over hebt.

De vijfde zegt uiteindelijk:
Jullie hebben het allemaal goed mis.
Politieke leiders zijn het makkelijkst.
Geen ruggengraat, geen hart, geen ballen, geen hersenen
en je kunt ongemerkt hun reet met hun kop verwisselen.
Dat valt niemand op !!

Similar Posts

  • De Juf voor de klas

     

    de juf staat voor de klas en vraagt aan de kinderen:
    ‘wie van jullie gaat naar de hemel?’
    iedereen steekt zijn vinger op behalve jantje.
    ‘waarom jij niet?’ vraagt de juf aan jantje.
    ‘nou, ik had beloofd dat ik na school direct naar huis zou gaan’
  • Last van mijn kruisje als het regent

    Er komt een lilliputter vrouwtje bij de dokter. Ze klaagt: “O dokter, ik heb toch zo’n last van mijn kruisje als het regent.” “Tja,” zegt de dokter, “vandaag is het mooi weer, dus nu heeft u zeker geen last?” “Nee, vandaag niet,” zegt het vrouwtje. “Nou,” zegt de dokter, “komt u dan terug als het regent.” Een paar dagen later komt het vrouwtje terug als het regent. “En?” vraagt de dokter: “Hebt u vandaag wel last?” “Ja, vandaag wel,” zegt het vrouwtje. “Gaat u dan maar even achter het scherm staan,” zegt de dokter. Als het vrouwtje en de dokter achter het scherm zijn verdwenen, hoort de assistente de dokter vragen: “Mag ik even een schaar alstublieft?” De assistente gaat de schaar brengen. Even later komen de dokter en het vrouwtje weer achter het scherm vandaan. “Loopt u nu eens even rond,” zegt de dokter tegen het vrouwtje, “heeft u nu nog last?” “Nee,” zegt het vrouwtje, “dank u dokter, het is helemaal over.” Hierop vertrekt het vrouwtje. Ondertussen is de assistente bloed nieuwsgierig geworden en vraagt: “Dokter, wat heeft u nu eigenlijk gedaan?” “Gewoon,” zegt de dokter, “tien centimeter van d’r kap laarsjes afgeknipt.”

  • Moeilijke vragen

    De inspecteur heeft de leerlingen de hele namiddag tot wanhoop gedreven met zijn moeilijke vragen..

    • Wil iemand misschien nog iets weten over de spoorwegen in ons land? vraagt hij.
    • Jawel meneer, antwoordt Erik, hoe laat vertrekt uw trein?

     

  • Inbraak

    Bij een blonde studente wordt ingebroken. “Stil!” dreigt de inbreker, “ik zoek geld!” “Wacht even,” antwoord het blonde studentje, “dan zoek ik mee!”

  • Een scout van voetbalclub Ajax vertelt de trainer dat hij een fantastische jonge Irakese spits aan het werk heeft gezien in Bagdad. De trainer stapt onmiddellijk op het vliegtuig om een wedstrijd te gaan bekijken. De trainer is behoorlijk onder de indruk, de spits maakt drie mooie doelpunten. Hij laat de speler een contract ondertekenen en neemt hem mee naar Amsterdam. Vijf weken later: Ajax staat 4-0 achter tegen Feijenoord. Er zijn nog maar twintig minuten te spelen. De trainer brengt de Irakees op het veld. Die scoort vier sensationele doelpunten en kopt in de allerlaatste minuut het winnende doelpunt binnen. Onmiddellijk na de wedstrijd belt de kerel naar zijn moeder: “Ik heb vandaag twintig minuten meegespeeld en heb al meteen vijf doelpunten gescoord!”, zegt hij enthousiast. “De spelers en supporters dragen mij hier allemaal op handen”. “Tof”, zegt zijn moeder, “maar ik zal je eens vertellen hoe mijn dag was. Je vader is op straat beschoten! Je zus en ik zijn aangevallen en geslagen en je broer is lid geworden van een bende criminelen. En dat allemaal terwijl jij de tijd van je leven hebt!”

    De Irakees is onder de indruk: “Ja, wat kan ik zeggen mama? Het spijt me” “Het spijt je?!” zegt de moeder, “het is wel voor jou dat we naar Amsterdam verhuisd zijn, hé

  • Gedronken?

    Ik werd laatst met mijn auto aangehouden op de Almelosestraat. Vraagt die agent: “Meneer, heeft u gedronken?” Ik zeg: “Wat zegt u, ober?” Foutje natuurlijk, dus die agent vraagt nogmaals of ik gedronken heb. “Een biertje of dertig, een paar whisky’s en een paar glazen wijn.” Zegt die agent: “Dan moet u toch even blazen.” Ik zeg: “Hoezo? Geloof je me niet?”

Geef een reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *